Twee derde van de inwoners van de provincies  Noord-Brabant, Limburg en Zeeland maken zich zorgen over aantasting van het milieu vanwege lozing van synthetische drugs. Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder 4111 inwoners van de zuidelijke provincies.

Vanwege overlast door synthetische drugs maakt ruim een op de vijf (22%) van de ondervraagden zich zorgen over zijn of haar gezondheid, en 38 procent over de veiligheid.

De uitslag per provincie kunt u onderaan deze pagina zien.

Burgemeesters: 'Te weinig middelen'

EenVandaag ondervroeg ook 41 burgemeesters uit de zuidelijke provincies. Ruim twee derde van hen (68%) zegt onvoldoende financiële middelen te hebben om overlast aan te pakken.

Minister Opstelten maakte vorige maand bekend geen extra fondsen te willen vrijmaken voor het bestrijden van de drugsgerelateerde criminaliteit in Zuid-Nederland. Veel burgemeesters stellen dat ze de problemen zonder extra geld en middelen niet onder controle krijgen.

“In de huidige omstandigheden  kunnen we de problemen niet aan,” aldus een burgemeester. “Politie en OM moeten echt meer middelen krijgen om diep te graven, en drugsorganisaties tot in de kern te ontrafelen. Als we alleen maar dweilen komen we er niet aan toe de kraan dicht te draaien.”

Ervaring

Zeven op de tien ondervraagde burgemeesters melden dat zij de afgelopen twee jaar te maken hebben gehad met illegale lozingen van drugsafval in hun gemeente. De helft werd geconfronteerd met de vondst van drugslabs. Volgens de meeste deelnemers is de overlast door handel in synthetische drugs de laatste jaren toegenomen. Geen enkele burgemeester meldt een afname.

Zorgen

Van de ondervraagde burgemeesters maakt 61 procent zich zorgen over aantasting van het milieu in zijn gemeente. En daaruit voortvloeiend is één op de drie deelnemers ook bezorgd over de gezondheid van zijn inwoners.

Over de onderzoeken

EenVandaag deed onderzoek onder burgemeesters en burgers uit Noord-Brabant, Limburg en Zeeland.

In totaal deden 41 burgemeesters mee uit de zuidelijke provincies. Het onderzoek onder burgemeesters vond plaats van 11 juli tot en met 8 augustus 2014. In totaal zijn 115 burgemeesters ondervraagd.

Aan het Opiniepanel onderzoek deden 4.111 leden mee die wonen in Noord-Brabant, Limburg of Zeeland. Dat onderzoek vond plaats van 22 tot en met 30 juli 2014. Het onderzoek is na weging representatief voor zes variabelen.