De rechtbank in Den Haag heeft de teruggekeerde Syriëganger Maher H. drie jaar onvoorwaardelijke celstraf opgelegd. De 20-jarige jihadist heeft zich volgens de rechtbank schuldig gemaakt aan het deelnemen aan de gewapende strijd in Syrië, wat volgens Nederlands recht strafbaar is.

Ook valt die deelname volgens de rechter onder terroristische misdrijven. Dit omdat H. bij een terroristische strijdgroep ging die met geweld een Islamitische Staat wilde afdwingen. De rechter heeft ook in algemene zin uitgesproken dat deelname van het gewapende conflict in Syrië, bij welke groepering dan ook, strafbaar is volgens het Nederlands recht. Tegen H. was drie jaar geëist.

De rechter sprak Shukri F., de vrouw van Maher H. vrij van ronselen van strijders en opruiing. Justitie had hiervoor vier jaar geëist. De rechtbank vond op alle punten niet bewezen dat ze zich daar schuldig aan heeft gemaakt. Wel uitte ze haar radicale gedachtegoed maar niet op een strafbare manier volgens de rechter.

Eerste uitspraak

Het was voor het eerst dat de rechter oordeelde over een teruggekeerde Syriëganger. De rechterlijke uitspraak is belangrijk voor de aanpak van justitie en de veiligheidsdiensten van teruggekeerde strijders en ronselaars. Het Openbaar Ministerie hanteert de lijn dat Syriëgangers bij terugkeer meteen worden opgepakt op verdenking van terrorisme. Aansluiting bij internationale terroristische organisaties, zoals IS en Jabhat-al-Nusra, is strafbaar.

Het OM baseert zich op beleid van minister Opstelten. Sinds deze zomer geldt vanuit de overheid een strenger regime, vastgesteld in het Actieprogramma Jihadisme. Advocaten missen een wettelijke basis voor de hardere aanpak en volgens hen was de uitspraak een ’testcase’.

EenVandaag over de uitspraak en de impact voor de verdere vervolging van jihadstrijders en ronselaars. We spreken met hoogleraar contra-terrorisme Edwin Bakker, die als getuige -deskundige optrad in de zaak. In Radio EenVandaag reageert Bart Nooitgedagt, advocaat in verschillende strafzaken tegen Syriëgangers en voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten. Hij is ook te gast in de tv-uitzending. Daarnaast is verslaggever Harm van Atteveld bij een bijeenkomst voor bezorgde ouders wiens kinderen mogelijk naar Syrië willen reizen. 

Dertig strafzaken

In totaal lopen er nu in het hele land dertig strafzaken tegen zeker zestig Nederlandse jihadisten. Die worden verdacht van onder meer ronselen, opruiing, deelname aan een terroristische organisatie, en deelname aan de gewapende strijd. Het Openbaar Ministerie heeft zeven extra officieren van justitie aangesteld om de verdachten te vervolgen. 

De strafzaak tegen Maher H. laat nu voor het eerst zien hoe justitie probeert te bewijzen dat Nederlandse jihadi’s wel degelijk hebben gestreden in Syrië of Irak. Bewijs vergaren is moeizaam, omdat justitie geen onderzoek kan doen in gebieden waar terroristische groeperingen actief zijn.

Maher H. en zijn vrouw, een steng-islamitisch echtpaar, verbleef ruim een half jaar in Syrië, in Aleppo. Sinds februari dit jaar zijn ze terug. H. zelf heeft verklaard daar alleen hulp te hebben verleend en volgens zijn advocaat Plasman is daar voldoende bewijs voor. Maar justitie zegt over beelden te beschikken en andere harde aanwijzingen dat hij daar meestreed. Maher H. zit vast op de Terroristen Afdeling, een speciaal regime voor terrorismeverdachten.

Redacteur Daan van de Staaij was vandaag aanwezig bij de rechtzaak en deed verslag via Twitter. Lees de updates rechtsboven op deze pagina terug.