Streektalen en dialecten zijn populair, zeker in boekenland. Zo zijn er van Nijntje de afgelopen anderhalf jaar in diverse streektalen al meer dan 100.000 boeken verkocht. Ook uit onderzoek van EenVandaag blijkt dat de meeste mensen in wiens regio een streektaal of dialect wordt gesproken, het belangrijk vinden dat deze behouden blijft.

Vooral in de noordelijke provincies Friesland (79%), Groningen (74%) en Overijssel (74%), en in het zuidelijke Limburg (75%) en Zeeland (74%) vinden mensen het belangrijk dat hun streektaal behouden blijft. In Friesland en Limburg vindt een meerderheid het zelfs belangrijk dat de taal of het dialect aan bod komt in gesproken of geschreven media.

Verbondenheid met de provincie

De liefde voor de streektaal lijkt sterk samen te hangen met de verbondenheid die mensen voelen met de provincie waarin ze wonen. Friezen (79%), Groningers (70%) en Limburgers (74%) voelen zich het meest verbonden met hun provincie. In de Randstad daarentegen is dat beduidend minder. Inwoners van Utrecht (46%) en Zuid-Holland (38%) voelen zich het minst met hun provincie verbonden, gevolgd door Gelderlanders (49%) en Noord-Hollanders (53%). Vaker dan inwoner van hun provincie voelen Randstedelingen zich inwoner van hun gemeente, of Nederlander.

Vlag

Weet u het, hoe de vlag van uw provincie eruit ziet? Ook hier scoren de meest noordelijke en zuidelijke inwoners van het land het hoogst. In Friesland (97%) en Zeeland (94%) weet zelfs bijna iedereen hoe de vlag eruit ziet. Twee derde van de Randstedelingen  daarentegen zou het dundoek van de provincie niet herkennen.

Bekijk hieronder de resultaten in uw provincie.

Over dit onderzoek

Aan het onderzoek deden 22.855 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee. Het onderzoek vond plaats van 19 tot en met 24 november 2014. 

Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 30.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag Opiniepanel zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2012. Panelleden krijgen ongeveer één keer per week een uitnodiging om aan een peiling mee te doen. Op de meeste onderzoeken respondeert 60 tot 70 procent van de panelleden.