Gevaarlijke wegen buiten de bebouwde kom, die ook wel bekend staan als ‘dodenwegen’, moeten veiliger worden. Daarom steekt het kabinet 50 miljoen euro in de aanpak van deze wegen. Dat maakt minister van Infrastructuur en Waterstaat Cora van Nieuwenhuizen vandaag bekend. Maar volgens hoogleraar Transportbeleid Bert van Wee is de 50 miljoen euro van de minister “een leuke eerste aanzet” maar is er een veelvoud van dat bedrag nodig. Volgens Van Wee moet je eerder denken aan miljarden om de provinciale wegen structureel veilig te krijgen. “De aanleg van een kilometer snelweg kost in ons land al snel dertig miljoen dus je kunt je voorstellen dat je met 50 miljoen euro niet heel veel opschiet.”

Met het geld dat beschikbaar komt wil de minister dat onder andere bomen worden gekapt die langs de wegen staan en bermen veiliger gemaakt worden, zegt ze in een interview met het AD. In 2016 vielen er 629 doden in het verkeer, hoeveel dat er in 2017 waren maakt het Centraal Bureau voor de Statistiek morgen bekend. Ongeveer 85 procent van het aantal verkeersdoden valt op de N-wegen. Volgens Van Wee moet er niet alleen gekeken worden naar dure beschermende maatregelen. “Op veel plekken zal de snelheid omlaag moeten van 80 naar 60. Om dat te bereiken moeten er ook veel meer rotondes en snelheidsbeperkende maatregelen komen", aldus Van Wee.

Alleen het veiliger maken van de N59 kost al 10 miljoen euro

Teun de Boed verloor dertien jaar geleden zijn vader bij een ongeluk op de N59, de weg van Schouwen-Duiveland naar de Randstad. Een motorrijder klapte bij een inhaalactie tegen de auto waar Teun en zijn vader in zaten en zowel zijn vader als de motorrijder overleefde het ongeluk niet. Om de weg veiliger te maken startte hij een petitie voor een veiligere N59. De Boed is blij dat er nu eindelijk geld beschikbaar is voor de veiligheid van wegen. “Al denk ik dat 50 miljoen euro niet genoeg is, alleen het veiliger maken van de N59 kost al 10 miljoen euro.”

Er moeten veel doden vallen voordat er eindelijk iets gebeurt

Hannie Roberti heeft een vakantiehuis aan de N631 in Brabant bij Oosterhout. Daar gebeurden de laatste jaren elf ongelukken, waarvan drie met dodelijke afloop. Als EHBO’er moet ze vaak in actie komen: “Af en toe hoor ik zelf de klap. En dan zie je een mevrouw die onder een vrachtwagen ligt en stervende is, of een jongen die van zijn motor is geslingerd. Inmiddels al een veel te lange lijst.” Roberti is verbaasd dat er al die tijd niets gebeurd is aan de veiligheid van de N631: “Er moeten veel doden vallen voordat er eindelijk iets gebeurt. Het zal wel met geld te maken hebben."

'Raadsleden wuiven problemen N-wegen weg'

Volgens Bertus Wessels, die twaalf jaar lang in de gemeenteraad zat van Twenterand, ligt het niet alleen aan het geld: “Ik heb me in de raad jarenlang hard gemaakt voor verbetering van de veiligheid van N-wegen. Maar raadsleden wuiven het weg.  'Mensen moeten gewoon beter opletten’, zeggen ze dan.” Maar Wessels weet als geen ander hoe gevaarlijk provinciewegen zijn. Zevenenveertig jaar geleden reed hij zelf tegen een boom, toen hij vijftien was: “Dat was een jeugdzonde, maar dit soort zondes kunnen dodelijke gevolgen hebben. Het raakt mij als mensen er dan zo makkelijk over praten."