Vanwege een nieuwe wet moeten verenigingen en stichtingen sinds deze week verplicht hun statuten aanpassen. En dat kost veel clubs een vermogen. "Voor alle verenigingen samen is dit een kostenpost van 600 miljoen euro."

Die inschatting maakt directeur Joost van Alkemade van de Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk (NVO). Hij is bepaald niet blij met de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR), die op 1 juli is ingegaan. Vooral kleine vrijwilligersorganisaties dreigen de dupe te worden, ziet hij.

'Buitenproportioneel'

In de nieuwe wet staan regels over taken, bevoegdheden, verplichtingen en aansprakelijkheid van verenigingen en stichtingen. Op die manier zouden wanbestuur, onverantwoordelijk financieel beheer, zelfverrijking en misbruik van posities moeten worden voorkomen.

"Prima hoor, om misstanden te voorkomen bij woningcorporaties en scholengemeenschappen, die beleggen met het geld. Maar deze wet geldt ineens voor ongeveer 300.000 besturen van stichtingen en verenigingen, ook voor de kleinere. De wet is buitenproportioneel. Ik denk niet dat, als je een crimineel bent, een zomerkampstichting zal oprichten om je drugsgeld weg te sluizen."

Een duur grapje

Stichting Kalverpolder kan over de nieuwe wet meepraten. De vrijwilligers van de stichting beheren de gelijknamige polder naast de Zaanse Schans. Door de WBTR krijgen ze er een hoop administratieve rompslomp bij, die ze in totaal een kleine 1000 euro kost. "Dat is voor ons een duur grapje."

Bekijk hier de reportage over dit onderwerp, met het verhaal van Stichting Kalverpolder

Overvallen door wet

De meeste verenigingen en stichtingen in Nederland zijn, net als Stichting Kalverpolder, kleine vrijwilligersorganisaties. Zij moeten rondkomen van donaties en kleine subsidies. "Elke carnavalsvereniging in Nederland moet nu bijvoorbeeld de statuten aanpassen", vertelt Van Alkemade.

Veel maatschappelijke organisaties werden bovendien overvallen door de nieuwe wet. "Er moet veel tijd en geld in gestopt worden. Het kost een bestuur ongeveer 16 uur om hiermee bezig te zijn. Vaak worden adviseurs aangetrokken, die zo'n 300 euro kosten. Dan moet je ook nog de statuten aanpassen, en daar heb je een notaris voor nodig: kosten 600 euro. Als je alles bij elkaar optelt, is dat zo'n 600 miljoen euro voor alle verenigingen en stichtingen. Geld dat straks niet besteed kan worden aan de activiteiten waar ze voor zijn opgericht, zoals een betere natuur, buitensporten of een zomerkamp voor kinderen van ouders met lage inkomens."

Bekijk ook

'Geen dwingend karakter'

Verenigingen en stichtingen hebben 5 jaar de tijd gekregen om de aanpassingen te doen. Het ministerie van Justitie en Veiligheid laat in een reactie weten dat de wet geen dwingend karakter heeft.

"De wet bepaalt dat pas bij een eerstvolgende keer dat een vereniging of stichting naar de notaris gaat, wanneer en om wat voor reden dan ook, een regeling voor het doorvoeren van de aanpassingen moet worden opgenomen in de statuten. Verenigingen en stichtingen hoeven door deze wet niet nú naar een notaris."

'Voorlopig stoppen met nieuwe regelgeving'

De WBTR is niet de eerste wet, waar vrijwilligersorganisaties de laatste jaren mee te maken krijgen. Zo was er bijvoorbeeld eerder de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming), die privacy regelt. "Als je daar iets verkeerd doet, dan kun je een boete krijgen van een ton. Heel veel besturen zijn daar zo van geschrokken, dat ze op een gegeven moment geen foto's meer van hun activiteiten op hun site plaatsten, omdat ze bang waren dat het niet mocht."

Van Alkemade wil het kabinet daarom oproepen voorlopig te stoppen met nieuwe regelgeving: "Hou op met dit soort stapelwetgeving. Even geen nieuwe wetgeving voor de komende 5 jaar!"