Met de deelname van Anouk in 2013 kwam er een einde aan de 8 magere jaren waarin Nederland niet één keer de finale van het Songfestival haalde. "Het ging te lang te veel over de poppetjes en te weinig over de muziek", zegt Songfestivalwinnares Lenny Kuhr.

Songfestivalkenner en fan Tony Groenendijk zat vanaf 2000 steeds vaker gekweld naar de Nederlandse inzendingen te kijken. "Daarvoor hadden we nog af en toe een succes. In 1993 werd Ruth Jacott zesde met 'Vrede' en in 1996 werden we zevende met 'De eerste keer' van Maxine en Franklin Brown. Maar vanaf 2004 werden er halve finales georganiseerd, en begonnen we met het inzenden van een flink aantal vreselijke nummers. Noem maar een Sieneke, een Joan of de Toppers. Zo hebben we een hele lijst van namen die gewoon bij voorbaat al gedoemd waren te mislukken. Acht keer op rij hebben we de finale toen niet gehaald."

Het lachertje van het Songfestival

Ook Tony's vriendin Hanneke Ouwerkerk zat in die jaren met plaatsvervangende schaamte te kijken. "Het was om moedeloos van te worden. Dat nummer van Sieneke is heel leuk voor hier en ze zingt goed, maar je moet kijken waar je aan meedoet en of het past. Ik denk dat ze met 'Sha-la-lie' het gevoel van Nederlandse knusheid en kneuterigheid naar het festival wilde sturen, maar onze gezelligheid kun je niet overbrengen op een internationaal publiek." Tony is blij dat ze er achter zijn gekomen dat het niet de succesformule was. "We waren toen echt het lachertje van het Songfestival."

Songfestivalkenner en fan Tony Groenendijk met vriendin Hanneke en Salvatore
Bron: EenVandaag
Songfestivalkenner en fan Tony Groenendijk met vriendin Hanneke en Salvatore

Journalist én commentator van het Songfestival Cornald Maas herinnert zich die tijd ook nog goed. "Er keken toen meer mensen naar 'Eigen Huis en Tuin' dan naar het Songfestival."

Wakker geschud

Maas werkt op dit moment aan een documentaire 'De Weg naar de Winst' waarin hij onderzoekt waarom het al die jaren niet is gelukt om hoge ogen te scoren. "We waren een beetje in slaap gesukkeld en werden ingehaald door liederen uit Oost-Europa, gezongen door artiesten die met veel meer bravoure het podium opkwamen."

"De Oost Europese landen zorgden voor nieuw repertoire, maar wij verdachten hen van onderlinge bondjes en zeiden: 'Die doen het met elkaar, we kunnen nooit meer winnen als al die Oostblok-landen elkaar maar punten blijven geven'. Ik zag dat anders. Ik heb altijd gezegd: "Als je zelf goed genoeg bent en voor onderscheidend durft te kiezen, dan kan het wel."

Cornald Maas
Bron: EenVandaag
Cornald Maas

'Er is geen formule voor succes'

Lenny Kuhr won het Songfestival voor Nederland in 1969 met het lied 'Troubadour' en zag ook met lede ogen aan hoe het Songfestival steeds meer 'festival' en steeds minder 'song' werd. "Er was een tijd dat ik zelfs helemaal niet meer keek, toen het orkest verdwenen was en het alleen maar om de poppetjes ging. We staarden ons blind op cocktails en formules voor winnende liederen. Het moest stampen, het moest in het gehoor liggen, er moest een modulatie in. Het werd toepaste kunst in plaats van kunst. Niemand die het meer had over de ziel van een lied."

Kuhr vindt het onbegrijpelijk dat er zo'n lange tijd niet werd gekozen voor een lied van een singer-songwriter dat al geschreven was. "Want wanneer maak je nou een prachtig lied, dat gebeurt niet vaak en zeker niet op commando. Het is iets onnoembaars dat je probeert te vangen in een melodie, in tekst en hoe je het brengt. Er is geen formule, nooit. Dan krijg je dogma's en lees Nietzsche er maar op na, dogma's brengen nooit iets goeds."

Lenny Kuhr
Bron: EenVandaag
Lenny Kuhr won in 1969 het Songfestival met 'Troubadour'

In 2021 naar Maastricht

Het is vooral Anouk, die in 2013 voor een ommekeer heeft gezorgd, stelt Cornald Maas. "Zij kreeg de gelegenheid van de toenmalige TROS-directeur Remco van Leen om haar eigen liedje te kiezen. Zij koos voor een symfonische ballad, en haalde daarmee de finale én de top10." Ook Songfestivalkenner Tony Groenendijk is lyrisch over die inzending. "Toen Anouk optrad konden we eindelijk ontspannen kijken en hoefden we niet bang te zijn of het wel goed gaat, want je weet met Anouk: die nailt het."

Maar het 'Birds' van Anouk dat goed scoorde is totaal anders dan 'Arcade' van Duncan Laurence. "En dat is nou het leuke en ook het macabere van het Songfestival: er is geen succesformule", zegt Maas. "Het enige wat we zeker weten is dat we standplichtig moeten blijven aan het lied, het verhaal en de eigen goede vocalen. Music first, zoals Duncan zo mooi zei, ook komend jaar. Dan winnen we hopelijk weer, en kunnen we alsnog naar Maastricht!"

Overzichtje Songfestival

Anouk maakte het Songfestival weer cool

Ook Sietse Bakker, hoofdproducent van het Eurovisie Songfestival 2020 en al jaren werkzaam bij het EBU, is Anouk dankbaar voor haar besluit om mee te doen met het Songfestival. "Zij heeft het Songfestival credible gemaakt."

Tijdens de acht magere jaren waarin Nederland al in de halve finales werd uitgeschakeld was 'werken bij het Songfestival' volgens Bakker niet iets dat aanzien had. "Op feestjes werd ik uitgelachen als ik vertelde wat ik deed. Maar toen kwamen Anouk en de Common Linnets en mensen zagen dat het weer cool was. Ze zeiden tegen me: 'Wat is dat Songfestival veranderd!' Maar eigenlijk is het Songfestival niet radicaal veranderd. Wat veranderde is hoe Nederland het op het Songfestival deed."

Sietse Bakker
Bron: EenVandaag
Sietse Bakker is hoofdproducent van het Eurovisie Songfestival 2020

Kaartjes regelen

De successen van de afgelopen jaren hebben een positieve impact op het imago van het Songfestival als geheel, ziet Bakker. "Mensen willen nu op feestjes van me weten of ik kaartjes voor hen kan regelen (dan is het antwoord steevast 'nee, helaas'). En ze zien dat je met een goede inzending een mooi visitekaartje kan afleveren aan de rest van Europa."

Bakker is trots om mede-eindverantwoordelijk te zijn van het evenement dat op 16 mei 2020 in Rotterdam wordt gehouden. "Het is de grootste en meest complexe tv-productie ooit gemaakt in Nederland. Ik hoop dat de mensen op maandagochtend bij de koffie-automaat trots zijn op het visitekaartje dat we hebben afgegeven. Het buitenland kent Nederland van de molens en de klompen. Maar we zijn zoveel meer. Nederland barst van de mensen die mooie dingen met elkaar doen. En dat willen we Europa laten zien."