Meer dan 10 procent van de beroepsbevolking is laaggeletterd en ondervindt daarvan problemen op het werk of thuis. “Meer dan de helft van die mensen heeft een baan. Het is daarom tijd voor bedrijven om daarin hun verantwoordelijkheid te nemen", aldus SP-gedeputeerde Henri Swinkels van de provincie Brabant.

Onlangs werd het nieuwe regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst gepresenteerd. Het nieuwe kabinet trekt 5 miljoen euro extra per jaar uit om laaggeletterdheid tegen te gaan. Terecht, want laaggeletterdheid is een groot maatschappelijk probleem.

Beperkte taalvaardigheid werkt op allerlei manieren door in het leven van mensen. Denk aan een vergroot risico op schulden, gezondheidsproblemen, juridische problemen en digitale achterstanden. En in laagtaalvaardige gezinnen wordt het probleem vaak van ouders op kinderen doorgegeven. Het onderwijs alleen kan dit niet oplossen. Ook werkgevers kunnen een positieve rol spelen, want 57 procent van de laaggeletterden heeft een baan.

Kosten

PricewaterhouseCoopers heeft uitgerekend dat laaggeletterdheid de Nederlandse samenleving op jaarbasis bijna 1 miljard euro kost. De grootste posten zijn extra zorgkosten, uitkeringen en gemiste arbeidsproductiviteit. “Het bedrijfsleven is een belangrijke plek om laaggeletterden te traceren én te helpen. Werkgevers van sectoren waar relatief veel laaggeschoolde arbeid wordt verricht, zoals de bouw, de schoonmaak en productiebedrijven, hebben er baat bij dit probleem aan te pakken", aldus PricewaterhouseCoopers.

Onlangs schreef de provincie een brandbrief in de Brabantse kranten om aandacht te vragen voor laaggeletterdheid, want het levert mensen veel op. “Bijvoorbeeld minder ziekteverzuim, beter gemotiveerde, zelfverzekerde medewerkers, een positief imago en minder veiligheidsrisico's. Gebruiksinstructies van machines, uitleg, trainingen: allemaal vormen van informatieoverdracht waarvoor goede taalbeheersing noodzaak is.”

Probleem

Er is echter één probleem: bedrijven staan nog niet in de rij om de benodigde stappen te zetten. Uitzonderingen bevestigen natuurlijk de regel en in Brabant is inmiddels een handjevol organisaties aan de slag gegaan met het verbeteren van de taalvaardigheid van hun werknemers.  Positief voorbeeld hiervan is IBN. Een sociale werkplaats waar mensen leren rekenen, lezen en maatschappelijke vaardigheden leren. Harm van Zutphen is positief. “Wij vinden het heel belangrijk dat mensen handvatten krijgen in het leven. De overheid vraagt meer van mensen. Maar dan moet je die mensen er wel op toerusten.”  Toon Heijms was jarenlang laaggeteleerd. “Op de basisschool kon ik niet meekomen en later bijscholen was lastig. Vijf jaar geleden ben ik opnieuw begonnen, nu kan ik lezen en schrijven en is een last van mijn schouders gevallen.”  Toon is nu fietsenmaker en een eigen zaak. “Dat was me anders niet gelukt, ik ben zo blij dat ik begonnen ben, mijn leven een stuk makkelijker geworden."

Wat is laaggeletterdheid precies?

Volgens stichting Lezen en Schrijven hebben 1,3 miljoen mensen in Nederland van 16 jaar en ouder moeite met taal. Tweederde van deze mensen is van Nederlandse afkomst. Maar het begrip laaggeletterheid is een veel breder begrip. Het is een term voor mensen die moeite hebben met lezen, schrijven en/of rekenen. Mensen die laaggeletterd zijn, zijn geen analfabeten. Ze kunnen wel lezen en schrijven, maar beheersen niet het eindniveau vmbo of niveau mbo-2/3.