Windparken in Nederland krijgen veel te veel subsidie. Daardoor maken ze grote overwinsten die investeerders in eigen zak kunnen steken. Voor windprojecten die in 2019 en 2020 subsidie kregen, gaat het om zo'n 570 miljoen euro te veel.

Het geld is eigenlijk bedoeld om de klimaatdoelen te halen. De consument draait op voor de subsidies via een heffing op het gebruik van gas en elektriciteit.

Bijna helft subsidie is overwinst

Machiel Mulder en Daan Hulshof van de Rijksuniversiteit Groningen hebben berekend om hoeveel subsidie te veel het gaat: vandaag wordt dat onderzoek gepubliceerd in het vakblad voor economen ESB. Eerder dit jaar promoveerde Hulshof onder meer op een onderzoek naar overwinsten bij windmolenparken. Samen met hoogleraar energie-economie Machiel Mulder heeft hij daar nu ook een bedrag aan gekoppeld.

"Wij schatten dat windprojecten die in 2019 en 2020 subsidie toegewezen hebben gekregen over de hele looptijd van 15 jaar zo'n 570 miljoen euro aan overwinsten realiseren. Ze krijgen dus 570 miljoen euro meer subsidie dan ze nodig hebben," zegt Hulshof. "Dat is ongeveer de helft van de totale subsidie-uitgaven voor deze windparken."

Groen aantrekkelijker maken

Ontwikkelaars van windparken, maar ook van zonneparken, krijgen subsidie van het Rijk om investeren in groene energie aantrekkelijk te maken. Meer groene energie is nodig om in 2050 de klimaatdoelen te halen. Bij normale stroomprijzen is de subsidie 1,2 miljard euro. Als de stroomprijzen heel laag zijn, ligt het budget wat hoger.

De subsidies moeten volgens hoogleraar Mulder minimaal de kosten dekken. "Maar de investeerders moeten natuurlijk ook een beetje overwinst kunnen maken, zodat ze echt geïnteresseerd zijn om in Nederland te investeren. De subsidie moet normale winst mogelijk maken. Maar de investeerders maken nu veel meer winst dan nodig is."

Bekijk ook

De burger betaalt

De subsidie voor groene energie wordt betaald door huishoudens, maar ook bedrijven worden extra belast voor iedere kilowattuur stroom en iedere kubieke meter gas die ze gebruiken. "Dat geld is bedoeld om de klimaatdoelen te halen, niet om investeerders overmatig te belonen. Maar hier wringt de schoen: de teveel betaalde subsidie belandt bij de investeerders. Die hebben daarvan de lusten, de burger de hogere lasten. Dat is niet rechtvaardig."

"Met de 570 miljoen euro die de investeerders nu incasseren, zijn veel meer groene projecten te realiseren", zegt Hulshof, maar dat gebeurt dus niet.

Zes regio's

Maar hoe komt het dat er veel te veel subsidie wordt verleend? Daar zijn twee oorzaken voor. In beide gevallen speelt de wind een belangrijke rol. Het Rijk maakt een inschatting van de kosten en opbrengsten van een windpark. Alle gemeenten in Nederland zijn ingedeeld in 6 regio's met de gemiddelde windsnelheid op 100 meter hoogte.

In de praktijk verschilt de wind niet alleen per regio of gemeente, maar ook per plaats binnen die gemeente en per hoogte op dezelfde plek. Op de ene plek is de windsnelheid hoger, een paar kilometer verderop lager.

Windregio's
Bron: EenVandaag
De zes regio's voor windsnelheden in Nederland

Slimme investeerders

Zo waait het in de Flevopolder bijvoorbeeld veel harder op de dijk dan in het achterland. Maar de subsidieregeling houdt daar geen rekening mee.

"Investeerders zijn slim", zegt Mulder. "Ze kijken rond en zoeken naar de beste plekken." Hulshof: "Als je met je windmolens meer wind vangt dan waar de subsidieregeling vanuit gaat, krijg je meer geld dan je nodig hebt om het park rendabel te maken."

Bekijk ook

Aanpassing heeft niet geholpen

En dan is de situatie in Nederland al veranderd. Mulder deed in 2007 ook onderzoek naar subsidieregelingen voor de opwekking van duurzame energie. "Ook toen bleek dat er te veel werd betaald. Toen werd er nog van uitgegaan dat alle turbines in Nederland te maken hadden met dezelfde windsnelheid."

Die regeling is aangepast en het land is nu dus verdeeld in zes regio's. "We hadden verwacht dat de oversubsidiëring daarmee omlaag zou gaan, maar kennelijk is dat niet zo. Het is voor de jaren 2019 en 2020 procentueel gezien hetzelfde als in 2007: 50 procent te veel subsidie."

'Op 200 meter waait het altijd'

Verder speelt de hoogte van de windturbines ook een rol. De subsidieregeling gaat uit van 100 meter, maar volgens Mulder is de meerderheid van de turbines tegenwoordig veel hoger dan 100 meter. "Hoe hoger je gaat, hoe meer wind je vangt. Op hoogtes van 200 meter waait het altijd."

"Dus het is zeer aantrekkelijk voor investeerders om hele hoge windturbines te bouwen. Je hebt dan in principe minder subsidie nodig om rendabel te draaien, maar je krijgt gewoon het bedrag dat is afgestemd op turbines van 100 meter hoogte."

Ook bij zonneparken

De overwinsten die Mulder en Hulshof hebben berekend voor windparken, gelden mogelijk ook voor zonneparken, zeggen ze. "Ook daar gaat de regeling uit van een aantal gemiddelde kenmerken: projecten op land, water, op daken, groot- of kleinschalig."

"Maar er wordt geen rekening gehouden met de intensiteit van het licht op de locatie. Die kan namelijk behoorlijk verschillen. Dus ook bij zon verwachten we overwinst," zegt Mulder.

Bekijk ook

Branchevereniging: 'Op 71 projecten valt het mee'

"570 miljoen euro is veel geld natuurlijk", zegt voorzitter Hans Timmers van de Nederlandse Windenergie Associatie, de branchevereniging van de windsector. "Maar als je dat over de 71 projecten van die 2 jaar uitsmeert, valt het wel mee."

De investeerders stoppen die overwinst niet in eigen zak, zegt hij. "Een ontwikkelaar kan op één project veel geld verdienen, maar dat compenseert de projecten die mislukt zijn. En daar kijkt het Groningse onderzoek niet naar." Dus te veel aan subsidie uit het ene jaar wordt volgens hem doorgeschoven naar jaren waarin ze verlies lijden. Windparkontwikkelaars maken volgens Timmers een gemiddeld rendement van rond de 8 procent.

Ministerie weet ervan

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat meldt dat het risico op overstimulering, te veel subsidie, bekend is. Maar zegt dat ze 'deze mate van oversubsidiëring niet herkennen'. Volgens het ministerie wordt in het onderzoek geen rekening gehouden met de praktijk, zoals de daadwerkelijke bedrijfs- en onderhoudskosten van een windpark.

"Het ministerie werkt doorlopend aan het maximaal beperken van het risico op oversubsidiëring. Elke ronde van subsidie is gebaseerd op onafhankelijke adviezen van het Planbureau voor de Leefomgeving. Bovendien wordt de regeling regelmatig geëvalueerd, waaronder op het punt van oversubsidiëring. Dit onderzoek en andere adviezen van experts worden daarbij ook meegenomen."

Bekijk ook

'Overheid kan ook sommetje maken'

Toch is volgens de onderzoekers ook voor het ministerie te berekenen hoeveel subsidie er te veel wordt uitgekeerd. "De informatie die de investeerders gebruiken is openbaar, dus de overheid kan ook een sommetje maken. Waar wordt hoeveel winst gemaakt per turbine. Maar ze gebruiken die informatie kennelijk niet," zegt Mulder.

"Onze aanbeveling zou zijn om met onze bevindingen de subsidieregeling aan te passen, beter te maken, want het gaat om heel veel geld." Hulshof: "Het ministerie zou meer rekening kunnen houden met de verschillen in windsnelheid binnen de regio's en met de hoogte van de windturbines. Het subsidiebedrag kan dan naar beneden."

Bekijk hier de reportage over dit onderwerp

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.