Isolatie is het toverwoord van de laatste tijd, vooral vanwege de hogere energieprijzen. En daar kun je subsidie voor krijgen. Toch vragen veel mensen die subsidie niet aan en komt dat geld vooral terecht bij mensen die bovenmodaal verdienen.

De goed verdienende huizenbezitters met een villa of twee-onder-een-kap hebben de afgelopen jaren de meeste subsidie aangevraagd om hun huis te laten isoleren. Dat blijkt uit recent onderzoek van TNO naar de periode tussen 2016 en 2020. Het gaat dan vooral om de isolatie van de spouwmuur, de gevel, de vloer, het dak en de ramen.

Isolatiebudget verhoogd

Het budget van de isolatiesubsidies voor huiseigenaren is de afgelopen jaren fors gestegen van 46 miljoen euro voor de periode 2016-2017, naar 150 miljoen voor de periode 2019-2020. Voor dit jaar was er 124 miljoen euro beschikbaar. Van dat bedrag was eind november nog 40 miljoen euro over.

Het geld dat wel werd aangevraagd, is niet evenredig verdeeld over de huishoudens. De onderzoekers concluderen zelfs dat bijna vier op de tien aanvragers hun huis ook had geïsoleerd als ze geen subsidie hadden gekregen. Eigenaren van vrijstaande woningen deden in de onderzochte periode 34 tot 40 procent van de aanvragen, eigenaren van rijtjeswoningen 18 tot 24 procent.

Bekijk ook

Hoge drempels

Huiseigenaren met een lager inkomen lopen tegen meerdere problemen aan. Ze kunnen isolatie bijvoorbeeld niet altijd voorschieten. Ook moet je minimaal twee isolatiemaatregelen nemen om in aanmerking te komen voor subsidie én moeten de te isoleren oppervlakten voldoen aan minimale afmetingen. Voor dakisolatie gaat het om minimaal 25 vierkante meter en voor ramen 10. In kleine huizen is dat niet altijd haalbaar.

Daarnaast heeft die groep volgens TNO sowieso meer moeite om de subsidieaanvraag te regelen en offertes te beoordelen. Een hogere vergoeding zou helpen om meer mensen over de streep te trekken: "Gemiddeld zou meer dan de helft van de niet-isoleerders bij een vergoeding van 59 procent overwegen om te isoleren." Toch adviseert TNO niet om de drempels te verlagen, omdat het dan ook makkelijker wordt voor mensen die het niet nodig hebben.

Bekijk ook

In de steek gelaten

Peter de Vries uit Dordrecht is een van de vele mensen die graag aanvullende isolatiemaatregelen willen nemen, maar niet weet hoe hij het moet betalen. "Wij hebben alleen beneden dubbel glas. Als we dat boven ook willen, is dat een aardig bedrag. Dat zouden we graag willen doen, want dat scheelt in de energie. Boven beslaan de ramen en krijg je vocht in huis. Dat tast je vensterbanken weer aan. Maar het is voorlopig niet haalbaar."

Hij vindt daarom dat de overheid veel meer moet helpen om ook de kleinere isolaties mogelijk te maken. "De overheid moet de drempels verlagen. Er zijn heel veel mensen die je ermee kan helpen. Er zijn zoveel mensen die in hetzelfde schuitje zitten als wij. Met kleine stappen kom je al een heel eind, maar de overheid weet niet dat dit een probleem is. Je voelt je in de steek gelaten daardoor."

Bekijk ook

Gratis onderzoek

Hoogleraar Duurzaam bouwen Anke van Hal,van de Nyenrode Business Universiteit is niet tegen subsidies, maar pleit wel voor het versimpelen van isoleren. Tochtstrips en deurdrangers kunnen bijvoorbeeld al veel doen. "Ik vind dat de focus te beperkt is, vooral gericht op isolatiemaatregelen. Daardoor blijven veel eenvoudige stappen buiten beeld, terwijl die veel verschil kunnen maken én beschikbaar zijn voor mensen die geen subsidie kunnen krijgen."

Volgens haar moet per woning gekeken worden welke maatregelen zinvol zijn. Bijvoorbeeld met een blowerdoortest, waarbij kieren zichtbaar worden en warmtecamera-onderzoeken. "Mijn voorstel: stel dit soort onderzoeken gratis beschikbaar voor mensen die echt te kampen hebben met energiearmoede en maak ze veel toegankelijker voor mensen die zo'n onderzoek wel kunnen betalen."

Bekijk hier de reportage

Bekijk ook

Het kan beter

Op Prinsjesdag werd aangekondigd dat er de komende 3 jaar 514 miljoen euro gaat naar isolatiesubsidies. Het vergoedingspercentage van de subsidies wordt verhoogd van 20 naar 30 procent en gemeenten krijgen een budget van 150 miljoen euro 'om energiearmoede bij kwetsbare huishoudens tegen te gaan'.

Volgens minister Ollongren worden de lage inkomens wel bereikt, maar kan het beter. "We gaan de regeling uitbreiden en het makkelijker maken om gebruik te maken van de subsidie. Het moet naar de woningen waar de meeste winst te behalen is, met de slechtste energielabels. Ook naar de huiseigenaren met lage inkomens." In het inkomensafhankelijk maken ziet ze niets.

Bekijk hier de reactie van de minister.