Het begon met één gedichtje over corona en toen beloofde hij 'per ongeluk' er elke dag eentje te schrijven. Fred Eggink (68) heeft inmiddels al bijna 200 coronagedichten op zijn naam staan. Diederik Gommers nam de eerste bundel in ontvangst.

"Met dit gedicht begon het", zegt Fed Eggink als hij naar een zwarte plaquette loopt, die middenin Buren aan een muur hangt. Op een donkere avond in maart 2020 rolde het gedicht 'Bloesemland ' spontaan uit de pen. "We waren net in die vreemde wereld beland, waarin we nergens heen konden. Alles was nieuw en anders."

In 3 minuten

Op Facebook bleek de animo voor Egginks gedichten groot. "Toen heb ik me per ongeluk laten ontvallen er elke dag eentje te schrijven. Nou, dat heb ik geweten", lacht de gepensioneerde leraar en journalist. Al doende leerde hij. De beste gedichten staan in gemiddeld drie minuten op papier. "De gedichten die het moeizaamst gaan, kan ik het beste weggooien. Dat wordt niks."

Zijn inspiratie doet hij vaak op als hij naar het nieuws luistert in de auto. Aanvankelijk was Eggink bang na de eerste coronagolf in herhaling te vallen. Bij de start van de tweede golf werd het hem snel duidelijk dat die angst ongegrond was. "Er gebeurt weer zoveel geks. Zojuist hoorde ik iets over mensen die naar Oss zijn gegaan omdat ze wilden helpen met het verspreiden van het vaccin! Een hele domme actie natuurlijk, maar dan denk ik wel: hee, dat is een gedichtje."

Fred Eggink draagt het gedicht Kleur voor

Goede doel en stadsdichter

De eerste honderd gedichten zijn inmiddels gebundeld onder de titel 'Niet aanraken alsjeblieft' en werden in september 2020 in ontvangst genomen door ic-arts Diederik Gommers. "Hele leuke man. Hij verliet er een overleg met Ernst Kuipers iets eerder voor!", vertelt Eggink.

Over een paar weken komt de tweede bundeling uit. Of Gommers dan weer tijd heeft denkt Eggink niet. "Ik breng het naar hem toe." Egginks coronagedichten leveren hem geen windeieren op. Hij verzamelde al 5000 euro voor goede doelen in en mag zich sinds 1 januari de stadsdichter van Buren noemen.

Snelste gedicht

De snelste pennenvrucht was een gedicht over een vrouw, die in de supermarkt boos werd dat er geen koopzegels meer waren door corona. Binnen een minuut stond het op papier:

Zegels
De vrouw die ontplofte, dit was ongehoord
Geen zegels bij de kassa, ze werd bijkans gestoord

Dat de wereld op slot zit, dat mag dan wel zijn
maar geen koopzegels meer, dat geeft echt chagrijn

Zo'n vrouw wens je 'n kaart, met oudjaar en wat regels:
een gelukkig nieuwjaar, veel heil en zegels

Knuffeldag

Het succes wijt de dichter zelf aan het feit dat in het allereerste begin mensen thuis zaten en niet veel te doen hadden. "Lezers lieten me weten er 's avonds op de nieuwste te zitten wachten of juist 's ochtends in bed het elkaar voor te lezen." Dat het veel mensen steun en troost geeft, doet Eggink veel.

Hij had nooit verwacht in 2021 nog steeds gedichten te maken over corona. "Vorig jaar juni maakte ik een gedicht waarin de regering vroeg om 1 september 2020 tot nationale knuffeldag uit te roepen. Nou, dat kan ik dit jaar weer doen!"

Lees ook