Er is nog maar net een branchevereniging, maar nu al maakt die zich grote zorgen over het aantal tatoeëerders in Nederland. Dat groeit hard, maar vooral ongecontroleerd. "Wie zin heeft, kan gewoon beginnen. Daar gaat het mis."

Volgens de Kamer van Koophandel verdubbelde het aantal tatoeëerders in de afgelopen 7 jaar. In 2013 waren het er bijna duizend, nu meer dan tweeduizend. Tattooshops, maar ook mensen die het thuis doen - zogenoemde 'thuisprikkers'. En dat gaat niet altijd goed, weet tatoeëerder en vicevoorzitter Gerrit Grootenhaar van de Nederlandse Brancheorganisatie Tattoo Kunst. "Momenteel wordt 40 procent van de bedrijven door de GGD beboet of gesloten vanwege slechte hygiëne."

'Ik ben geen thuisprikker'

Thuistatoeëerder Marina kan zich bepaald niet vinden in het oordeel van de branchevereniging. 4 jaar geleden volgde ze een cursus tatoeëren, behaalde haar certificaat en verruilde haar baan in de zorg voor een shop aan huis. Aan de term 'thuisprikker' heeft ze een bloedhekel. Ze vindt het een denigrerende benaming. "Ik ben heel serieus met mijn werk bezig."

Toe ze begon, vroeg ze de benodigde hygiënekeuring aan bij de GGD. "Daarvoor zijn ze twee keer langsgekomen op basis van een steekproef. Zo kijken ze of alles in orde is, bijvoorbeeld of je de goede inkt hebt en de juiste desinfectiematerialen gebruikt."

Marina in haar tattooshop
Bron: EenVandaag
Thuistatoeëerder Marin: "Ik ben heel serieus met mijn werk bezig."

Strenger en professioneler

Hoewel het bij Marina goed gaat, is tatoeëerder en vicevoorzitter Gerrit Grootenhaar van brancheorganisatie Tattoo Kunst er niet gerust op dat elke thuistatoeëerder en tattooshop de hygiëneregels goed naleeft.

En dat ligt ook aan de GGD, vindt hij. "De huidige richtlijnen zijn onvoldoende, die moeten strenger en professioneler. Er staat bijvoorbeeld dat tatoeëerders over een makkelijk schoon te maken werkstation moeten beschikken en goede inkt moeten gebruiken, maar er is vervolgens geen handleiding waarin staat wat daar precies mee bedoeld wordt." Iets anders wat volgens hem nu ontbreekt in de regels is dat tatoeëerders kennis moeten hebben van anatomie.

Certificaat

Een ander probleem is volgens Grootenhaar dat de GGD op dit moment een certificaat, of keuringsmiddel verleent per tattoo-shop, maar niet per tatoeëerder. "Dat laatste zou moeten gebeuren, je krijgt ook pas een rijbewijs als je kunt autorijden. Anders kan je bij wijze van spreken gewoon aan je buurman vragen of hij je wil tatoeëren."

Hij ziet een certificaat per tatoeëerder als oplossing. "Als branche moeten we de handen ineen slaan en daarnaar streven."

De diepgang mist

Met dit certificaat wil de branche voorkomen dat 'onprofessionele' tatoeëerders aan de bak komen. "We zien teveel mensen die snel beginnen en geen verantwoordelijkheidsgevoel hebben. De gemiddelde leerling hoort er 2 tot 3 jaar over te doen of misschien wel langer. Wie zin heeft, kan nu gewoon beginnen, daardoor gaat het mis", zegt Grootenhaar.

"Er worden op dit moment cursussen aangeboden om tatoeëren binnen een week te leren, maar dat is niet hoe het werkt. Je mist dan de diepgang, technische onderbouwing en achtergrondinformatie. Daarbij heb je niet genoeg aan een korte cursus, het gaat dan al compleet fout in de basis."

Lees ook

Averechtse werking

Thuistatoeëerder Marina is het niet eens met Grootenhaar. "Ik denk dat ze de branche klein willen houden en beschermen, maar dat werkt averechts. Met een uitgebreid certificaat wordt het moeilijk om zomaar te beginnen", denkt zij. "Ik ben zelf ook aan de studie gegaan en de hygiëne richtlijnen waren onderdeel van de cursus"

"Het is je eigen verantwoordelijkheid hoe je ermee omgaat." Marina vindt daarom dat de strengere richtlijnen niet op iedereen toepasbaar moeten zijn. Haar alternatief: "Bied scholing aan en zorg dat mensen de ruimte krijgen om te leren. Veel mensen willen, maar kunnen niet. Laat die nieuwe mensen maar komen. Het is niet zo erg als er meer concurrentie komt. De markt is groot genoeg."

Bekijk hier de tv-reportage over dit onderwerp.