Veel huisartsen hebben grote problemen met de nieuwe handreiking voor euthanasie bij gevorderde dementie.  Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder 540 huisartsen. Meer dan de helft (61%) van de ondervraagde huisartsen vindt het een slechte zaak dat een dementerende die niet meer zelf kan aangeven wat hij of zij wil toch in aanmerking kan komen voor euthanasie. Het onderzoek werd uitgevoerd in samenwerking met HuisartsVandaag en VPhuisartsen. Familie van dementerenden is juist blij met de nieuwe handreiking. Zij zien hierin een nieuwe mogelijkheid om de wens van hun naaste uit te voeren.   

Onlangs maakten de ministeries van Volksgezondheid en van Veiligheid en Justitie in een zogenoemde handreiking duidelijk dat euthanasie ook bij gevorderde dementie mogelijk is, mits er aan een aantal voorwaarden is voldaan. Zo moet de patiënt een wilsverklaring hebben en daar regelmatig met de arts over hebben gesproken. Ook moeten er tekenen zijn van ondraaglijk lijden, zoals pijn, angst of onrust. Tot nu toe kwamen patiënten in de praktijk eigenlijk alleen in aanmerking voor euthanasie als ze nog wilsbekwaam waren. 

Weinig bereidheid

Veel ondervraagde artsen zien het als een probleem als de patiënt niet meer weet waar het over gaat.  Slechts een kwart van de ondervraagde artsen (24%) zegt in principe bereid te zijn om mee te werken aan een euthanasieverzoek van een dementerende volgens de nieuwe handreiking. De helft (52%) zegt dit niet te willen uitvoeren. Nog eens een kwart (24%) weet het nog niet. 

‘Niet voor God spelen’ 

Tegenstanders zien als belangrijkste bezwaar dat de dementerende niet meer zelf kan verwoorden wat hij of zij wil. Dat betekent  dat de arts samen met de familie moet bepalen wat het juiste moment voor de euthanasie is. Veel artsen vrezen conflicten en druk van de familie (91%). Ze benadrukken dat euthanasie ‘geen recht’ is. Ook voeren ze aan dat dementie het karakter en de wil kan beïnvloeden. In een later stadium kan de patiënt veel vrolijker zijn en is het maar de vraag of deze dan nog steeds uit het leven wil stappen. Artsen geven aan dat ze het gevoel hebben dat ze ‘voor God moeten spelen’ en zien er tegen op om de euthanasie mogelijk onder dwang te moeten uitvoeren. Een arts zegt: Ik vind dat we heel goed voor die mensen moeten zorgen, (…) maar voor mij gaat het dan te ver om zo iemand een injectie te geven om te overlijden. Ik heb dan het gevoel dat ik iets doe waarvoor ik niet ben opgeleid, mensen doodmaken zonder dat dat helpen is.”

Valse verwachtingen?

Veel van de ondervraagde artsen vrezen dat de nieuwe handreiking valse verwachtingen bij patiënten en hun familie creëert. EenVandaag voerde ook een groot onderzoek onder het publiek uit. Met deze handreiking is er veel draagvlak voor euthanasie bij dementie: 87 procent van de 33.000 ondervraagden vindt dat euthanasie in principe mag volgens de voorwaarden van de handreiking. Aan het onderzoek deden ook ruim 4000 mensen mee met een dementerende ouder of partner. Van hen is 90% blij met de nieuwe handreiking. Zij zien die als een nieuwe mogelijkheid om de wens van de dementerende te respecteren en deze onnodig lichamelijk of psychisch lijden te besparen. 

Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Edith Schippers stelt in een reactie aan EenVandaag dat de tegenstand van artsen haar niet verbaast: “ Dat verbaast me niks. Ik denk dat we datzelfde percentage hadden als we de handreiking niet hadden gemaakt, dat dat geen weg voor hen zal zijn en dat mag, we leven in een vrij land. Ons ging het om artsen die daar wel open voor staan, die daar wel mogelijkheden toe zien, die wel eventueel tegemoet zouden willen komen aan een hulpberoep van een patiënt, dat die goed weet wat wel en wat niet mag."

Over het onderzoek

Het online onderzoek is uitgevoerd door de redactie van het EenVandaag Opiniepanel in samenwerking met VPHuisartsen en HuisartsVandaag. Het is uitgezet onder leden van VPHuisartsen en HuisartsVandaag en de huisartsen uit het EenVandaag Opiniepanel.

Er deden 545 huisartsen aan mee.  Het onderzoek vond plaats tussen 12 januari 2016 en 16 februari 2016 en bestond uit een kwantitatief en een kwalitatief deel. De resultaten van het kwantitatieve deel zijn gewogen naar geslacht en leeftijd.  Het kwalitatieve deel bestond uit open vragen. Hierop is een discours analyse uitgevoerd waarbij gezocht werd naar centrale thema’s (patronen). 

Bekijk hier een selectie uit de reacties van huisartsen.

Download

Download