Grote partijen cocaïne worden met medeweten van politieagenten van het Team Criminele Inlichtingen (TCI) Nederland ingevoerd. Dat zegt een criminele informant van de TCI in een exclusief interview met EenVandaag. Het doorlaten van drugs is streng verboden sinds de IRT-affaire in de jaren negentig.

De informant is een Amsterdamse drugscrimineel, Paul. Hij woont in Colombia. Daar is hij gelieerd aan een groot drugskartel in Medellin. Tegelijkertijd geeft hij al jaren gedetailleerde tips aan de geheime politie TCI over containers met coke die vanuit Zuid-Amerika naar Nederland worden vervoerd.

Paul zegt over zijn werk als criminele informant: “TCI is op de hoogte van 90 procent van de containers met drugs die aankomen. Dat is niet erg op het moment dat ze die containers daadwerkelijk in beslag nemen. Nu worden veel drugstransporten gewoon doorgelaten. En dus wordt er drugs ingevoerd met medeweten van de Nederlandse Staat.” 

Het doorlaten van drugs door politie en justitie, om zo grote drugsbazen en criminele transportbedrijven in het vizier te krijgen, leidt in de jaren negentig tot een grote crisis binnen het opsporingsapparaat. Als het nu weer gebeurt is dat zeer ernstig, zegt strafrechtdeskundige Sven Brinkhoff, gepromoveerd op het gebruik van geheime informatie in strafzaken: “Geen enkel onderdeel van de politie mag dat doen. Niet de tactische recherche, ook niet de geheime politie TCI. Als ze weten van drugstransporten moeten ze daar proces-verbaal van opmaken en de drugs in beslag nemen.”

Informant Paul (een schuilnaam die hij krijgt van TCI) duikt in december op in het megaproces rond de corrupte douanier Gerrit G. en een aantal drugsbazen. Volgens Paul moeten de Rotterdamse smokkelaars die zaken hebben gedaan met de platte douanier nog schulden betalen aan het kartel in Colombia waar hij voor werkt. Het totale bedrag dat nog open staat is 21 miljoen euro.

Het komt Paul daarom niet slecht uit als de TCI hem naar Nederland haalt om Gerrit G. stiekem af te luisteren. De TCI hoopt zo informatie los te krijgen over een aantal liquidaties. Een geheime operatie waar het OM in Rotterdam trouwens niet van op de hoogte is.

Als deze zeer belastende gesprekken uitlekken via misdaadblogs en de NOS, wordt Gerrit G. opnieuw vastgezet. Tegelijkertijd eisen de rechters in de zaak opheldering over de bijzondere rol van informant Paul. Het Openbaar Ministerie in Rotterdam moet van de rechtbank onderzoeken hoe en wanneer hij gehoord kan worden als getuige in de strafzaak.

Het OM ontkent met klem dat de TCI betrokken is bij het doorlaten van partijen drugs: “Deze informant heeft TCI geen informatie verschaft over het beweerdelijk doorlaten van drugstransporten. TCI is niet bekend met enige feitelijke onderbouwing van deze beweringen en is uiteraard op geen enkele wijze betrokken bij het doorlaten van drugstransporten.” 

Vanavond in EenVandaag een uitgebreid interview met de criminele informant Paul en een reactie van strafrechtdeskundige Sven Brinkhoff van de Radboud Universiteit Nijmegen.