IS-strijders die terugkeren naar Nederland moeten vervolgd kunnen voor genocide. Het nieuwe kabinet wil dat rechters deze Jihadgangers met een breder mandaat makkelijker kunnen veroordelen en straffen. Op dit moment worden IS-strijders voornamelijk vervolgd voor deelname aan een terroristische organisatie. Hier staat een maximale straf op van 15 jaar, terwijl dat in het geval van genocide levenslang is.

De afgelopen jaren zijn er naar schatting 6000 IS-strijders vertrokken vanuit Europa richting het kalifaat. Sinds 2012 zijn er in ieder geval 280 Nederlanders uitgereisd naar het strijdgebied in Irak en Syrië. Volgens het Openbaar Ministerie zijn zeker 45 van hen inmiddels weer teruggekeerd naar Nederland. En het is de verwachting dat dit aantal alleen maar zal toenemen nu ook IS-bolwerk Raqqa op het punt van vallen staat.  

Toch verschillen ook de meningen over de haalbaarheid van deze plannen. Allereerst zal moeten worden vastgesteld dat IS zich ook daadwerkelijk schuldig maakt aan genocide. CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt onderzocht dat voor de Raad van Europa. En er lijkt nu flink schot in dit proces te zitten. Zo nam de Raad van Europa afgelopen week unaniem een resolutie aan dat lidstaten oproept om “de genocide die IS pleegt te erkennen en de strijders daarvoor te vervolgen.”

Volgens Thijs Bouwknegt, onderzoeker bij het NIOD instituut voor oorlogs-, holocaust- en genocidestudies, is het zeker niet onmogelijk om iemand in Nederland te berechten voor genocide, “juridisch gezien kan het absoluut, er is zelfs al bestaande wetgeving in Nederland dat het mogelijk maakt maar er moet wel echt een directe link met Nederland zijn. Dat moet je kunnen aantonen.”

Strafrechtadvocaat Peter Plasman ziet het vooral als symboolpolitiek. Volgens hem voegt het nieuwe kabinet niets toe aan bestaande plannen om terugkeerders harder te straffen en zal het nog altijd erg lastig blijven om per individueel geval te bewijzen dat iemand zich schuldig maakt aan genocide.