Een 'clash of generations', zo wordt de uitslag van het Brexit-referendum de voorbije weken vaak omschreven. Britse ouderen zouden de EU het liefst willen verlaten, terwijl jongeren juist massaal lid willen blijven. Hoe zit dat in Nederland? Meteen na de Brexit laaide ook hier het debat over de Nexit op. Is er in Nederland een generatiekloof als het de EU betreft?

De ouderen verpesten het voor de jongeren: dat was, kort na bekend werd dat Groot-Brittannië per referendum besloten had de Europese Unie te verlaten, het gevoel dat oplaaide wanneer je naar de uitslag van het referendum keek. 73 procent van de jongeren koos ervoor om in de EU te blijven, tegen veertig procent van de mensen in leeftijden boven de 45 jaar. In Londen trokken jongeren de straat op om hun ongenoegen over de Brexit te uiten. De Britse babyboomers kozen voor een toekomst zonder Europese Unie - precies datgene wat de jonge generatie, van wie die toekomst is, niet wilde.

Hoge vs lage opkomst

Dat de ouderen beslissend waren voor de uitslag werd snel ontkracht: jonge mensen zouden massaal niet zijn komen opdagen op 23 juni, de dag dat het referendum werd gehouden in Groot-Brittannië. Eigen schuld, dikke bult dus, die Brexit: de opkomst onder jongeren zou 36 procent zijn geweest, tegen tachtig procent onder sommige oudere leeftijdsgroepen.

Maar nu blijken de opkomstcijfers een zwakke basis te hebben - ze zijn misschien wel zwaar overdreven. Het lijkt waarschijnlijker dat de de opkomst onder jonge mensen in Groot-Brittannië rond de zeventig procent lag. Niets lage opkomst, dus. We kunnen nu met meer zekerheid zeggen dat oudere mensen in Groot-Brittannië - vanaf een jaar of veertig - veel negatiever tegenover de Europese Unie staan dan jongeren - in de leeftijd van 25 tot 35 jaar. De generatiekloof is dus weer terug op de kaart.

Brexit beïnvloedt Nexit

Maar hoe zit dat in Nederland? Ook hier laaide het debat rond de Brexit op: moet Nederland eigenlijk niet ook uit de Europese Unie stappen? Eerdere cijfers van het EenVandaag Opiniepanel lieten zien dat iets meer dan de helft vóór het houden van een referendum was, waarin gekozen kon worden of Nederland lid zou blijven, of de EU zou verlaten. 

Maar dat was voor de Brexit. Nieuwe cijfers, van een meting op 5 juli, laten zien dat het panel teruggekomen lijkt te zijn op haar woorden: iets meer dan de helft wil nu juist géén referendum in Nederland. 

Vanwaar die draai? De meeste deelnemers geven in de open antwoorden aan dat ze geschrokken zijn van de politieke chaos in Groot-Brittannië, die na de Brexit ontstond. De pond daalde dramatisch, leugens van de Brexit-campaigners kwamen aan het licht, Schotland en Londen riepen om onafhankelijkheid en met het opstappen van Cameron kwam een leiderschapscrisis tot stand. Sommige deelnemers kwamen hierdoor terug op hun woorden - anderen zeggen dat Nederland de economische gevolgen van een Nexit niet aan zou kunnen. Het belangrijkste punt dat door de draaiers wordt gemaakt, is dat de gevolgen van een Nexit, net als in Groot-Brittannië, eigenlijk niet kunnen worden overzien. Ze zijn bang dat populisme en emotie tijdens een Nexit-campagne de boventoon zouden gaan voeren. Dat vormt voor hen de belangrijkste reden om uiteindelijk toch tegen een Nederlands referendum te zijn: we weten eigenlijk niet waarvoor we zouden stemmen.

In Nederland wel een kloof, (nog) geen botsing

En dan die generatiekloof. We hebben ook onderzoek gedaan onder ons jongerenpanel, waarvan de leden tussen de 12 en 24 jaar zijn. Is dus iets meer dan de helft van het Opiniepanel nu tegen een Nexit-referendum, onder jongeren is dat bijna driekwart (73%). Belangrijkste reden? Nederlanders zijn volgens de jongeren niet in staat zijn om een geïnformeerde keuze te maken bij de vraag of ons land lid moet blijven van de Europese Unie.

Nu is een verschil in opinie of er überhaupt een referendum moet komen op zich niet genoeg om van een generatiekloof te spreken. Maar dat die kloof er wel degelijk is, blijkt als we dieper duiken in opvattingen over de Europese Unie. Maar liefst acht op de tien jongeren willen dat Nederland EU-lid blijft, onder de leden van het Opiniepanel is dit iets meer dan de helft. Hoewel ook jongeren inzien dat de EU moet hervormen, denken ze dat Nederland de toekomst vooral op economisch gebied niet aankan zonder lidmaatschap van die EU. De helft van de jongeren (51%) denkt dan ook dat de Europese Unie ons land vooral voordelen oplevert, onder het Opiniepanel is dat een derde (35%).

Jongeren geven aan de Europese Unie vooral te associëren met vrijheid, vrede en stabiliteit - ondanks het feit dat ze in haar huidige vorm niet perfect is.  Ze zijn dan ook teleurgesteld over de Brexit: driekwart van de jongeren (75%) had liever gezien dat Groot-Brittannië binnen de Europese Unie was gebleven. Een van de belangrijkste redenen die hiervoor wordt gegeven is de mogelijkheid om te reizen naar- en te studeren in het Verenigd Koninkrijk. Meer dan de helft van de jongeren (56%) denkt dan ook zelf direct de gevolgen te gaan merken van de Brexit.

Conclusie? Ja, ook in Nederland zijn jongeren stukken positiever over de EU dan de oudere generatie. De kloof lijkt in omvang vergelijkbaar met die in het Verenigd Koninkrijk, en Nederlandse jongeren gebruiken veelal dezelfde argumenten als Britse. Toch is er een verschil: zolang er geen Nexit-referendum komt, blijft de kloof een kloof, in plaats van een 'botsing'.

Over de onderzoeken

In totaal zijn drie onderzoeken over de Brexit en de EU gehouden. Twee onderzoeken werden gehouden onder het EenVandaag Opiniepanel, van 10 tot 20 juni 2016 en van 5 tot 7 juli 2016. Een onderzoek werd gehouden onder het 1V Jongerenpanel, van 29 juni 2016 tot 5 juli 2016. Aan de onderzoeken deden 27.000 en 25.681 leden van het EenVandaag Opiniepanel en 1.685 leden van het 1V Jongerenpanel mee. 

De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag Opiniepanel zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2012. De uitslag van de peilingen onder het 1V Jongerenpanel zijn na weging representatief voor vier variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en spreiding over het land. Voor dit onderzoek is ook gecontroleerd voor politieke voorkeur onder jongeren. De uitslagen veranderden hierdoor niet significant.

Download