Deze week ontvingen basisscholen de resultaten van de 'doorstroomtoets'. Die toets is een laatste check op vaardigheden zoals taal en rekenen, die Nederlandse kinderen steeds minder goed lijken te beheersen. Wij vroegen wat jullie hierover wilden weten.

De vragen over toetsen op de basisschool worden beantwoord door onderwijssocioloog aan de Universiteit van Amsterdam Thijs Bol. En door zelfstandig toetsexpert Karen Heij, die aan Tilburg University promoveerde op de eindtoets in het basisonderwijs.

1. Is het echt zo dat de prestaties van basisschoolkinderen slechter worden?

Ja, zegt onderwijssocioloog Bol. "Uit alle toetsen en internationale onderzoeken blijkt eigenlijk dat de leeropbrengst terugloopt. Kinderen zijn met name minder goed gaan lezen. Ook zijn ze iets minder goed gaan rekenen."

"Stevig bewijs komt vooral uit het internationale onderzoek PISA, dat wordt geleid door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Het onderzoek toetst om de paar jaar de vaardigheden en kennis van 15-jarigen in verschillende landen over lezen, wiskunde en natuurwetenschappen."

PISA laat zien hoe Nederland het doet ten opzichte van andere landen, maar dat vindt Bol niet zo interessant. "Als Nederland zakt in de ranglijstjes, betekent dat niet per se dat onze leerlingen slechter zijn geworden. Het kan ook dat leerlingen in andere landen beter zijn geworden."

Wat hij wel interessant vindt, zijn de verschillen binnen Nederland door de tijd heen. "Daar zien we heel duidelijk een dalende trend en niet alleen in PISA. We zien het ook aan de resultaten van de Cito-toetsen waarmee we leerlingen door hun hele basisschooltijd heen volgen. Daarin was bijvoorbeeld de invloed van corona op leerprestaties zichtbaar."

Thijs Bol en Karen Heij
Bron: EenVandaag
Thijs Bol en Karen Heij

2. Moeten kinderen aan dezelfde eisen voldoen als 'vroeger'?

"Het lijkt misschien alsof taal taal is, en rekenen rekenen, maar dat is niet zo", zegt toetsexpert Heij. "PISA besteedt via open vragen aandacht aan 'diep lezen'. Dat test of leerlingen voor een langere tijd geconcentreerd kunnen lezen en of ze de samenhang en verbanden in een tekst kunnen begrijpen. "Dit soort leesvaardigheid wordt met de eindtoets in groep 8 niet getoetst."

"Dit soort veranderingen maken het onderzoek enerzijds waardevoller, want zo sluit het beter aan bij wat er op het moment gaande is in de wereld. Maar anderzijds maakt het het moeilijker om vergelijkingen door de tijd heen te maken", zegt Heij.

We hebben op basis van de eindtoets geen idee of Nederlandse leerlingen op de lange termijn, in vergelijking met 20, 30 of 40 jaar geleden, écht slechter zijn geworden, vervolgt Heij. "Als dat toch gezegd wordt, moet je je dus afvragen: over wie hebben we het precies, over welke vaardigheid, en volgens welke toets of welk onderzoek?"

Wat een vergelijking over de langere termijn volgens haar lastig maakt, is dat Nederlandse toetsen daar niet voor zijn bedoeld. "We toetsen basisschoolkinderen al met Cito vanaf 1966, maar de resultaten zeggen iets over kinderen ten opzichte van elkaar, niet ten opzichte van leeftijdsgenoten in eerdere jaren."

Heij verduidelijkt: "De eindtoets werkt al sinds het begin zo uit, dat ongeveer 20 procent van de leerlingen een vwo-advies krijgt. Hij is bedoeld om te selecteren, door kinderen met elkaar te vergelijken. De toets kijkt dus niet naar wat kinderen kunnen ten opzichte van een onafhankelijk criterium, maar bevat opgaven op basis waarvan een onderscheid kan worden gemaakt tussen de 'slimme' en 'minder slimme' kinderen."

3. Wie bepaalt wat we toetsen en op basis waarvan worden toetsen gevalideerd?

Toetsexpert Heij weet hoe toetsen in het basisonderwijs tot stand komen. Voordat ze als zelfstandig adviseur ging werken, werkte ze ruim 20 jaar als toetsontwikkelaar. Ze ontwikkelde onder andere de IEP-eindtoets, een alternatief op de bekende Cito-eindtoets.

"Ik had echt de ambitie en de hoop een hele andere eindtoets te maken. Maar helaas moeten alle eindtoetsen in hetzelfde stramien marcheren. Het College voor Toetsen en Examens ontwikkelt een toetswijzer, waarin staat aan welke eisen de toetsen moeten voldoen. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) geeft daar een klap op, en daarna moeten alle toetsaanbieders zich eraan houden."

Heij heeft de ervaring dat scholen en toetsontwikkelaars vanwege de strikte toetswijzer weinig ruimte hebben om eigen inhoudelijke keuzes te maken. "Dat kun je iets goeds vinden, maar het werkt ook beperkend in het stimuleren van een brede leerontwikkeling. We hebben nu eindtoetsen met dezelfde soort vragen, en het onderwijs stuurt aan op het kunnen beantwoorden van dat type vragen. Er is geen methode-ontwikkelaar die iets ontwikkelt wat niet aansluit bij de eindtoetsen, want die methoden worden niet gekozen door de basisscholen."

Teaching to the test, noemen we dit probleem. Heij denkt dat dat mede verklaart waarom Nederlandse jongeren laag scoren op de internationale PISA-toets: "Dat jongeren volgens PISA moeite hebben met 'diep lezen', komt ook doordat ze daar niet op worden voorbereid, omdat het in de eindtoets niet wordt getoetst. Alle aandacht gaat naar het kunnen beantwoorden van een ander type vragen. En wat je niet zaait, kun je niet oogsten."

info

'Eindtoets' is sinds dit jaar 'doorstroomtoets'

Eigenlijk is er niks wezenlijks veranderd, zeggen Bol en Heij. "Het is een hoop poeha, maar de toets heeft nog steeds dezelfde functie", volgens Heij. "De naam van de toets is veranderd, om minder nadruk te leggen op het einde van de basisschooltijd. En in plaats daarvan duidelijk te maken dat kinderen hun leerontwikkeling zullen voortzetten op de middelbare school waar zij naar doorstromen", verklaart Bol.

Wat wel is veranderd: de toets is qua moment naar voren gehaald. "Dat is gedaan, zodat kinderen de toetsuitslag en het advies van de leerkracht op hetzelfde moment krijgen", verklaart Bol. "Vooral in steden waar geloot wordt voor middelbare scholen, leidde het ongelijke moment van toetsuitslag en schooladvies tot problemen."

4. Waarom is er naast alle toetsen voor het leerlingvolgsysteem ook nog een eindtoets in groep 8 nodig?

"Voor het onderwijs is het handig dat je kinderen via toetsen kunt voorsorteren, zodat we precies weten hoeveel klassen we over vijf jaar nodig hebben, en hoeveel docenten op welke niveaus", verklaart Heij. "Maar voor dat doel zou je eigenlijk kunnen zeggen dat een eindtoets niet zo veel toevoegt, want we volgen kinderen al jarenlang via het leerlingvolgsysteem."

Toch benoemt Bol een nut van de eindtoets: "We weten dat leerkrachten vooroordelen hebben. Dat is heel menselijk, maar wat we eraan kunnen doen is meer objectieve instrumenten zoals toetsen inbouwen, die kunnen helpen bij een zo onbevooroordeeld mogelijke beoordeling van een kind."

"Tijdens corona was er één jaar geen eindtoets, en in dat jaar zagen we dat veel minder kinderen uit 'lagere' sociale milieus naar de havo of het vwo gingen. We weten dus dat de eindtoets in het bijzonder goed is voor kinderen uit lagere sociale milieus. Zij krijgen ermee nog een keer de kans om te laten zien wat ze kunnen, waardoor het schooladvies hoger uit kan vallen dan de leerkracht eerst dacht."

5. Waarom toetsen we eigenlijk zoveel, is dat nodig?

Bol en Heij zijn in principe groot voorstander van toetsen. "Vooral omdat een toets kan dienen als hulpmiddel voor de docent", zegt Bol. "Docenten kunnen niet goed zicht houden op alle 25 of 30 kinderen in een klas, en op wie precies wat leert. Een toets halverwege en aan het einde van het schooljaar, kan daarom behulpzaam zijn."

Heij pleit voor andersoortige toetsen, want de toetsen nu vergelijken leerlingen met elkaar. Hoe jonger we dat doen, hoe schadelijker
het is voor een kind. "Een kind in groep 3 weet al van zichzelf dat het een zwakke scoorder is. Dat doet wat met het zelfvertrouwen. Hij of zij denkt bijvoorbeeld te dom te zijn om te kunnen leren lezen."

"Ik vergelijk het met een sjoelbak: als we eenmaal een kind in een van de vakjes hebben geschoven, komt-ie daar niet meer zo snel uit. Het hele systeem waarin we kinderen in een mal duwen, vind ik kwalijk."

info

EenVandaag Vraagt

In dit artikel zijn antwoorden verwerkt op vragen die zijn ingestuurd via EenVandaag Vraagt. Met EenVandaag Vraagt heb je invloed op wat we maken. Wil je meedoen? Download dan de Peiling-app van EenVandaag, ga dan naar 'Instellingen' en zet je notificaties voor EenVandaag Vraagt aan. Je vindt de vragen en antwoorden terug bij 'Doe mee'. De Peiling-app van EenVandaag is gratis te downloaden in de App Store of Play Store.

6. Hoe kunnen we kinderen toetsen zonder ze te veel stress en druk op te leggen?

Bol benadrukt dat het niet alleen de toetsen zijn die voor stress en druk zorgen. "Er is vrij weinig bewijs dat toetsen an sich stressvol zijn. Wat veel belangrijker is, is dat het hele onderwijs stressvoller is geworden. Het is belangrijker geworden waar je terechtkomt in de samenleving, en daardoor is de druk op het schooladvies ook zo groot. Maar dat komt niet per se door de toetsen. Ook als we die afschaffen, zullen kinderen nog steeds gestresst zijn over hoe ze het doen op school."

"Die stress en druk komt bovendien misschien soms meer vanuit de ouders, dan vanuit de kinderen zelf. Sommige ouders denken 'oh jee, is mijn kind wel on track voor het vwo-advies, zullen we toch geen bijles regelen?', terwijl het kind zelf het niets uitmaakt."

Toch zou Bol het goed vinden als er minder druk komt te liggen op de eindtoets. "Ergens vind ik het ook wel goed dat er druk achter die eindtoets zit, want daardoor leren kinderen daarmee om te gaan. Een belangrijke vaardigheid, ook richting de middelbareschooltijd waarin veel getoetst zal worden", zegt Bol. "Maar er ligt nu wel érg veel nadruk op dat ene moment dat de selectie bepaalt."

Ook Heij heeft daar moeite mee. "We hechten zoveel waarde aan die eindtoets als selectiemoment, dat ons hele onderwijs erop is ingericht. Daar zou echt verandering in moeten komen, bijvoorbeeld door te beginnen met een meerjarige burgklas waardoor we kinderen niet zo strikt hoeven te voorsorteren. Daarmee is echt een wereld te winnen."

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.