Een grote groep mensen (57%) wil ouders verplichten hun kind alle inentingen te geven die in het Rijksvaccinatieprogramma zijn opgenomen, blijkt uit een peiling van EenVandaag. Het aantal mensen dat hun kind laat vaccineren daalt al jaren. Door inenten te verplichten, voorkom je dat andere kinderen ziek worden en dat de maatschappij uiteindelijk voor deze kosten opdraait.
Een deelnemer zegt: "De algemene gezondheid gaat vóór individuele belangen. We leven hier met 17 miljoen mensen. En als er iemand ziek wordt betalen we allemaal mee!" Een groep van 39 procent is tegen verplicht inenten. Een informatiecampagne vinden ze vaak een beter idee. "Iedereen heeft het recht om over het lijfje van hun kind te beslissen, daarom ben ik eerder voor een informatiecampagne waar de noodzaak van inenten wordt benadrukt."
De meeste inentingen in het Rijksvaccinatieprogramma zijn om kinderen te beschermen tegen infectieziektes zoals polio, tetanus en de mazelen. Sinds 2010 is in het programma ook een vaccinatie opgenomen voor meisjes van rond de 12 jaar, om ze te beschermen tegen een aantal varianten van baarmoederhalskanker. EenVandaag ondervroeg 500 ouders met een dochter onder de 11 jaar.
De grootste groep (55%) is van plan hun dochter te laten inenten. Zoals een ouder zegt: "Een vaccinatie die kan helpen tegen zo'n ernstige, dodelijke, ziekte. Ik denk er niet over om die te weigeren." Toch is er een groep ouders die nog twijfelt (16%) of heeft besloten het niet te doen (23%). Vaak zijn ze bang voor bijwerkingen. Een ouder zegt: "Ik twijfel. Die vaccinatie beschermt niet tegen een besmettelijke ziekte en heeft veel te veel neveneffecten." Wat opvalt, is dat ouders hun informatie halen van internet en niet altijd een arts bezoeken.
over dit onderzoek
clock
25-06-2018 15:27
Aan het onderzoek deden 12.265 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee, waarvan 476 leden met een dochter tot 11 jaar. Het onderzoek vond plaats op 25 juni 2018.De uitslag van de peilingen onder het EenVandaag Opiniepanel zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleiding, burgerlijke staat, spreiding over het land en politieke voorkeur gemeten naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2017.
President Donald Trump kondigde het gisteravond aan: Amerika gaat een importheffing van 20 procent op alle producten uit de Europese Unie doorvoeren. Wereldwijd waarschuwen economen dat dit een slecht idee is, vooral voor de VS zelf. Toch zet Trump door.
Willem Hulsebosch is eigenaar van een bloembollenbedrijf dat exporteert naar de VS
Bron:
EenVandaag
Voor Nederlandse ondernemingen met veel export naar de Verenigde Staten breken spannende tijden aan. Door de extra belasting van 20 procent worden hun producten voor de Amerikaanse consument een stuk duurder. "Dit betekent heel veel onzekerheid."
"Dit valt wel rauw op ons dak", zegt Willem Hulsebosch. Samen met zijn vrouw en zoons runt hij al jaren een bloembollenbedrijf in Julianadorp.
Andere markten
"We doen al decennialang zaken met Amerika en hebben in de loop der jaren echt een goede band opgebouwd met onze klanten in de VS", gaat Hulsebosch verder. "Die willen we graag houden. Maar als het moet, dan gaan we ons op andere markten richten."
Want de familie beseft wel dat Amerikanen zullen afhaken als bloemen door de heffing te duur worden. "Tulpen zijn geen eerste levensbehoefte. Aan het eind van je rondje supermarkt staat er een bosje bloemen. Als dat ineens 20 procent duurder is, dan denk je wel twee keer na."
'We begrijpen zijn visie'
De familie Hulsebosch is flink verweven met de Verenigde Staten. "Onze moeder is Amerikaans, we hebben familie overzee en komen er vaak", vertelt zoon Roy.
Er zijn dus genoeg opties. "Als de ene markt moeilijk doet, dan vinden wij onze weg wel via een andere. We hebben al vaker met onzekerheden te maken gehad. Als het even tegenzit, dan nemen we genoegen met wat minder marge en stellen we investeringen gewoon even uit."
'Kennis en ervaring zit in Nederland'
"Trump ziet ons het liefst naar Amerika vertrekken", legt directeur van TTA-ISO Martin Maasland uit. Het Nederlandse bedrijf maakt landbouwmachines en heeft een grote afzetmarkt in de Verenigde Staten.
TTA-ISO heeft zelfs een kantoor in de VS zitten. "Maar de kennis en ervaring op het gebied van high-techsystemen in de tuinbouw zit hier in Nederland. Die gekwalificeerde mensen kun je niet oppakken en in Amerika neerzetten."
Bang voor Amerikaanse concurrenten is Maasland niet. "In ons geval zijn er weinig of eigenlijk geen partijen in de Verenigde Staten die hetzelfde kunnen bieden als wij. We zien onszelf daardoor niet genoodzaakt om de winstgevendheid op onze machines te verlagen."
Maar als de prijs vanwege de invoerheffingen te hoog wordt, dan bestaat er volgens Maasland wel een kans dat de markt afneemt of zelfs helemaal stilvalt. "Dan kunnen we overwegen of we bereid zijn iets van onze marges op te geven, maar we moeten ook de salarissen van onze medewerkers kunnen betalen."
Tegenactie
Over eventuele eigen tarieven die de EU als tegenactie kan invoeren, maakt Maasland zich geen zorgen. "De grootste impact zijn uiteindelijk toch de hoge tarieven van Amerika richting Europa, omdat wij in Europa produceren."
"En andersom importeren wij weinig vanuit Amerika", gaat hij verder. "Dus als Europa hoge handelstarieven gaat invoeren, verwachten wij niet dat dat veel impact op ons heeft."
Hoofdeconomoom van de ING Marieke Blom begrijpt de zorgen van Nederlandse ondernemers die veel exporteren naar de Verenigde Staten. "Door Trumps nieuwe invoertarieven, gemiddeld 25 procent, en zelfs 54 procent voor China krijgt ook de Europese Unie een tarief van 20 procent opgelegd. Dat leidt naar verwachting tot een exportdaling van zo'n 15 procent richting de VS. Voor Nederland betekent dat een krimp van ongeveer 0,2 procent van het BBP."
Toch is dit volgens Blom geen nieuwe economische crisis in wording. "Dit is niet te vergelijken met corona of de energiecrisis. Het is vooral een rem op de groei."
Niet terugslaan met eigen tarief
Blom verwacht dat Europa met eigen tarieven zal reageren. "Maar hoe dat uitpakt is onduidelijk, omdat we niet zeker weten hoe Trump reageert. Een handelsoorlog moeten we zien te voorkomen."
"We kunnen beter gerichte steun bieden aan getroffen sectoren. Ook kan er veel winst worden geboekt door de interne markt beter te laten werken. En er liggen veel kansen in het versterken van handelsrelaties met landen als India en Zuid-Amerika. Als we dit moment grijpen, kan Europa uiteindelijk sterker en minder afhankelijk van de VS worden. Ook voor Nederland liggen hier echte kansen."
Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen