Er is weinig draagvlak voor het kabinetsplan om Nederland op termijn in te delen in vijf grote landsdelen. Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag en regionale omroepen onder 29.000 deelnemers. 54 Procent is tegen het samenvoegen van provincies. Een derde (30 procent) is voorstander van de fusies.

In Friesland (79 procent), Flevoland (75 procent), Gelderland (57 procent), Noord-Brabant (57 procent), Utrecht (55 procent), Zeeland (73 procent) en Limburg (66 procent) is een duidelijke meerderheid tegen. In de provincies Zuid-Holland, Noord-Holland, Groningen, Drenthe en Overijssel zijn de inwoners meer verdeeld.

De ondervraagden zijn tegen het plan omdat de afstand tussen burger en bestuur wordt vergroot met het samenvoegen van provincies. Ook zijn mensen bang dat de identiteit van hun eigen provincie verloren gaat, en verwachten ze dat de fusies extra geld gaan kosten, in plaats van opleveren. Bezuinigen op provinciale ambtenaren vindt driekwart (73 procent) wel een goede zaak.

 

Superprovincie

Minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken streeft naar een fusie van Flevoland, Noord-Holland en Utrecht voor de Provinciale Statenverkiezingen van 2015. In elk van de betrokken provincies bestaat hier weerstand tegen. In Flevoland, Utrecht en Noord-Holland is respectievelijk 78, 60 en 51  procent tegen de vorming van de zogenoemde ‘superprovincie’. De Provinciale Staten van Utrecht hebben onlangs ingestemd met het houden van een referendum over de samenvoeging van Utrecht, Flevoland en Noord-Holland. Tweederde (66 procent) van de Utrechters is hier voorstander van. Ook in Flevoland (69 procent) en in Noord-Holland (62 procent) willen de mensen een referendum.

 

Wie met wie?

Er is al een concreet plan om Noord-Holland, Utrecht en Flevoland samen te voegen. Met de overige provincies moet nog gesproken worden.

 

Als de inwoners wordt gevraagd met welke provincie ze het liefst zien dat hun provincie wordt samengevoegd blijkt dat Friesland, Utrecht en Flevoland het minst geliefd zijn als partner. Nergens willen de inwoners het liefst dat hun provincie samengevoegd wordt met een van deze drie provincies. 

 

Door de Friezen zelf wordt Groningen (37 procent) het meest genoemd om mee samengevoegd te worden. Echter, Groningers zien het liefst dat hun provincie wordt samengevoegd met Drenthe (77 procent). Andersom is Groningen ook de meest ideale fusiepartner voor Drenten (57 procent).

 

In het oosten kiezen Overijssel en Gelderland duidelijk voor elkaar. Als ze moeten kiezen, wil 52 procent van de Overijsselaren het liefst samengevoegd worden met Gelderland. En andersom wil 48 procent van de Gelderlanders het liefst met Overijssel. Jammer voor Utrechters, want onder hen is Gelderland ook het populairst als fusiepartner, en niet Noord-Holland of Flevoland. 

 

Flevolanders zijn het meest verdeeld over met welke provincie ze het liefst worden samengevoegd. Uiteindelijk wint Noord-Holland met 18 procent. Noord-Hollanders daarentegen willen het liefst met Zuid-Holland samengevoegd worden (27 procent). Het verdeelde Zuid-Holland vindt het prima om met Noord-Holland te gaan (29 procent), maar ook met Zeeland (29 procent).

 

Brabanders en Limburgers willen het liefst met elkaar. Onder Brabanders is Limburg de meest populaire fusiepartner (42 procent). Andersom is dit ook het geval. Zeeuwen wil eigenlijk ook het liefst met Brabant (58 procent). 

 

Vanavond is minister Ronald Plasterk te gast bij EenVandaag. Hij reageert dan op de resultaten van het onderzoek.

 

Over het onderzoek

Aan het onderzoek deden 29.000 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee. Het onderzoek vond plaats van 6 t/m 14 februari 2013.

 

Op de vraag ‘Als u kon kiezen, met welke provincie zou u het liefst zien dat uw provincie wordt samengevoegd? kon iedereen één andere provincie noemen. Dit betekent dat er soms geen grote meerderheden zijn, omdat mensen verdeeld zijn of veel mensen het nog niet weten. 

 

Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 45.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. 

 

De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag Opiniepanel zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2012. Panelleden krijgen ongeveer één keer per week een uitnodiging om aan een peiling mee te doen. Op de meeste onderzoeken respondeert 60 tot 70 procent van de panelleden.