De racistische en homofobe appjes van Thierry Baudet, die Elsevier Weekblad gisteren publiceerde, zouden onder het briefgeheim vallen. Tenminste dat beweert de politicus ter verdediging. Maar volgens experts gaat dat niet op.

Thierry Baudet en andere kandidaten op de kieslijst van Forum voor Democratie deed in Whatsapp-groepen van de partij racistische opvattingen. Volgens Elsevier Weekblad heeft Baudet geappt: 'Wil jij dat je zus met een neger thuiskomt?', Gideon van Meijeren reageerde daarop met: 'Hell no'.

Papier/digitaal

Het briefgeheim is een grondrecht in Nederland en staat sinds 1848 in artikel 13 van de grondwet. Sindsdien is de tekst niet aangepast aan onze tijd van elektronische communicatie. "De grote vraag onder juristen is: is dat artikel ook van toepassing op digitale middelen zoals appjes? En dus niet alleen op post, telegram en telegraaf", zegt advocaat Christiaan Alberdingk Thijm, gespecialiseerd in auteurs- en informatierecht.

"Op zichzelf denk ik dat een appje wel door het briefgeheim wordt gedekt, nu WhatsApp een vorm van encryptie heeft die vergelijkbaar is met een dichtgeplakte envelop", zegt prof. Janneke Gerards, hoogleraar fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht. "Maar ik begrijp niet wat Baudet met het aanvoeren van dit argument wil bereiken."

Werkgerelateerd

Het briefgeheim heeft namelijk vooral te maken met het onderscheppen en openmaken van communicatie door de overheid tijdens het vervoer. Baudets appjes zijn door een deelnemer van een werkgerelateerde app-groep na ontvangst openbaar gemaakt.

Het briefgeheim speelt in deze situatie geen enkele rol, maar wel het recht op de persoonlijke levenssfeer of het recht op de privacy, zeggen Albedringk Thijm, Gerards en ook prof. Mireille van Eechoud van het instituut voor Informatierecht.

Lees ook

Privacy en politicus

Heeft Baudet dan een poot om op te staan? "Het delen van appberichten kan in strijd komen met de privacy, maar daarbij is dan een afweging nodig met het recht op vrijheid van meningsuiting. Zeker bij politieke uitingen -die van belang zijn voor het publiek debat- geniet de vrijheid van meningsuiting ruime bescherming", zegt Van Eechoud.

Ook Alberdingk Thijm verwacht dat een rechter de vrijheid op meningsuiting zwaarder zal laten wegen dan de privacy. "Het betrof hier een appgroep voor het werk met veel deelnemers en daarbij is Baudet een BN'er en een politicus. Dan kun je niet een maximale mate van privacy verwachten."

Ironie

Dat Baudet zich beroept op schending van zijn privacy is ietwat ironisch. Alberdingk Thijm legt uit dat in Nederland rechters geen wetten mogen toetsen aan de grondwet. Zij toetsen die wel aan het Europese verdrag voor de Rechten van de Mens. Daar zit een algemene bepaling over privacy in, die het briefgeheim en ook digitale communicatie beschermt.

"Het enige is dat Thierry Baudet niet wil dat Nederland aangesloten is bij dat verdrag." Dus het verdrag dat Baudet hierbij had kunnen helpen, wil hij juist afschaffen? "Ja, daar zit een bepaalde ironie inderdaad."

Lees ook