radio LIVE tv LIVE
meer NPO start
EenVandaag Opiniepanel

Deuk in imago Giro555 door omstreden actiedag oorlog Midden-Oosten: minderheid vindt onderwerp geschikt

Deuk in imago Giro555 door omstreden actiedag oorlog Midden-Oosten: minderheid vindt onderwerp geschikt
De laatste Giro555-actiedag was vorig jaar, voor de slachtoffers van de aardbeving in Turkije en Syrië
Bron: ANP

Slechts 3 op de 10 vinden het goed dat er morgen een actiedag is voor 'alle slachtoffers van de oorlog' in Gaza, Libanon en Israël. Eerdere gevers houden nu de hand op de knip en het imago van Giro555 krijgt een flinke deuk.

Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder ruim 22.000 leden van het Opiniepanel in aanloop naar de landelijke actiedag die morgen plaatsvindt. Op radio en televisie worden mensen in het land de hele dag gevraagd om geld te geven voor de slachtoffers van de oorlog in Libanon, Gaza en Israël. Maar bij veel van die mensen leeft flinke weerstand.

Contrast met vorige actie

Zo vindt maar 29 procent het een goede zaak dat er voor oorlogsslachtoffers in deze drie landen een actiedag komt. Een behoorlijk contrast met de vorige actie na de aardbeving in Turkije en Syrië, in februari 2023.

Toen zei twee derde (64 procent) dat doel van de actie geschikt te vinden voor een landelijke dag.

Vinden mensen het een goede of slechte zaak dat er een actiedag komt voor de slachtoffers van de oorlog in het Midden-Oosten?

'Nog meer polarisatie'

"Dit conflict zorgt voor nog meer polarisatie dan de Pietendiscussie. Met zo'n actiedag gaan de schreeuwers er weer met de aandacht vandoor. Je zag het ook op 7 oktober", zegt een deelnemer, die verwijst naar de herdenking van de aanval op Israël vorig jaar.

Een ander verwoordt een sentiment dat breder leeft als volgt: "Er is genoeg geld voor wapens. Dat kunnen ze beter voor de slachtoffers gebruiken. Alles overhoop bombarderen en vervolgens moeten wij maar betalen om de boel weer op te bouwen."

Liever geen geld naar Israël

Ook deelt een groep de onvrede die sommige media deze week uitten over de verdeling van de opbrengst. Hoewel het percentage volgens hulporganisaties niet vaststaat, gaat er naar verluidt 5 procent naar slachtoffers in Israël.

Dat terwijl een derde (35 procent) vindt dat er helemaal geen geld naar Israël zou moeten gaan. Volgens een deel van de panelleden is Israël welvarend genoeg om zelf voor hun slachtoffers te zorgen. Een andere groep vindt dat Israël op dit moment te hard toeslaat in Libanon en Gaza.

Moet er wel of geen geld naar slachtoffers in de volgende landen?

'In de zakken van Hamas'

Anderen hebben juist moeite met het geld dat voor Gaza (60 procent van de opbrengst) en voor Libanon (35 procent van de opbrengst) bestemd is. 22 procent wil dat er niets naar Gaza of Libanon gaat, uit angst dat het 'in de zakken van Hamas of Hezbollah verdwijnt'.

Naar welk land de opbrengst ook gaat, zorgen over het goed terechtkomen van de opbrengst leven breed. 60 procent vreest dat dat bij deze actie verkeerd wordt besteed. Opvallend genoeg is dat niet veel meer dan bij de actie na de aardbeving in Turkije en Syrië (57 procent), terwijl die actie veel beter werd ontvangen. Ook toen waren mensen bang dat het geld aan de strijkstok van de regimes van die landen zou blijven hangen.

Hand op de knip

Dat zorgt ervoor dat deelnemers massaal de hand op de knip zeggen te houden. Ook mensen die bij de afgelopen actiedagen wél gaven. Zo zei bij de aardbeving in Turkije en Syrië slechts 37 procent niet aan die actie te willen geven. Nu is dat driekwart (75 procent).

Van de mensen die bij minstens een van de vorige acties geld doneerden, zegt twee derde niets aan deze actie over te willen maken. Het daadwerkelijke aantal donateurs kan zomaar nog lager uitpakken, aangezien de intentie vaak groter is dan het donatiegedrag in de praktijk.

Geefbereidheid aan oorlogsslachtoffers Midden-Oosten
Slechts 3 op de 10 vinden het goed dat er morgen een actiedag is voor 'alle slachtoffers van de oorlog' in Gaza, Libanon en Israël.

Knauw voor imago Giro555

Tegenvallende geefbereidheid is niet het enige waar de organisatie van de actiedag zich zorgen over moet maken. Het lijkt erop dat het chagrijn over deze actie aan de samenwerkende hulporganisaties blijft plakken. Het vertrouwen in Giro555 daalt namelijk flink ten opzichte van februari vorig jaar.

Hoeveel vertrouwen is er in de hulpverlening van Giro555

Vlak voor de actie voor de slachtoffers van de aardbeving in Turkije en Syrië zei ruim de helft (55 procent) vertrouwen te hebben. Nu is daar nog maar een derde (35 procent) van over. "Normaal alle lof voor Giro555, maar hier hebben ze een blunder begaan. Ze laten zich meetrekken in een moeras van polarisatie, waar ze misschien nog lang last van gaan hebben", zegt iemand die tijdens eerdere acties wel geld overmaakte aan Giro555.

info

Over dit onderzoek

Het onderzoek is gehouden op 14 en 15 oktober 2024. In totaal deden 22.309 mensen mee, onder wie 11.916 mensen die gedoneerd hebben bij minstens één van de laatste vier landelijke acties van Giro555.

Het onderzoek is na weging representatief voor zes variabelen, namelijk: leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur, gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2023.

Bekijk ook

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Waarom de behandeling van de Voorjaarsnota een van de belangrijkste financiële momenten van het jaar is

Waarom de behandeling van de Voorjaarsnota een van de belangrijkste financiële momenten van het jaar is
Folkert Idsinga (NSC) en Nicolien van Vroonhoven (NSC) komen aan bij het ministerie van Financiën, waar de coalitiepartijen beginnen aan de onderhandelingen over de Voorjaarsnota
Bron: ANP

Al sinds het aantreden van kabinet-Schoof kijkt politiek Den Haag met angst en beven uit naar de onderhandelingen over de Voorjaarsnota. Maar wat is deze nota precies en waarom is die zo belangrijk? "Na Prinsjesdag het belangrijkste financiële moment."

Het ministerie van Financiën is vanaf vandaag weer even het middelpunt van politiek Den Haag. Minister van Financiën Eelco Heinen (VVD) en de fractievoorzitters van coalitiepartijen VVD, PVV, NSC en BBB proberen het daar de komende dagen eens te worden over de Voorjaarsnota.

Begroting van het lopende jaar

De Voorjaarsnota is het document waarin de begroting van het lopende jaar wordt aangepast. Dit gebeurt altijd in het voorjaar. Verder is de Nota ook het document waarin vooruit wordt gekeken naar toekomstige begrotingen.

Dit is elk jaar een spannend moment, maar dit jaar wordt er gesproken over miljarden euro's aan opgespaarde problemen.

Bekijk ook

Politieke 'wenslijstjes'

Daarbovenop komen ook nog de politieke 'wensenlijstjes' - van lagere huren tot extra geld voor gemeenten - die samen tot miljarden én miljarden euro's extra optellen.

En omdat het onderlinge wantrouwen in de coalitie groot is, gonst het in de Haagse wandelgangen daarom al maanden dat het kabinet wel eens hierom zou kunnen vallen.

Pittige gesprekken

"Het worden wel pittige gesprekken, verwacht ik", geeft minister Heinen toe tegenover EenVandaag. "De wensen zijn natuurlijk hoog, maar ik heb nog geen dekking gezien. En daar zit natuurlijk altijd de moeilijkheid in: hoe ga je het betalen?"

"Ik snap heel goed de wens voor extra uitgaven, maar matig want we krijgen het niet altijd uitgegeven en de inflatie is hoog, dat moeten we niet aanwakkeren", zegt de minister van Financiën.

Bekijk ook

'Lopen we op schema?'

"Het is na Prinsjesdag het belangrijkste financiële moment van het jaar," benadrukt Wimar Bolhuis over de Voorjaarsnota. Bolhuis is gespecialiseerd in overheidsfinanciën en als econoom verbonden aan de Universiteit Leiden.

"We hebben met Prinsjesdag een begroting voor 2025 gemaakt. Bij de Voorjaarsnota wordt gekeken: hoe gaat het eigenlijk met de uitgaven en de inkomsten? Loopt dat op schema?"

Alvast vooruitblikken

Een tussentijdse check van het huishoudboekje van de overheid dus, gecoördineerd door de minister van Financiën. Maar volgens econoom Bolhuis is het meer dan dat alleen.

"Het is ook belangrijk omdat je alvast met elkaar vaststelt welke uitgaven je wilt doen in de begroting voor de komende jaren. Dat is belangrijk. Wil je meer uitgeven aan bepaalde onderwerpen? Moet je de komende jaren problemen oplossen?"

Bekijk ook

Begrotingsregels

Al die wensen zijn gebonden aan speciale spelregels, zegt Bolhuis. "De begrotingsregels stellen bijvoorbeeld dat je niet zomaar extra uitgaven mag doen als minister. Daar moet goedkeuring voor zijn. En als je dat wil doen, zou je bijvoorbeeld extra moeten bezuinigen."

Een andere regel waar alle partijen zich aan moeten houden: "Daarnaast is er de regel dat als je meevallers hebt op je begroting, dat je die niet zomaar opnieuw mag uitgeven. Die moeten terug naar het ministerie van Financiën. Zo komt er weer ruimte voor andere ministeries om geld uit te geven."

Politieke wensen

En extra geld willen alle coalitiepartijen maar al te graag uitgeven. Zo gek is dat volgens Bolhuis niet, want zo halverwege het jaar ontstaan er allemaal nieuwe politieke wensen. Denk aan extra geld om de energierekening naar beneden te brengen, de huren en benzineprijzen te verlagen of de kinderopvang goedkoper te maken.

Maar ook de situatie in Oekraïne en de opstelling van de Amerikaanse president Donald Trump dwingen tot extra investeringen in defensie.

Bekijk ook

Nog meer geld nodig

Daarnaast heeft het kabinet ook nog geld nodig om de BTW op cultuur, media en sport te verlagen. Er is verder ook geld nodig om het stroomnet te verzwaren, de problemen met de vermogensbelasting zijn nog altijd niet opgelost, en er is ook extra geld nodig om de WIA-uitkeringen te compenseren.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over extra geld voor de stikstofproblemen en om de jeugdzorg in gemeenten te verbeteren.

Bekijk ook

Staatsschuld

PVV en BBB zien de oplossing voor deze problemen in de lage staatsschuld die Nederland heeft. Daardoor zouden we makkelijk miljarden euro's kunnen lenen om al die wensen te betalen. "Nederland heeft een relatief lage staatsschuld, ongeveer 45 procent van het bruto binnenlands product. Dat is internationaal gezien laag," erkent Bolhuis.

De vraag is alleen of het verstandig is de staatsschuld op te laten lopen. "Je zou deze kunnen laten oplopen, maar de belangrijkste vraag is natuurlijk wat ga je met dat geleende geld doen? Ga je met dat geld dan investeringen doen die zich ook terugbetalen?"

Nieuwe planning

De conclusie volgens Bolhuis? "Het is een schaarstediscussie. Je moet kiezen. Dus dat wordt voor het kabinet wel een lastige keuze. Want er zijn gewoon vier partijen met verschillende belangen," zegt Bolhuis.

"Maar uiteindelijk is het de minister van Financiën en de minister-president om een keuze te maken en de nieuwe plannen voor 1 juni naar de Tweede Kamer te sturen."

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Groot deel asielzoekers die eigenlijk naar ander EU-land moeten om procedure af te wachten, doen dat niet

Groot deel asielzoekers die eigenlijk naar ander EU-land moeten om procedure af te wachten, doen dat niet
Bord van de IND, beeld ter illustratie
Bron: ANP

Slechts één op de vijf asielzoekers in Nederland die volgens de regels naar een ander EU-land moeten terugkeren, wordt daadwerkelijk overgedragen. Dat blijkt uit cijfers die EenVandaag heeft opgevraagd bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND).

In 2023 werden 11.440 zogenoemde overdrachtsverzoeken ingediend. Maar slechts 2.420 asielzoekers vertrokken daadwerkelijk naar het land waar ze hun procedure zouden moeten afwachten. Voor 2024 ligt het aantal verzoeken op 8.820, waarvan er tot nu toe maar 1.550 zijn gehonoreerd. Volgens de IND kunnen overdrachten door lange procedures meer dan een jaar duren.

Grote verschillen tussen EU-landen

De bereidheid van EU-landen om asielzoekers terug te nemen, verschilt sterk. Duitsland accepteert bijna de helft van de verzoeken, terwijl Italië vrijwel nooit reageert. In de afgelopen 3 jaar is er geen enkele asielzoeker vanuit Nederland naar Italië teruggestuurd, ondanks ruim 4.000 verzoeken.

Griekenland en Hongarije krijgen vanuit Nederland zelfs helemaal geen verzoeken meer. Deze landen weigeren structureel om asielzoekers terug te nemen, waardoor het aantal succesvolle overdrachten al 5 jaar op nul staat.

Bekijk ook

Nederlandse rechters blokkeren soms overdrachten

Soms voorkomen Nederlandse rechters dat een asielzoeker wordt teruggestuurd. In de afgelopen 2,5 jaar gebeurde dat bijvoorbeeld twee keer bij overdrachten naar België. Dit omdat asielzoekers daar een 'onmenselijke behandeling' te wachten zou staan.

De meeste asielzoekers die volgens de zogeheten Dublinverordening naar een ander EU-land zouden moeten vertrekken, verdwijnen uit het zicht van de autoriteiten. Ze worden als 'met onbekende bestemming vertrokken' geregistreerd, waardoor overdracht niet meer mogelijk is.

Bekijk ook

Veel asielzoekers verdwijnen in de illegaliteit

Volgens migratiedeskundige aan de Universiteit Leiden Mark Klaassen, die ook lid is van de Adviesraad Migratie, is het voor het kabinet geen prioriteit om deze groep te volgen of te dwingen te vertrekken. "Daar is nu geen effectief beleid voor", zegt hij.

"De overheid zou beter haar best moeten doen om mensen in een opvangvoorziening te houden."

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Ook interessant