Bijna 29.000 tweets stuurde ze al de wereld in. Joyce Lie, bestuursrechter in Den Bosch, is kampioen twitteren onder de rechters. Als Judge Joyce heeft ze accounts op Twitter, Facebook en Instagram en bereikt ze duizenden volgers. Ook promoot ze ‘klare taal’ in de rechtszaal. Ze vindt dat een moderne rechter transparant en communicatief moet zijn. "De rechter is geen mythische sprookjesfiguur meer. Gezag moet je van onderop verdienen."

Vrienden noemden haar vroeger Judge Joyce omdat ze als meisje al rechter wilde worden. "Het was een bijnaam. Ik wilde niet onder mijn naam twitteren. Dat voelde niet comfortabel."

'Knettergek'

Een rechter op social media moet voorzichtig opereren. Haar collega Sylvia Taalman sloot in 2016  haar twitteraccount min of meer gedwongen na veel kritiek. Ze tweette "knettergek’’ in reactie op de verkiezing van Geert Wilders tot Politicus van het Jaar. Dat zal Judge Joyce niet snel overkomen omdat ze over gevoelige zaken geen meningen geeft.

“Ik zit op social media om mensen aan het denken te zetten. Ik geef informatie zodat mensen zelf zich een oordeel kunnen vormen. Ik hoop dat ze genuanceerder gaan denken", zegt ze. "Via Twitter had ik contact met een vrouw die fel gekant was tegen rechters. Ze had ooit een procedure verloren. Na ons contact ging ze me volgen. Na een paar maanden tweette ze: 'Sinds ik deze rechter op twitter volg is mijn begrip en respect gegroeid."

Jargon

Judge Joyce promoot op haar twitteraccount ook duidelijke taal in de rechtszaal. Waarom zijn rechterlijke uitspraken vaak in moeilijke taal geschreven? "De belangrijkste reden is dat begrijpelijke, duidelijke taal lange tijd niet zo belangrijk werd gevonden. Rechters, officieren van justitie en advocaten begrijpen elkaar heel goed in hun vakjargon. En de advocaat legt het wel uit aan zijn cliënt. Maar de samenleving verandert en mensen willen zélf kunnen begrijpen wat er gezegd of geschreven wordt.’’

"Vroeger  kwam het gezag van een rechter rechtstreeks van God. Dat mythische rond het beroep bleef heel lang bestaan. Het idee dat de rechter een oppergod is en geen mens, is verdwenen. Er zijn mensen die dat erg vinden, die verlangen naar een veilig soort gezag. Maar ik vind dat gezag niet van boven moet komen maar van onderaf. De burger kent gezag toe aan de rechterlijke macht op basis van onze prestaties. Daarom moet je op een doorzichtige manier werken en laten zien hoe je tot je oordelen komt.’’