Kabul probeert een half jaar na de val te overleven. Veel achterblijvers houden zich nog schuil uit angst voor de taliban. "Ik heb voor de Nederlanders gewerkt. Ik heb risico's gelopen. Nu is het hun beurt om iets terug te doen voor mij en mijn familie."

Het is deze week een half jaar geleden dat Kabul in een razend tempo werd overgenomen door de taliban. Westerse landen verlieten halsoverkop de hoofdstad. Ze lieten een ingestorte economie en talloze buitenlandse hulpprojecten achter. Duizenden Afghanen die verbonden waren met 'westerse projecten' kwamen daarmee in een benarde positie.

Angst voor wraakacties

De vrees bestond dat de taliban wraak zouden kunnen nemen op alle mensen die mee hadden gewerkt aan initiatieven zoals onderwijs voor meisjes, of Afghanen die meewerkten aan acties tegen de taliban. Duizenden Afghanen probeerden weg te komen, maar dat lukte de meeste niet. Zij zijn ondergedoken uit angst voor wraakacties.

Velen van hen hopen nog steeds op een mogelijkheid alsnog hun land te verlaten. Een van hen is 'Zi'. Hij hoopt dat Nederlandse regering hem en zijn alsnog gaan repatriëren. Omdat hij ooit voor de Nederlandse missie in Uruzgan werkte.

Bekijk ook

Groot risico

Velen van hen hopen nog steeds op een mogelijkheid alsnog hun land te verlaten. Een van hen is 'Zi'. Hij hoopt dat de Nederlandse regering hem alsnog gaat repatriëren omdat hij ooit voor de Nederlandse missie in Uruzgan werkte.

"Ik was tolk en verantwoordelijk voor de communicatie met Afghaanse beveiligers die patrouilles liepen en voor de veiligheid zorgden van Kamp Holland", vertelt hij. Zijn baan hield een groot risico in voor hem en zijn familie.

Gevangen genomen en gemarteld

"Mijn oudste broer werd door door de taliban gevangen genomen en gemarteld omdat ze wisten dat ik voor de Nederlanders werkte. Een maand later werd ook mijn neefje vermoord." Volgens Zi was dat als wraak voor het feit dat hij de Nederlanders in Uruzgan hielp.

Na die gebeurtenis vertrok Zi uit Uruzgan en vestigde zich in Kabul waar hij nu nog steeds woont. Dat was in 2009. Of de taliban nu nog steeds naar hem op zoek zijn is moeilijk vast te stellen.

Bekijk ook

Roadblocks in heel Kabul

Als Zi nog ergens op een lijst staat, is het de vraag of iemand daar nog actief mee bezig is. Zelf zeggen de taliban dat ze niet op zoek zijn. Toch staan er overal in Afghanistan roadblocks waar ze alles en iedereen controleren.

Zi heeft inmiddels wel een casenummer en ook een brief van de toenmalige commandant van Kamp Holland, waarin die bevestigt dat 'Zi' gevaar kan lopen. Maar hij heeft al enige weken niks meer gehoord en hij kan niet meer doen dan afwachten.

'Ik heb offers gebracht'

Zi vindt het raar dat hij zo wordt behandeld. "Andere landen nemen ook hun verantwoordelijkheid. Ik heb voor de Nederlanders gewerkt. Ik heb risico's gelopen en offers gebracht. Nu is het hun beurt om iets terug te doen voor mij en mijn familie."

Intussen heeft hij een Nederlandse advocaat, Vivian Oliana. Die zegt: "Ik constateer dat de overheid mooie praatjes heeft, maar te weinig doet."

Bekijk ook

'Mijn huis is mijn gevangenis

Hamid is een andere 'onderduiker' die hoopt dat hij door Nederland zal worden geholpen. Hij werkte in 2008 me aan een 'Saffraanproject', een Nederlands initiatief om boeren in Uruzgan van de opiumteelt over te laten schakelen op de productie van saffraan.

Hij heeft alle papieren nog van de Nederlandse overheid. Hij hoopt op bericht uit Nederland hoewel hij al lang niets meer heeft gehoord. Hij zegt dat hij niet naar buiten durft. "Mijn huis is nu mijn gevangenis. Ik kan nergens heen, behalve wachten op de dood."

Onzekere aantallen

De cijfers over het aantal Afghanen dat aanspraak maakt op repatriëring naar Nederland is niet bekend. Voormalig staatssecretaris Broekers-Knol sprak in een interview met het Algemeen Dagblad van 100.000 Afghanen die zich gemeld zouden hebben.

Andere bronnen spreken van 1000 tot 2000 Afghanen die in nog in serieus aanmerking zouden komen voor hulp vanwege de risico's die ze lopen als gevolg van hun werk voor de Nederlandse regering. Of Hamid en Zi uiteindelijk de gang naar Nederland zullen maken, blijft voorlopig onduidelijk.