De arrestatie van cartoonist Gregorius Nekschot houdt de gemoederen flink bezig. Terecht lijkt me want het is nogal wat als een zware politiemacht binnenvalt bij het ultieme voorbeeld van vrijheid van meningsuiting, de cartoonist. Nekschot zit anderhalve dag opgesloten. Ondertussen bekijkt het Openbaar Ministerie of zijn cartoons discriminerend zijn voor moslims en mensen met een donkere huidskleur. Na onderzoek stelt het OM dat acht cartoons strafbaar zouden zijn.

Ook EenVandaag belt rond om reacties op de arrestatie. Volgens Justitie heeft het drie jaar geduurd voordat zij de identiteit van Gregorius N., zo moet ik ‘m vanaf nu maar noemen, kunnen achterhalen. Dat is best lang, zeker omdat ik na een telefoontje met zijn uitgever Xtra, slechts één stap verwijderd ben van Gregorius. Het is dat hij ligt te slapen anders had ik hem aan de telefoon gehad. Hij ligt bij te komen van een intimiderende arrestatie door tien agenten aldus een medewerker. Gregorius is ‘eventjes afgedraaid’ en is boos vanwege deze ‘vorm van intimidatie’. Met name de overmacht aan politie en de opmerking dat men hem niet eerder heeft kunnen bereiken doen stoom uit de oren komen bij de cartoonist. En niet alleen bij hem. Ook de Kamer en vice-premier Wouter Bos mengen zich in de discussie.

Vice-premier Wouter Bos zegt tegenover het ANP: ‘‘Ik schrok van het feit dat in cartoons en tekeningen, die in de sfeer van artistieke uitingen liggen, ook aanleiding gevonden kan worden voor eventuele strafvervolging.” En de Tweede Kamer roert zich. “Buitenproportioneel”, “Dictatoriale Trekjes” en “Buitensporig” zijn slecht een paar van de kwalificaties die aan de arrestatie gegeven worden. Hoop dat de politieke partijen ook de hand in eigen boezem steken aangezien een aantal van hen regeringsverantwoordelijkheid draagt of heeft gedragen en in die zin mede-verantwoordelijk is voor de nu ontstane situatie. Minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin wuift alle kritiek weg. “Er is geen sprake van dat de vrijheid van meningsuiting in het gedrang is”, aldus Ballin, “maar het recht moet zijn loop hebben.” Het zou mooi zijn als de minister dezelfde voortvarendheid betracht in een aantal andere zaken die al enige tijd op de plank liggen. Ik noem een dossier Spijkers...

De reactie van minister Hirsch Ballin doet me ineens denken aan de documentaire “Stilte van de Islam” die ik samen met een collega maakte voor het KRO documentaireprogramma Reporter. Het is december 2001, een paar maanden na de aanslagen van 11 september. De documentaire is klaar en wordt uitgezonden. In het programma zit onder andere de Egyptische professor Nasr Abu Zaid. Gevlucht uit Egypte vanwege een fatwa en inmiddels al weer enkele jaren verbonden aan de Universiteit Leiden. Hij spreekt destijds een paar profetische woorden die ik u niet wil onthouden: “Be aware of people who abuse the freedom to get rid of that same freedom. If that happens, than me and my wife will end our lives. Let’s hope this will not happen!” ofwel “Pas op voor mensen die de vrijheid misbruiken om diezelfde vrijheid om zeep te helpen. Als dat gebeurt, dan heb ik met mijn vrouw afgesproken dat we er een einde aan maken. Laten we hopen dat dit niet gebeurt!” Op het moment dat hij de laatste zinnen uitspreekt, verstrakt zijn blik. Ik krijg weer kippenvel als ik aan dat fragment terug denk. Aan ons, aan u, aan een ieder om die vrijheid te verdedigen, al doet het soms pijn, al ben je het er niet mee eens, het feit dat je het kan zeggen, tekenen, filmen, uitzenden, dat is vrijheid.