
Boeren zijn blij met Europese plannen voor versoepeling regels rond bestrijdingsmiddelen, maar drinkwaterbedrijven maken zich zorgen
De Europese Commissie wil de regels voor het gebruik van bestrijdingsmiddelen versoepelen. Boeren zijn blij, omdat hierdoor sneller groenere middelen beschikbaar zouden komen. Maar wetenschappers en drinkwaterbedrijven zijn bang voor een omgekeerd effect.
De discussie draait om de zogenoemde 'omnibuswet over voedsel- en diervoederveiligheid'. De Europese Commissie heeft eind vorig jaar een nieuw pakket aan regels gepresenteerd rond het gebruik van bestrijdingsmiddelen.
Verplichte herkeuring
Het doel van deze plannen is om de toelating van nieuwe bestrijdingsmiddelen simpeler te maken en te versnellen. Daarmee zouden boeren sneller toegang moeten krijgen tot middelen die minder schadelijk zijn voor mens en milieu.
Toch is er ophef over de wet. Dat komt vooral doordat de herkeuring, die nu elke 10 jaar verplicht is voor elk toegelaten middel, in de plannen wordt afgeschaft. Bestaande stoffen worden in de toekomst alleen nog onderzocht als wetenschappers specifieke zorgen hebben dat er mogelijk iets mis is. Critici zijn bang dat hierdoor schadelijke stoffen ongemerkt veel langer op de markt blijven.
Van de markt gehaald
Tineke de Vries is akkerbouwer en voorzitter van LTO Akkerbouw. Zij ziet het voorstel van de Europese Commissie juist als een noodzakelijke stap. Volgens haar worden momenteel in een hoog tempo bestrijdingsmiddelen van de markt gehaald door nieuwe inzichten over bijvoorbeeld PFAS of de relatie met bepaalde ziektes.
Er gaan nu veel middelen uit zonder dat we daar op dit moment een goed alternatief voor hebben.akkerbouwer Tineke de Vries wil dat de regels versoepeld worden
"We hebben dus een dringende behoefte aan versnelde toelating voor groene gewasbeschermingsmiddelen", benadrukt ze. "Er gaan nu veel middelen uit zonder dat we daar op dit moment een goed alternatief voor hebben."
'Risicogericht' beoordelen
Zonder een versneld toelatingsproces wordt het risico op mislukte oogsten steeds groter, zegt de akkerbouwer. De Vries wijst op hardnekkige ziektes zoals phytophthora in aardappelen. "Als we een heel nat jaar krijgen met een hoge ziektedruk, dan hebben wij gewoon niet meer genoeg middelen in de gereedschapskist om die ziekte de baas te kunnen zijn."
Ze vindt het logisch dat de verplichte herkeuring voor sommige stoffen verdwijnt om capaciteit vrij te maken. "Ik snap dat je middelen waar eigenlijk geen discussie over is een keer overslaat. En als er na 5 jaar al aanwijzingen zijn dat er iets niet goed zit, moet een middel meteen herbeoordeeld worden. Dat is veel meer risicogericht beoordelen, en daar hoeft de veiligheid echt niet minder van te worden."
'Onmisbaar' veiligheidsslot
De Tweede Kamer vroeg hoogleraar ecotoxicologie Martina Vijver, hoogleraar milieutoxicologie Nico van den Brink en universitair docent milieurecht Edwin Alblas om de Europese plannen te bestuderen en met een oordeel te komen. Vorige week presenteerden ze hun conclusies in het Nederlandse parlement en die waren niet mals.
Ze concluderen dat de plannen averechts werken voor de veiligheid en innovatie. Ook zeggen ze dat de herkeuring op dit moment als een onmisbaar 'veiligheidsslot' dient. Omdat de wetenschappelijke kennis over de giftigheid van stoffen voortdurend groeit, is volgens hen een vaste controle nodig om oude middelen aan de modernste standaarden te blijven toetsen.
Innovatie afremmen?
Daarnaast zijn de experts bang dat het versoepelen van de regels voor bestaande middelen de vernieuwing in de sector zal afremmen. Want als oude - vaak goedkopere - middelen zonder slag of stoot op de markt mogen blijven, is er voor producenten veel minder noodzaak om te investeren in echt duurzame alternatieven.
In hun rapport aan de Tweede Kamer adviseren de drie wetenschappers daarom om de verplichte herkeuring om de 10 jaar te behouden. Het is volgens hen beter om de capaciteit voor controles te verhogen bij de toezichthoudende instanties.
'Ontzettend geschrokken'
Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy (D66) is ook fel tegenstander van de plannen. "Ik ben ontzettend geschrokken", zegt hij. "De Europese Commissie lijkt alle sluizen open te gooien voor het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. En wat ik echt verbijsterend vind, is dat de Commissie met deze voorstellen is gekomen zonder een goede risicobeoordeling te maken."
Ook Gerbrandy vreest dat gevaarlijke effecten pas veel te laat aan het licht komen als de beoordelingen stoppen. "Door een middel voor eeuwig goed te keuren maak je het eigenlijk onmogelijk om op vaste momenten te testen of het niet toch gevaarlijk is. We zien neurologische aandoeningen toenemen en de wetenschap zegt dat er een link is met deze middelen."
Gevolgen voor drinkwater
Voorzitter Pieter Litjens van Vewin, de koepel van drinkwaterbedrijven, is bang dat de plannen zullen leiden tot afzwakking van bestaande afspraken. Hierdoor komt volgens hem de kwaliteit van drinkwaterbronnen onder druk te staan, terwijl drinkwaterbedrijven nu al steeds meer moeite moeten doen om water te zuiveren. "Zorg er nou aan de voorkant voor dat je de rotzooi er niet in stopt, dan hoeft het er ook niet uit."
Vooral het langer toestaan van verboden middelen is hem een doorn in het oog. In de plannen mag een schadelijk middel soms nog 3 jaar worden opgebruikt. "Dat betekent dat er nog langer stoffen met een schadelijke werking kunnen worden gebruikt, en dat hoopt zich uiteindelijk allemaal op in het grondwater. We gaan die verontreinigingen in de toekomst onvermijdelijk terugzien in onze bronnen."
Gaan de plannen door?
Ondanks de kritiek houdt akkerbouwer De Vries er vertrouwen in dat de Europese plannen erdoor komen. De voorzitter van LTO Akkerbouw hoopt dat de angst voor versoepeling de broodnodige versnelling voor groenere bestrijdingsmiddelen niet in de weg zal staan.
"Ik zou het ontzettend jammer vinden als door deze bezwaren die hele omnibuswet van tafel gaat", zegt ze. "Op het moment dat er een gerede twijfel is aan een stof, moeten we die onderzoeken. Daar staan ook wij achter."