Scheiden zorgt altijd voor veel leed. Bij ouders, maar zeker ook bij kinderen. Uit onderzoek van het 1V Jongerenpanel in 2010 blijkt dat 60 procent van de jongeren met gescheiden ouders zich zorgen maakt om het lot van één van de ouders. Ook ondervinden ze jaren later nog last van de scheiding.

Uithuilen

Uit de vragen die we de 1VJ-leden hebben voorgelegd, blijkt dat meer dan de helft van de jongeren (56 procent) betrokken is bij de ruzies van hun scheidende ouders. Eén derde kreeg daarnaast te maken met een ouder die bij hen kwam uithuilen. Het panel geeft aan dat ouders dan ook te weinig rekening houden met de kinderen tijdens en na hun breuk.

65 Procent van de jongeren met gescheiden ouders geeft aan dat de scheiding voor hen problematisch was.

Ouders en kinderen in scheiding

Bijna de helft (47%) van de ouders heeft gedurende de scheiding genoeg rekening gehouden met hun kinderen, geven de jongeren zelf aan. Bij ruim een derde (37%) was dat echter niet het geval. Ook zegt 37 procent van de jongeren dat ze ouder waar ze na de scheiding niet meer bij wonen, vaker zouden willen zien. Eén op de drie (33%) van de jongeren geeft aan dat hun ouders na de scheiding slecht met elkaar omgaan. Bij 38 procent is dat wel goed, bij ruim een kwart (27%) niet goed maar ook niet slecht.

‘Jarenlang last’

Een scheiding draait nu vooral om de ouders, terwijl het juist om het kind zou moeten gaan,” reageert scheidingsonderzoeker Ed Spruijt in EenVandaag. In plaats van ‘gelijkwaardig ouderschap’ pleit hij voor ‘kindwaardig ouderschap’. “Kinderen hebben jarenlang last van een scheiding. Ze maken op latere leeftijd veel meer gebruik van zorg en hulpverlening dan kinderen van ongescheiden ouders.”

Over het onderzoek

Het onderzoek is gehouden in september 2010. Er deden 447 jongeren mee waarvan de ouder(s) zijn gescheiden of waarvan de ouder(s) nu in scheiding liggen. Na weging is de uitslag representatief voor drie variabelen, namelijk leeftijd, geslacht en spreiding over het land.