
Kappers huiselijk geweld laten herkennen? 'Wij zijn geen psychologen met een schaar'
In de kappersstoel wordt veel besproken, ook huiselijk geweld. De overheid reikt daarom een toolkit uit aan kappers om slachtoffers van geweld beter te helpen. Maar kappers zijn kritisch. "Ik ben geen hulpverlener met een schaar."
Niet iedereen bespreekt vakanties, huisdieren en buurtroddels bij de kapper. Uit onderzoek van de Radboud Universiteit blijkt dat kappers een stuk meer zien en meemaken. Zo blijkt dat 1 op de 3 kappers in de afgelopen 12 maanden concrete vermoedens had dat een of meer van hun klanten slachtoffer is van partnergeweld.
De Luisterstoel
Vaak ging het bij die gesprekken over emotioneel misbruik (81,5 procent), zoals bedreiging en stalking. En in bijna de helft van de gesprekken kwam lichamelijk geweld voor. Seksueel geweld is een stuk zeldzamer, maar werd nog steeds in 7 procent van de gesprekken over partnergeweld genoemd.
Naar aanleiding van het onderzoek werd het kaartenpakket De Luisterstoel ontwikkeld. In het doosje zitten kaarten die helpen bij het herkennen van lichamelijke signalen, zoals sporen in de nek, kaartjes met voorbeeldzinnen en kaartjes met een QR-code die de kapper aan de klant kan meegeven om discreet professionele hulp te zoeken.
'Emotionele belasting is al hoog'
Kapper Annie Kok noemt een aantal voorbeelden uit de toolkit. "Ik maak me zorgen om je veiligheid. Zullen we samen iemand bellen?" leest ze voor. Een ander kaartje: "Je hoeft dit niet alleen te doen." En: "Als je er later over wilt praten, dan ben ik er voor je."
Kok zit al ruim 32 jaar in het kappersvak leidt ook kappers op bij De Haarvriendelijke Kapper. Ze is niet blij met de toolkit. "De emotionele en morele belasting in de salon is al ontzettend hoog", zegt Kok. "Je gaat aan het eind van de dag al naar huis met best veel bagage en bent hartstikke moe. Als je dan ook nog moet nadenken over welke signalen je hebt opgevangen en wat je daarmee moet, maak je die emotionele arbeid alleen nog maar hoger."
Heel ingewikkeld
'We zijn geen hulpverlener met een schaar", gaat ze verder. "Wat moeten we doen als we blauwe plekken op een arm zien? Moeten wij dan gaan bellen met Veilig Thuis?" Kok zegt zich echt af te vragen hoe kappers hiervoor de juiste training kunnen krijgen en hoe we dat gaan financieren.
Daarnaast maakt Kok zich zorgen over de veiligheid van kappers. "In een salon komen vaak hele families. Dan knip je 's morgens het slachtoffer en heb je misschien aan het eind van de dag de dader in je stoel. Hoe ga je daar dan mee om?" Als kapper ben je volgens haar onderdeel van de buurt, dan heb je een heel andere rol dan hulpverleners. "Stel dat een dader thuis zo'n meegegeven kaartje vindt van de kapper. Dan ben je er ineens onderdeel van."
Depressie en eenzaamheid
Dat het kappersvak veel vraagt van medewerkers, beaamt ook Vincent Langedijk van kappersketen Rob Peetoom. Hij heeft zijn twijfels over de toolkit. "Ik weet dat er in Engeland barbieren worden getraind op depressie en eenzaamheid bij mannen en dat in andere landen seksuele voorlichting via kapsalons wordt gegeven. Maar dit gaat over geweld. En dat vind ik wel spannend, want hoe houd je het veilig in de salon, voor medewerkers en klanten?"
Wel ziet Langedijk in dat het praten met klanten een belangrijk onderdeel van het vak is, daarom heeft hij voor de kappersketen een eigen training voor personeel ontwikkeld. "Dit doen we samen met psychologen van OpenUp en ervaringsdeskundigen. Onze medewerkers leren hoe ze een gesprek naar iets oppervlakkigers of juist wat diepers kunnen leiden."
Niet te dichtbij
Een belangrijk onderdeel ervan is dat je leert empathisch te blijven, maar toch afstand te houden. "Je hoeft het probleem van de klant niet zelf op te lossen", zegt hij. "Ook kunnen onze medewerkers naar een vertrouwenspersoon in de salon of naar een manager. Ik wil dat ze het in de salon bespreekbaar leren maken, zodat ze het niet mee naar huis nemen."
Kapper Annie Kok prijst de stap die haar vakgenoot Langedijk heeft gezet om zijn medewerkers zelf op te leiden. "Dit betalen ze allemaal uit eigen zak, maar dat kan niet elke kapper", zegt Kok. "Daarom hoop ik dat de overheid en het opleidingsveld hiermee aan de slag gaan. Want wie kappers hiervoor wil inzetten, moet zorgen voor goede scholing."
Online versie
Mariëtte Hamer, regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en bedenker van de toolkit, geeft aan de zorgen van de kappers serieus te nemen. "Om de toolkit gebruiksvriendelijker te maken, lanceren we binnenkort een online versie die gemakkelijk via de telefoon te raadplegen is. Dat werkt misschien beter dan fysieke kaarten", zegt ze. Daarnaast zegt ze te hopen dat de toolkit een plek krijgt in het mbo-onderwijs.
Volgens Hamer zijn ook veel kappers erg positief over de toolkit. "Ze zien de Luisterstoel juist als erkenning voor hun maatschappelijke rol. En als een hulpmiddel voor situaties waar zij in de praktijk toch al mee te maken krijgen. Eén op de twee vrouwen en één op de vijf mannen is slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag of geweld." Volgens haar is De Luisterstoel een goede manier om de problematiek achter de voordeur bespreekbaar te maken.
Pilot
Brancheorganisatie van kappers ANKO onderzoekt momenteel hoe de toolkit in de praktijk bevalt. "De komende maanden testen we De Luisterstoel in twee overheidspilots om de impact op het vak te meten", licht een woordvoerder toe. De resultaten van dit onderzoek worden in december verwacht.