Volgens Donald Trump zijn de presidentsverkiezingen doorgestoken kaart en spelen de Democraten vuile spelletjes.

In ieder interview, speech en debat hamert hij erop: de Democraten hebben de verkiezingen gemanipuleerd, gefraudeerd en gekocht. Hij heeft ook voorbeelden te over: medewerkers van Clinton’s campagneteam zouden overleden mensen hebben geregistreerd als kiezer, frauderen volop en ook alle verhalen van vrouwen over Trump komen uit de koker van Hillary’s campagneteam. Tenslotte verwijt hij hen miljoenen dollars te hebben gespendeerd aan negatieve reclamespotjes over hem.

En niet alleen de Democratische Partij bedient zich van deze praktijken volgens Trump, ook de media doen hierin mee en spelen onder één hoedje met het team van Clinton. Alles om Trump dwars te zitten. En allemaal bedacht door 1 vrouw, zijn tegenstander: Crooked Hillary.

“Dit kunnen we toch niet toestaan?” roept Trump zijn aanhangers toe. En dus roept hij zijn supporters op naar de stembureaus te gaan om daar te checken of de verkiezingen wel eerlijk gebeuren. Hij wijst ook specifieke buurten en wijken aan, zoals de ‘binnensteden’. Eigenlijk bedoelt hij de wijken waar de Afro-Amerikanen wonen (zij stemmen meestal op de Democraten), maar dat  zegt Trump niet hardop.

In het debat van vannacht ging Trump een stap verder. Hij stelde dat hij de uitslag van de verkiezing niet voetstoots zal accepteren.

Politici en commentatoren buitelen over elkaar heen om hun afschuw over deze uitspraak te uiten. Clinton reageert direct en noemt het angstwekkend; politieke commentatoren noemen het een belediging en een aanval op het democratische systeem. Persbureau AP stelt dat Trump een ‘fundamentele pilaar onder het Amerikaanse systeem omver dreigt te werpen’.

De irritatie is zo groot, omdat Trump met zijn verdachtmakingen communiceert dat het politieke systeem onbetrouwbaar en niet onafhankelijk is. En dat is een zware beschuldiging. Trump ondermijnt het politieke stelsel. Bij zijn aanhangers, die toch al geen hoge pet op hebben van ‘de politiek’ gaan deze uitspraken erin als zoete koek.

Bewijzen voor grootscheepse fraude heeft Trump niet; onderzoeken ondersteunen zijn beweringen niet. Zijn politieke aanhangers verdedigen zijn uitspraak van vannacht en wijzen op de vreemde uitslag van 2000. In die strijd tussen Al Gore en George W. Bush had Gore meer absolute stemmen, maar Bush meer kiesmannen. In Florida bleken veel kiezers door een enorm ingewikkeld stembiljet op een verkeerde kandidaat te hebben gestemd. Gore erkende de uitslag niet en eiste een hertelling en een uitspraak van het Hooggerechtshof. Uiteindelijk, op 12 december, een maand na de verkiezingsdag, wees het Hof Bush aan als winnaar van de verkiezingen en nam Gore zijn verlies.

Toch is dat iets anders dan de grootscheepse manipulatie en fraude waar Trump nu over rept. Bij de Democraten hebben ze het wel gehad met de verdachtmakingen van The Donald.

Clinton haalde in het debat aan dat Trump vooral klaagt als hij aan het verliezen is: “Als hij aan de winnende hand is, hoor ik hem niet”.

President Obama is helemaal klaar met de verdachtmakingen. “Stop met zeuren en zorg gewoon dat je genoeg stemmen krijgt”, is zijn advies.

Tom in the States