De Wissel zou worden weggepoetst. Vanaf vandaag zouden we het hebben over de tweede gouden medailles op rij voor Sven Kramer. In een rij van drie, want op de ploegenachtervolging is het goud eigenlijk al geboekt. Vriend en vijand waren het er over eens: Sven zou het goud pakken. Maar Jorrit Bergsma besloot anders. 'Je krijgt altijd rare winnaars op de Spelen', zei ene Jillert Anema een jaar geleden al.

De ontspanning spatte ervan af de laatste dagen. Ook ik liet me voor de gek houden en ging ervan uit dat Jorrit hooguit dicht bij Kramer in de buurt kon komen. Sven, die een paar uur voor de race nog olijke kiekjes de wereld in tweette, die lachend kwam aangefietst. Die, tegen de gewoonte in, ruim voor de rit vanaf het middenterrein de tribunes kwam verkennen. Wie zit waar? Ontspannen wandelend ziet hij zijn familie en vrienden zitten, aanzienlijk meer gespannen dan hijzelf. Het beeld lijkt te zeggen dat het niet kán misgaan. 

 

Jillert Anema denkt er het zijne van. De analyse van de BAM-coach is interessant, maar lijkt op het oog meer onderdeel van het brede palet aan psychologische spelletjes waar de gehaaide bontebokker over beschikt. De analyse luidt dat Kramer's tijd moet uitkomen op twee keer zijn tijd op de vijf kilometer, plus 25 seconden. 12.47 zou dit wat betreft Anema betekenen. En daar moeten zijn mannen onder kunnen duiken.

 

Een jaar geleden riep hij ook al dat 'Kramer zich maar beter kon gaan concentreren op de 1500 meter'. Zijn jongens gingen de medailles pakken op de stayersafstanden en niemand anders. Sven moest er smakelijk om lachen, en ook Jillert leek zichzelf niet helemaal serieus te nemen. Maar toch, Anema zegt zoiets niet zomaar. Zelfs niet als hij het schertsend uitspreekt.

 

Na de 5 kilometer leek Anema een beetje in zijn hemd te staan. Kramer heerste als nooit tevoren en Jorrit reed op forse afstand naar brons. Met de 5 kilometer als indicatie leek er niets aan de hand voor Sven. Maar Anema herhaalde voor de wedstrijd zijn theorie nog maar 's een keer. 

 

Als Kramer op 12.47 uit zal komen, dan moeten Bob de Jong en Jorrit Bergsma daar wel onder kunnen rijden. Veteraan De Jong gaat weg op een tijd van 12.45, maar loopt helemaal vast. 13.07.19 valt hem zwaar tegen. In een medaille gelooft hij niet meer. Het moet voor Anema dus komen van de kant van Jorrit Bergsma. En Jorrit flikt het hem: een wereldrecord laaglandbaan. En sterker nog: een tijd waar Koning Kramer zich op stuk bijt. Hij finisht zelfs nog boven de tijd die door Jillert Anema is voorspeld: 12.49.02. Zilver is zijn deel. Waardeloos. 'Tweede worden daar doe ik het niet voor', analyseert Kramer mat. 

 

Maar Jillert Anema is in alle staten. Euforisch. Waar Jorrit Bergsma nog een tikkie ongelovig staat te grimassen, stuitert Jillert juichend over het middenterrein, schiet tijdens interviews om de zin in de lach en is een en al grijns. Het is een mooi contrast met zijn laconieke houding een jaar eerder: 'De Olympische Spelen vallen altijd tegen. Het is hectisch, nerveus. Schaatsers maken fouten, leveren geen vakwerk af. Je krijgt altijd rare winnaars. Aan het eind vieren tien man feest en de rest zit met zo'n sik. Ik vind er geen zak aan.'

Biografie Sven Kramer