De Europese Unie is de laatste tijd volop in het nieuws. Een migratietop voor EU-landen, premier Mark Rutte die in Straatsburg openlijk sprak over zijn liefde voor de EU en de oprichting van de eerste pan-Europese partij Volt. Over minder dan een jaar zijn de Europese Parlementsverkiezingen. Staan we in Nederland achter Ruttes positievere houding tegenover Europa? En maakt Volt überhaupt kans?

"Eenheid is de basis van onze kracht”, zo verklaarde Rutte onlangs in een speech zijn liefde voor de Europese Unie. Zijn houding ten opzichte van de EU is de afgelopen jaren positiever geworden, bekende de premier. Zaken als het Nederlands voorzitterschap en de MH17 hebben zijn mening veranderd. Rutte staat niet alleen: uit onderzoek onder het Opiniepanel blijkt dat bijna de helft (48%) van de deelnemers aan een recent onderzoek vindt dat de EU de afgelopen jaren belangrijker is geworden. Als we vragen waarom worden de termen ’Trump’, ‘Rusland’ en ‘China’ massaal genoemd. Het beeld dat Rutte schetste van de grote boze buitenwereld waartegen we ons als Europa tegen moeten beschermen, voelen anderen dus ook. 

Kansen of kosten?

Maar betekent dat ook dat we massaal positief zijn geworden over de EU? Absoluut niet. In elk geval niet massaal. Slechts een derde (33%) van de deelnemers denkt dat de EU vooral voordelen oplevert voor Nederland. De rest denkt dat er vooral nadelen zijn, of dat de voor- en nadelen tegen elkaar opwegen. Maar er is duidelijk één groep die anders denkt: de jongeren. De groep van 18 tot 25 jaar ziet in meerderheid wél vooral voordelen. Ze zijn opgegroeid met open grenzen en sommigen van hen hebben daar persoonlijk positieve ervaringen mee.

Een jonge deelnemer zegt: “De wereld is anders dan vroeger. Door de EU hebben we welvaart, vrede en veiligheid binnen Europa." Een andere jonge deelnemer zegt: “Als student in de EU merk ik de voordelen van studiebeurzen, vrij reizen en internationale samenwerkingen.” Een derde deelnemer zegt: “De wereld is anders dan vroeger. Door de EU hebben we welvaart, vrede en veiligheid binnen Europa."

Veel jongeren zien vooral kansen en mogelijkheden in een Unie met samenwerking en open grenzen. Een groot verschil met oudere deelnemers: zij denken bij de EU vaker aan kosten en bureaucratie. Kansen versus kosten. Jongeren versus ouderen. Waar kennen we dat ook alweer van?

De Brexit: een ‘clash of generations’

Bij het Brexit referendum in 2016 was er ook een verschil te zien tussen generaties. Britse ouderen wilden de EU het liefst verlaten, terwijl veel jongeren juist lid wilden blijven. Een ‘clash of generations’ werd de uitslag ook wel genoemd. Britse jongeren waren positiever over de EU en de voordelen die het lidmaatschap met zich meebracht.

En toen zagen we al dat ook in Nederland jongeren positiever waren over de EU. Ze waren veel vaker tegen een referendum over Nederlands EU-lidmaatschap dan oudere panelleden en vreesden ongeïnformeerde keuzes bij een eventueel referendum.

Jongerenbeweging Volt

De uitkomst van het Brexit-referendum en het afnemende vertrouwen in Europa was aanleiding voor een aantal jonge Europeanen om de politieke partij Volt op te richten. De progressieve, pan-Europese beweging wil volgend jaar meedoen aan de verkiezingen en wil stemmers vooral weer enthousiast maken voor Europa. Ze zetten in op een sterker Europa met meer samenwerking tussen landen. Een pan-Europese partij kan volgens de oprichters meer bereiken dan nationale partijen omdat veel problemen, zoals klimaatverandering, immigratie, terrorisme en de economische crisis, landsgrenzen overstijgen. Inmiddels is de partij actief in alle 28 EU-idstaten. In vijf landen, waaronder in Nederland, is de beweging officieel ingeschreven als partij. 

Of Volt echt kans maakt in Nederland valt niet te voorspellen. De verkiezingen zijn pas over een jaar en de politieke campagnes moeten nog beginnen. Maar animo voor de grondbeginselen van de partij is er bij bepaalde groepen zeker. Niet geheel verrassend zijn het de jongeren die zich het beste kunnen vinden in de standpunten van Volt. Daarnaast zijn het de inwoners van grote steden die meer geïnteresseerd zijn in de partij dan mensen in andere delen van het land. En, een tip voor de Pechtold en Klaver, het zijn vooral de kiezers van D66 en GroenLinks die zich het meest aangetrokken voelen tot het gedachtegoed van Volt. 

Een flink aantal stemmers vindt dus dat de Europese Unie de afgelopen jaren belangrijker is geworden. Voelen we ons dan ook Europeaan in hart en nieren? Nee, het zijn vooral de jongeren die mogelijkheden in de EU zien. Staan we massaal te juichen om Europese samenwerking? Nee, het zijn vooral jongeren die kansen in de EU zien. Gaat Volt het maken? Niet te voorspellen, maar de partij zou vooral kansen en mogelijkheden moeten zien in jongeren.