Door de lockdown lijkt het ver weg, maar er komt een tijd dat je weer met een gerust hart op vakantie kan. De overheid wil korte Europese vluchten verminderen. De trein is een alternatief, maar dat is minder flexibel volgens KLM-topman Pieter Elbers.

Bekijk ook

Spanningsniveau in Duitsland

Technische verschillen tussen landen komen vaker voor. De meest bekende is als je vanuit Nederland met de trein naar Duitsland gaat. Daar sta je soms wel een kwartier te wachten.

"Dat heeft met een ander spanningsniveau te maken. En tot op heden hebben we dat opgelost door er een andere locomotief voor te hangen, maar de komende jaren verandert dat want er is een locomotief besteld die op beide spanningsniveaus kan rijden", vertelt Wissenburg van ProRail.

Bekijk ook

Wat merk je er van als reiziger?

Hoe hinderlijk zijn die verschillen in sporen en techniek voor de treinreiziger? "Als reiziger merk je er niks anders van dan dat je soms moet overstappen. Wat de reden daarvan is zal de reiziger niet zoveel uitmaken", zegt hoogleraar transportbeleid Bert van Wee van de TU Delft.

Dat KLM-baas Elbers geen pleitbezorger is van minder vliegen en meer treinreizen mag geen verrassing zijn. Maar een spoorbreedte of technisch verschil is volgens Van Wee niet de reden dat mensen toch voor het vliegtuig kiezen. Daar had Elbers - los van tijd en geld- ook nog andere dingen voor kunnen aanhalen, zegt Van Wee. "Klantvriendelijkheid, bijvoorbeeld. Alle ticket-en informatiesystemen zijn veel minder klantvriendelijk bij het spoor dan bij de luchtvaart. Je hebt bijvoorbeeld geen heel toegankelijke sites waar je kan boeken. Iedere aanbieder regelt dat voor zich."

Luchtvaartsector is klantvriendelijker

Maar hoe komt dat? "De luchtvaartsector is veel klantgerichter, want zij zijn van begin af aan gewend mensen internationaal te vervoeren én moeten met elkaar concurreren", zegt hoogleraar Bert van Wee. "Bij het spoor zie je dat het internationale vervoer vaak het gevolg is van allerlei nationale spoorwegbedrijven die zeggen: 'Ja, we kunnen ook wel internationaal treinreizigers vervoeren'."

De samenwerking is daarom niet optimaal volgens Van Wee. "Het gaat de laatste jaren wel ietsjes beter, maar over de hele linie zie je dat die samenwerking tussen de spoorbedrijven niet zo goed tot stand is gekomen. Die redeneren heel vaak vanuit hun nationale rol, en zien het internationale als een soort 'bijproduct.'

Bekijk ook