radio LIVE tv LIVE
meer NPO start

Kinderen in Zaanstad een dag per week extra vrij door lerarentekort

Een schoolweek van vier dagen? Veel kinderen zullen er een gat voor in de lucht springen. In Zaanstad is het de enige maatregel die basisscholen nog kunnen bedenken om het nijpend lerarentekort op te lossen. “Wij krijgen de eindjes niet meer aan elkaar geknoopt”, zegt Rien Spies van onderwijskoepel Agora.

De zomervakantie is nog maar net voorbij of het nijpend lerarentekort wordt daar pijnlijk zichtbaar. Bij uitval door ziekte van een leraar is er geen invaller meer te vinden. “De invalpool wordt nu al volledig ingezet”, zegt Spies. Daarom heeft het bestuur van de onderwijskoepel -goed voor 25 basisscholen met in totaal 7000 leerlingen- besloten om over te gaan tot een kortere schoolweek als er geen leraar te vinden is die voor de klas kan staan.

Vierdaagse schoolweek

Er hoeft maar één docent ziek te worden en de onderwijskoepel zal besluiten om over te gaan tot deze maatregel. In de klassen waar geen oplossing is voor uitval zal de school de deuren moeten sluiten. Vooral in de herfst als het land wordt geteisterd door griepvirussen, voorziet Spies grote problemen: “Als er in het najaar een griepgolf komt dan kunnen wij niet anders dan minder lesgeven.” 

De stichting moet elke dag 330 leerkrachten inzetten. De Onderwijskoepel Agora beheert samen met Zaan Primair  95% van de basisscholen in de gemeente. Ook bij Zaan Primair is het lerarentekort een groot probleem.

Begrip bij ouders

Een extra dag naar de opvang, (schoon)ouders of thuis werken: voor werkende ouders betekent de maatregel dat er geïmproviseerd zal moeten worden. “Natuurlijk wil je als ouder het liefst dat je kind gewoon regulier les kan krijgen”, zegt Bastiaan Frelink.

Toch heeft Frelink, voorzitter van de Medezeggenschapsraad van de Zaanse scholen, begrip voor de maatregel. “Het lerarentekort is zo nijpend dat wij de kinderen liever een dag minder naar school sturen dan dat zij eindeloos worden opgedeeld in andere klassen.” 

Lerarentekort

Het toenemend tekort aan leerkrachten is volgens Spies te wijten aan verschillende ontwikkelingen. “We hebben afgelopen jaren gevraagd of mensen meer willen werken maar die rek is er nu toch echt uit. Het basisonderwijs is een vrouwenvak en vrouwen werken relatief vaak in deeltijd.” Daarnaast ziet Spies veel leerkrachten teruggaan naar de provincie, omdat daar weer meer werk is in het onderwijs. “In het verleden hebben we leerkrachten naar de Randstad zien komen omdat hier werk was, nu het in de provincie weer aantrekt gaan ze weer terug omdat het daar minder duur is om te wonen.” Ook ziet Spies veel vergrijzing in het onderwijs. “De groep 55-plussers is vrij groot, maar dat is in heel het land zo. En die groep zal de komende jaren uitstromen.” 

Wettelijke norm

De maatregel van de onderwijskoepel in de Zaanstad is in strijd met de wet. Volgens de wet mag er in een schooljaar niet vaker dan 7 keer sprake zijn van een vierdaagse schoolweek en is er een wettelijke norm van 940 lesuren per jaar. “Dat gaan wij niet halen”, zegt Spies.

reactie
clock 17-09-2018 13:35

Woordvoerder Inspectie van het Onderwijs:

De inspectie is er om toezicht te houden op naleving van de wetten die voor het basisonderwijs gelden. Deze zijn duidelijk; zo mag een school niet vaker dan zeven keer per jaar een vierdaagse schoolweek inplannen. Daar zullen de scholen in Zaandam zeer waarschijnlijk overheen gaan.Aan de andere kant hebben we begrip voor de nijpende situatie die door het lerarentekort is ontstaan en zullen er vooralsnog zeker geen sancties opgelegd worden. We gaan met de scholen in gesprek en hopen dat we samen tot een oplossing komen.

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Waarom president Donald Trump importheffingen ondanks waarschuwingen van economen tóch doorvoert

President Donald Trump kondigde het gisteravond aan: Amerika gaat een importheffing van 20 procent op alle producten uit de Europese Unie doorvoeren. Wereldwijd waarschuwen economen dat dit een slecht idee is, vooral voor de VS zelf. Toch zet Trump door.

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'
Willem Hulsebosch is eigenaar van een bloembollenbedrijf dat exporteert naar de VS
Bron: EenVandaag

Voor Nederlandse ondernemingen met veel export naar de Verenigde Staten breken spannende tijden aan. Door de extra belasting van 20 procent worden hun producten voor de Amerikaanse consument een stuk duurder. "Dit betekent heel veel onzekerheid."

"Dit valt wel rauw op ons dak", zegt Willem Hulsebosch. Samen met zijn vrouw en zoons runt hij al jaren een bloembollenbedrijf in Julianadorp.

Andere markten

"We doen al decennialang zaken met Amerika en hebben in de loop der jaren echt een goede band opgebouwd met onze klanten in de VS", gaat Hulsebosch verder. "Die willen we graag houden. Maar als het moet, dan gaan we ons op andere markten richten."

Want de familie beseft wel dat Amerikanen zullen afhaken als bloemen door de heffing te duur worden. "Tulpen zijn geen eerste levensbehoefte. Aan het eind van je rondje supermarkt staat er een bosje bloemen. Als dat ineens 20 procent duurder is, dan denk je wel twee keer na."

'We begrijpen zijn visie'

De familie Hulsebosch is flink verweven met de Verenigde Staten. "Onze moeder is Amerikaans, we hebben familie overzee en komen er vaak", vertelt zoon Roy.

"We houden van het land en zijn zelfs pro-Trumpers. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, maar we begrijpen zijn visie wel. Hij maakt waar wat hij zegt. Dat vinden wij ergens ook wel bewonderenswaardig. Hij zet zijn volk op één, dat is duidelijk. Daar kunnen wij in Europa nog wat van leren. Alleen dit plan, dat maakt het voor ons wel lastig."

Bekijk ook

Niet volledig afhankelijk

Toch blijft Hulsebosch positief: "We zijn gelukkig niet volledig afhankelijk van Amerika. We exporteren ook naar Engeland, China, Rusland en Kazachstan. En we hebben een uniek product. Bollen kun je maar op één plek in de wereld telen, en dat is hier, in Nederland. Door het klimaat, de bodem, de omstandigheden. Dat kan niet zomaar ergens anders. Daar hebben ze ons gewoon voor nodig.

Er zijn dus genoeg opties. "Als de ene markt moeilijk doet, dan vinden wij onze weg wel via een andere. We hebben al vaker met onzekerheden te maken gehad. Als het even tegenzit, dan nemen we genoegen met wat minder marge en stellen we investeringen gewoon even uit."

'Kennis en ervaring zit in Nederland'

"Trump ziet ons het liefst naar Amerika vertrekken", legt directeur van TTA-ISO Martin Maasland uit. Het Nederlandse bedrijf maakt landbouwmachines en heeft een grote afzetmarkt in de Verenigde Staten.

TTA-ISO heeft zelfs een kantoor in de VS zitten. "Maar de kennis en ervaring op het gebied van high-techsystemen in de tuinbouw zit hier in Nederland. Die gekwalificeerde mensen kun je niet oppakken en in Amerika neerzetten."

Bekijk ook

Prijs verlagen

Bang voor Amerikaanse concurrenten is Maasland niet. "In ons geval zijn er weinig of eigenlijk geen partijen in de Verenigde Staten die hetzelfde kunnen bieden als wij. We zien onszelf daardoor niet genoodzaakt om de winstgevendheid op onze machines te verlagen."

Maar als de prijs vanwege de invoerheffingen te hoog wordt, dan bestaat er volgens Maasland wel een kans dat de markt afneemt of zelfs helemaal stilvalt. "Dan kunnen we overwegen of we bereid zijn iets van onze marges op te geven, maar we moeten ook de salarissen van onze medewerkers kunnen betalen."

Tegenactie

Over eventuele eigen tarieven die de EU als tegenactie kan invoeren, maakt Maasland zich geen zorgen. "De grootste impact zijn uiteindelijk toch de hoge tarieven van Amerika richting Europa, omdat wij in Europa produceren."

"En andersom importeren wij weinig vanuit Amerika", gaat hij verder. "Dus als Europa hoge handelstarieven gaat invoeren, verwachten wij niet dat dat veel impact op ons heeft."

Bekijk ook

Minder groei maar geen crisis

Hoofdeconomoom van de ING Marieke Blom begrijpt de zorgen van Nederlandse ondernemers die veel exporteren naar de Verenigde Staten. "Door Trumps nieuwe invoertarieven, gemiddeld 25 procent, en zelfs 54 procent voor China krijgt ook de Europese Unie een tarief van 20 procent opgelegd. Dat leidt naar verwachting tot een exportdaling van zo'n 15 procent richting de VS. Voor Nederland betekent dat een krimp van ongeveer 0,2 procent van het BBP."

Toch is dit volgens Blom geen nieuwe economische crisis in wording. "Dit is niet te vergelijken met corona of de energiecrisis. Het is vooral een rem op de groei."

Niet terugslaan met eigen tarief

Blom verwacht dat Europa met eigen tarieven zal reageren. "Maar hoe dat uitpakt is onduidelijk, omdat we niet zeker weten hoe Trump reageert. Een handelsoorlog moeten we zien te voorkomen."

"We kunnen beter gerichte steun bieden aan getroffen sectoren. Ook kan er veel winst worden geboekt door de interne markt beter te laten werken. En er liggen veel kansen in het versterken van handelsrelaties met landen als India en Zuid-Amerika. Als we dit moment grijpen, kan Europa uiteindelijk sterker en minder afhankelijk van de VS worden. Ook voor Nederland liggen hier echte kansen."

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Ook interessant