tv LIVE radio LIVE tv LIVE
meer NPO start
EenVandaag Opiniepanel

Van hoge verwachtingen naar 1 zetel bij de Europese verkiezingen: hierop haakten NSC-kiezers af

Van hoge verwachtingen naar 1 zetel bij de Europese verkiezingen: hierop haakten NSC-kiezers af
NSC-partijleider Pieter Omtzigt tijdens het debat over het hoofdlijnenakkoord
Bron: ANP

Bij de oprichting van NSC waren de verwachtingen hooggespannen: de partij peilde 27 zetels en maar liefst 81 procent van alle kiezers had vertrouwen in Omtzigt. Een half jaar na de verkiezingen is een groot deel van zijn kiezersgroep toch ontevreden.

Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder 1.800 landelijke NSC-kiezers van het Opiniepanel. Van hen geven 3 op de 10 (29 procent) aan ontevreden te zijn met hoe de partij het sinds de Tweede Kamerverkiezingen heeft gedaan.

Vertrouwen in Omtzigt afgenomen

Ook het vertrouwen van zijn eigen kiezers in partijleider Omtzigt nam in het afgelopen half jaar flink af. Vlak na de verkiezingen leek dat vertrouwen nog rotsvast (94 procent), maar na een stroeve formatieperiode heeft nog iets meer dan de helft (56 procent) vertrouwen in hem.

Vertrouwen NSC-kiezers in partijleider Omtzigt

Een deel van zijn kiezers is positief over Omtzigts 'integriteit' en 'standvastigheid' in de onderhandelingen. Anderen geven aan dat de manier waarop, met 'weglopen', 'lang twijfelen' en 'drammen' hen doet twijfelen aan Omtzigts leiderschapskwaliteiten. "Ik vind hem nog steeds een uitstekende volksvertegenwoordiger, maar dit is een andere rol. En die beheerst hij niet altijd even goed."

Bekijk ook

Te weinig Europese ervaring

Die kritiek vertaalde zich door in de uitslagen bij de Europese verkiezingen. Waar de NSC landelijk nog 20 zetels binnenhaalde, koos slechts 14 procent van die kiezers vorige week opnieuw voor dezelfde partij.

NSC-kiezers die vorige week een overstap maakten, twijfelden bijvoorbeeld of de partij genoeg Europese ervaring zou hebben. "Ik heb NSC gestemd om een nieuwe impuls aan het Nederlandse politieke landschap te geven", laat een deelnemer weten, "maar op Europees niveau heb ik meer vertrouwen in een stabiele, gevestigde partij." Kiezers die daarom meer 'op zeker wilden spelen', kozen bijvoorbeeld voor het CDA.

Gevoelige samenwerking met PVV

Tegelijkertijd speelden ook tactische overwegingen een rol om over te stappen op een andere partij. Ruim 3 op de 10 (31 procent) van de voormalige NSC-kiezers gaven aan dat zij met hun stem links óf rechts het grootst wilden maken.

Reden daarvoor is samenwerking met de PVV, die onder de achterban splijt. Voorstanders van die samenwerking kozen vorige week bijvoorbeeld PVV voor 'een zo rechts mogelijk Europa', terwijl tegenstanders juist strategisch kozen voor GroenLinks-PvdA als 'partij die kon winnen van PVV'.

Bekijk ook

Lage verwachtingen van kabinet

Daar komt bij dat de NSC-kiezers die bij de partij afhaakten minder te spreken waren over het gesloten hoofdlijnenakkoord. Minder dan de helft (46 procent) van hen verwacht dat de coalitie van PVV, VVD, NSC en BBB de komende jaren zal doen wat zij belangrijk vinden.

3 op 10 (29 procent) afhakers trokken daarom bij de Europese verkiezingen naar een partij die meer uitgesproken standpunten hadden op thema's die deze kiezers belangrijk vinden. Op het thema migratie profiteerde vooral de PVV daarvan, terwijl de meer links georiënteerde kiezers uitweken naar D66, GL-PvdA of Volt op thema's als klimaat en Europese samenwerking.

'Harde kern' blijft

Met het afhaken van deze kiezers, wordt ook duidelijker aan welke thema's de 'harde kern' van de overgebleven NSC-kiezers de meeste waarde hechten. Kiezers die vanwege specifieke standpunten op een thema opnieuw NSC stemden, noemen daarbij vooral de bestuurscultuur.

Die groep heeft er juist wél veel vertrouwen in dat Omtzigt die ambities voor elkaar kan krijgen (65 procent). Hoewel ook de overgebleven kiezers vonden dat het weglopen bij de formatie 'geen schoonheidsprijs' verdiende, zijn zij tevreden dat hij 'vasthield aan zijn beloften aan de kiezer'. "In een coalitieland kun je niet alle speerpunten binnenhalen, maar mijn partij heeft een goed stempel kunnen drukken op het resultaat."

Bekijk ook

Hoe is het vertrouwen in de partijleiders van de coalitiepartijen?
info

Over dit onderzoek

Het onderzoek is gehouden van 10 tot en met 11 juni 2024. In totaal deden 1.809 mensen mee. Het onderzoek is na weging representatief voor zes variabelen, namelijk: leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur, gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2023.

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Grote natuurbrand BIJ Ede roept vraag op: zijn we wel genoeg voorbereid op droogte? Het ligt niet alleen aan te weinig regen

Meerdere natuurbranden en een sproeiverbod in Brabant: het is erg droog. En dat terwijl het pas begin april is. Wapenen we ons wel goed genoeg tegen droogte? "Er is in de winter vrij veel regen gevallen, maar dat water is voor een groot deel afgevoerd."

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Publieke omroep gaat op de schop: wat gaat de kijker daarvan merken? 'Programma's verdwijnen en meer herhalingen'

Publieke omroep gaat op de schop: wat gaat de kijker daarvan merken? 'Programma's verdwijnen en meer herhalingen'
Bron: ANP

De kogel is door de kerk: de publieke omroep wordt grondig hervormd. Van de dertien omroepen blijft een handvol 'omroephuizen' over en de NTR verdwijnt, waardoor nog onduidelijk is wie programma's als Het Klokhuis en het Sinterklaasjournaal gaat maken.

Minister Eppo Bruins, die verantwoordelijk voor is mediabeleid, heeft zijn plannen vandaag in een brief naar de Tweede Kamer gestuurd. Volgens hem moet de publieke omroep beter inspelen op veranderingen in de samenleving en de opkomst van de grote techbedrijven, die de digitale media domineren. Ook wil Bruins 157 miljoen euro bezuinigen.

'Iedereen een plek geven'

"Wat we nodig hebben is een publieke omroep die beter samenwerkt, waar men met elkaar ervoor zorgt dat er meer geluid vanuit de samenleving terechtkomt in de omroepen en de programma's", zegt Bruins over het doel van zijn plannen. "Wat ik hoop is dat we over een paar jaar nog die mooie programma's zien die we nu ook zien, maar dat we merken dat iedereen een plek krijgt in het bestel."

In het huidige omroepbestel gaat dat nu niet goed, vindt de minister. Om een nieuw geluid te laten horen moet je eerst een compleet nieuwe omroep oprichten, met het daarbij minimaal 50.000 leden en een volledig nieuwe organisatie. Tussen een idee en het eerste programma zit volgens hem te veel tijd.

Vier of vijf 'omroephuizen'

Om dit te veranderen, en om kosten te besparen, moeten de huidige dertien omroepen van Bruins - als alles meezit - in 2029 opgaan in vier of vijf 'omroephuizen'. Daarmee is het bijna onvermijdelijk dat bekende omroepnamen zullen verdwijnen. In de toekomst hoeven omroepen bovendien geen leden meer te hebben en kunnen er geen nieuwe omroepen meer toetreden tot het bestel.

Maar om ervoor te zorgen dat alle geluiden die te horen zijn in de maatschappij ook daadwerkelijk een plek krijgen op televisie, radio en internet, wil de minister de omroephuizen verplichten om 'mee te bewegen met veranderende geluiden in de samenleving'. Hoe dat er in de praktijk uit moet gaan zien en wie daar toezicht op houdt, moet nog worden uitgewerkt, erkent hij.

Publieke omroep gaat grondig op de schop: wat gaat de kijker daarvan merken? 'Meer herhalingen'

Wat merkt de kijker?

Wel is het 'onvermijdelijk' dat de kijker of luisteraar iets gaan merken van de plannen, erkent de minister. Dat komt door de jaarlijkse bezuiniging van bijna 160 miljoen euro, maar ook door het verdwijnen van een omroep als de NTR. Die maakt educatieve programma's en (educatieve) jeugdprogramma's. Denk aan Het Klokhuis en het Sinterklaasjournaal, maar ook programma's als Andere Tijden.

De hervormingen van de publieke omroepen leveren volgens Bruins daarnaast niet genoeg geld op om te voorkomen dat in de toekomst ook programma's van andere omroepen op radio en televisie geschrapt zullen moeten worden.

Bekijk ook

'Meer herhalingen'

"Dit zal leiden tot meer herhalingen en minder productie", verwacht mediahistoricus en omroepdeskundige Huub Wijfjes van de Rijksuniversiteit Groningen. Ook is het volgens hem de vraag wie programma's als Het Klokhuis en het Sinterklaasjournaal - 'die breedgedragen zijn' - zal overnemen.

"De minister wil dat de educatieve taken naar andere omroepen gaan", legt hij uit. "Maar wie neemt dat soort programma's over? Of de geschiedenisprogramma's? Dat is onduidelijk."

Terug naar oude systeem

De mediahistoricus zegt dat Nederland met het nieuwe omroepbestel terugkeert naar het systeem dat voor 1968 bestond: omroepen die voor eeuwig in het bestel zitten omdat nieuwe omroepen niet kunnen en mogen toetreden.

En met het opheffen van de NTR, een zogenoemde 'taakomroep' die culturele en educatieve programma's moet uitzenden, keren we volgens Wijfjes terug naar de situatie van voor 1992. "Mijn grootste zorg is: hoe wordt de kwaliteit overeind gehouden met minder geld?"

Bekijk ook

'Eindelijk alles op de schop'

VVD-Kamerlid Claire Martens is juist tevreden dat het omroepbestel nu eindelijk op de schop gaat. Haar partij pleit al jaren voor een grondige stelselherziening omdat de publieke omroep niet meer bij de tijd zou zijn.

In het plan van minister Bruins zegt Martens grotendeels haar eigen plannen terug te zien. "Focus op waar wat ons betreft eigenlijk de publieke omroep voor is. Dus meer op journalistiek, en op het maken van culturele programma's."

Minder geld, minder kwaliteit?

Het Kamerlid zegt dat het 'een feit' is dat de publieke omroep het moet gaan doen met minder geld. "Maar dat betekent niet dat de mensen thuis daar last van gaan hebben", vertelt ze. "Wij willen al die managementlagen, al die bestuurslagen gaan afzwakken. Dus minder geld naar de publieke omroep betekent niet minder geld naar de journalistiek."

Maar volgens omroepdeskundige Wijfjes is dat nog maar de vraag: "De hervorming hinkt op twee gedachten: enerzijds bezuinigen, maar anderzijds investeren in de publieke omroep en journalistiek. Dat is moeilijk met elkaar te verenigingen."

Bekijk ook

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Ook interessant