radio LIVE tv LIVE
meer NPO start

Zorg in privékliniek vaak onvoldoende

De zorg in privéklinieken is nog te vaak niet op orde. Daarom kunnen patiënten in particuliere klinieken volgens de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) niet altijd op de kwaliteit en veiligheid van zorg vertrouwen. 

Zo zijn er zorgen over de controles bij het toedienen van medicijnen met een injectie of infuus. Het is niet altijd duidelijk of het personeel bekwaam is om met medische apparatuur om te gaan. Soms wordt de zogenaamde ‘time out procedure’ niet zorgvuldig nagelopen. Dat is het moment voor de operatie waarop gecontroleerd wordt of alles wel klopt. Omdat de IGJ de afgelopen jaren meerdere signalen kreeg dat de kwaliteit van de zorg niet altijd voldeed, voert de inspectie extra controles uit. 

Door controle wordt de zorg beter

De Patiëntenfederatie Nederland, vertegenwoordiger van 170 patiëntenorganisaties, is blij dat de inspectie het toezicht op de klinieken heeft geïntensiveerd. “Zo wordt de zorg steeds beter en weet de patiënt ook waar ze aan toe zijn”, aldus Dianda Veldman, directeur van de federatie. Zij adviseren bij twijfel over een kliniek om de site zorgkaartnederland.nl te raadplegen of te overleggen met de huisarts of zorgverzekeraar. 

Dubbel zoveel privéklinieken in Nederland

Het aantal privéklinieken is bijna verdubbeld ten opzichte van 2011. Er zijn op dit moment bijna 500 klinieken waar je terecht kunt. Jaarlijks worden hier 1,6 miljoen behandelingen uitgevoerd. Het gaat dan vaak om specialistische ingrepen die niet spoedeisend zijn, zoals cosmetische ingrepen, oogbehandelingen of orthopedische operaties. 

Marleen raakte verlamd na een operatie in privékliniek

Specialistische ingrepen in privéklinieken gaan niet altijd goed. Zo raakte Marleen Bouwens uit Almelo raakte verlamd nadat ze tien jaar geleden in een zelfstandige kliniek aan haar rug werd geopereerd. De operatie werd op een vrijdag uitgevoerd, maar omdat er geen mogelijkheid was om daar ook in de nacht te verblijven is ze dezelfde dag naar huis gestuurd. Daar ging het van kwaad tot erger en nu tien jaar later heeft ze daar nog steeds last van. De procedure om de kliniek verantwoordelijk te stellen loopt nog. 

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'

Onzekerheid bij Nederlandse ondernemers door Amerikaanse importheffingen: 'We begrijpen zijn visie, maar maakt het lastig voor ons'
Willem Hulsebosch is eigenaar van een bloembollenbedrijf dat exporteert naar de VS
Bron: EenVandaag

Voor Nederlandse ondernemingen met veel export naar de Verenigde Staten breken spannende tijden aan. Door de extra belasting van 20 procent worden hun producten voor de Amerikaanse consument een stuk duurder. "Dit betekent heel veel onzekerheid."

"Dit valt wel rauw op ons dak", zegt Willem Hulsebosch. Samen met zijn vrouw en zoons runt hij al jaren een bloembollenbedrijf in Julianadorp.

Andere markten

"We doen al decennialang zaken met Amerika en hebben in de loop der jaren echt een goede band opgebouwd met onze klanten in de VS", gaat Hulsebosch verder. "Die willen we graag houden. Maar als het moet, dan gaan we ons op andere markten richten."

Want de familie beseft wel dat Amerikanen zullen afhaken als bloemen door de heffing te duur worden. "Tulpen zijn geen eerste levensbehoefte. Aan het eind van je rondje supermarkt staat er een bosje bloemen. Als dat ineens 20 procent duurder is, dan denk je wel twee keer na."

'We begrijpen zijn visie'

De familie Hulsebosch is flink verweven met de Verenigde Staten. "Onze moeder is Amerikaans, we hebben familie overzee en komen er vaak", vertelt zoon Roy.

"We houden van het land en zijn zelfs pro-Trumpers. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, maar we begrijpen zijn visie wel. Hij maakt waar wat hij zegt. Dat vinden wij ergens ook wel bewonderenswaardig. Hij zet zijn volk op één, dat is duidelijk. Daar kunnen wij in Europa nog wat van leren. Alleen dit plan, dat maakt het voor ons wel lastig."

Bekijk ook

Niet volledig afhankelijk

Toch blijft Hulsebosch positief: "We zijn gelukkig niet volledig afhankelijk van Amerika. We exporteren ook naar Engeland, China, Rusland en Kazachstan. En we hebben een uniek product. Bollen kun je maar op één plek in de wereld telen, en dat is hier, in Nederland. Door het klimaat, de bodem, de omstandigheden. Dat kan niet zomaar ergens anders. Daar hebben ze ons gewoon voor nodig.

Er zijn dus genoeg opties. "Als de ene markt moeilijk doet, dan vinden wij onze weg wel via een andere. We hebben al vaker met onzekerheden te maken gehad. Als het even tegenzit, dan nemen we genoegen met wat minder marge en stellen we investeringen gewoon even uit."

'Kennis en ervaring zit in Nederland'

"Trump ziet ons het liefst naar Amerika vertrekken", legt directeur van TTA-ISO Martin Maasland uit. Het Nederlandse bedrijf maakt landbouwmachines en heeft een grote afzetmarkt in de Verenigde Staten.

TTA-ISO heeft zelfs een kantoor in de VS zitten. "Maar de kennis en ervaring op het gebied van high-techsystemen in de tuinbouw zit hier in Nederland. Die gekwalificeerde mensen kun je niet oppakken en in Amerika neerzetten."

Bekijk ook

Prijs verlagen

Bang voor Amerikaanse concurrenten is Maasland niet. "In ons geval zijn er weinig of eigenlijk geen partijen in de Verenigde Staten die hetzelfde kunnen bieden als wij. We zien onszelf daardoor niet genoodzaakt om de winstgevendheid op onze machines te verlagen."

Maar als de prijs vanwege de invoerheffingen te hoog wordt, dan bestaat er volgens Maasland wel een kans dat de markt afneemt of zelfs helemaal stilvalt. "Dan kunnen we overwegen of we bereid zijn iets van onze marges op te geven, maar we moeten ook de salarissen van onze medewerkers kunnen betalen."

Tegenactie

Over eventuele eigen tarieven die de EU als tegenactie kan invoeren, maakt Maasland zich geen zorgen. "De grootste impact zijn uiteindelijk toch de hoge tarieven van Amerika richting Europa, omdat wij in Europa produceren."

"En andersom importeren wij weinig vanuit Amerika", gaat hij verder. "Dus als Europa hoge handelstarieven gaat invoeren, verwachten wij niet dat dat veel impact op ons heeft."

Bekijk ook

Minder groei maar geen crisis

Hoofdeconomoom van de ING Marieke Blom begrijpt de zorgen van Nederlandse ondernemers die veel exporteren naar de Verenigde Staten. "Door Trumps nieuwe invoertarieven, gemiddeld 25 procent, en zelfs 54 procent voor China krijgt ook de Europese Unie een tarief van 20 procent opgelegd. Dat leidt naar verwachting tot een exportdaling van zo'n 15 procent richting de VS. Voor Nederland betekent dat een krimp van ongeveer 0,2 procent van het BBP."

Toch is dit volgens Blom geen nieuwe economische crisis in wording. "Dit is niet te vergelijken met corona of de energiecrisis. Het is vooral een rem op de groei."

Niet terugslaan met eigen tarief

Blom raadt af om als Europa met eigen tarieven te reageren. "Dan wordt het een handelsoorlog en kan de schade verder oplopen", waarschuwt ze.

"We kunnen beter gerichte steun bieden aan getroffen sectoren. Ook kan er veel winst worden geboekt door de interne markt beter te laten werken. En er liggen veel kansen in het versterken van handelsrelaties met landen als India en Zuid-Amerika. Als we dit moment grijpen, kan Europa uiteindelijk sterker en minder afhankelijk van de VS worden. Ook voor Nederland liggen hier echte kansen."

Nederlandse ondernemers onzeker door invoerheffingen Trump
Nederlandse ondernemers onzeker door invoerheffingen Trump

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Hongarije stapt uit het Internationaal Strafhof: dit zijn de mogelijke gevolgen

Hongarije stapt uit het Internationaal Strafhof: dit zijn de mogelijke gevolgen
President Viktor Orban en president Benjamin Netanyahu
Bron: AFP

Op de dag dat premier Victor Orbán de Israëlische premier Netanyahu ontvangt, zegt Hongarije zich terug te trekken uit het Internationaal Strafhof (ICC). En meer landen zijn kritisch op het Strafhof. "Politieke belangen spelen een rol."

"Je hebt zojuist een gedurfd standpunt ingenomen over het ICC. En ik dank je, Victor. Het is belangrijk om op te staan tegen deze corrupte organisatie." Dat zegt Benjamin Netanyahu tegen de pers tijdens zijn bezoek aan Hongarije.

Orbán Europese vriend van Israël

Het Internationaal Strafhof heeft in november een arrestatiebevel uitgevaardigd tegen Netanyahu vanwege vermeende oorlogsmisdrijven in Gaza. Maar Hongarije is niet van plan hem uit te leveren. Orbán profileert zich als de Europese vriend van Israël.

Dat Hongarije er nu uit stapt is uitzonderlijk, maar hoeft niet direct grote gevolgen te hebben, zo zegt advocaat Geert-Jan Knoops, die werkt voor het ICC. "Hongarije is niet de grootste speler of donateur van het Strafhof."

Meer landen uiten kritiek

Maar het valt hem wel op dat de afgelopen jaren meer landen kritiek uiten op het Strafhof, ondanks ze het statuut hebben ondertekend. "We zagen dat eerder ook met Frankrijk, Italië en Duitsland, die ook reserves hebben geuit over het uitvoeren van het arrestatiebevel tegen premier Netanyahu. Dat is een opmerkelijke ontwikkeling."

Het ICC in Den Haag is in 2002 opgericht om ernstige internationale misdrijven te onderzoeken en personen die zich daaraan schuldig maken te vervolgen en te berechten, denk aan daders van genocide of oorlogsmisdaden. Het Hof kan in actie komen als een land geen strafrechtelijke stappen kan of wil zetten tegen vermeende daders. 124 landen zijn lid van het Strafhof, waaronder alle landen van de Europese Unie. Hongarije is het eerste EU-land dat zich nu terugtrekt.

Bekijk ook

Lopende conflicten

Knoops denkt dat die kritiek op het Strafhof onder andere te maken heeft met het handelen van het ICC. Dat heeft gebroken met de strafrechtelijke traditie om pas arrestatiebevelen uit te delen nadat een conflict is beëindigd.

Dat was voor het eerst in 2023 met het arrestatiebevel tegen de Russische president Poetin en daarna ook met Netanyahu. Het Strafhof gaf hiermee een signaal af aan Rusland en Israël. Maar neemt hiermee volgens Knoops ook een risico, omdat niet alle landen in een lopend conflict een verdachte willen uitleveren.

'Systeem is niet sterk'

Knoops: "Het systeem van het ICC is niet sterk, omdat het afhankelijk is van de medewerking van landen voor het uitvoeren van arrestatiebevelen." Op dit moment zit maar een handvol verdachten in Den Haag vast, terwijl er veel meer arrestatiebevelen zijn.

Knoops werkte tot nu toe altijd aan internationale zaken waarbij het conflict al ten einde was. "De voorlopers van het Strafhof, zoals het Joegoslaviëtribunaal, het Rwandatribunaal en het VN-tribunaal voor Sierra Leone, die werden pas na het conflict opgericht." Volgens hem werken landen dan liever mee, omdat het minder beladen is.

Bekijk ook

Politieke druk

Maar Knoops stelt ook vast dat het Strafhof steeds meer onder politieke druk komt te staan. Als voorbeeld noemt hij de onlangs uitgeleverde oud-president van de Filipijnen Rodrigo Duterte. Het land trok zich eerder terug uit het ICC en ook de huidige president moet weinig van het Strafhof hebben. Maar hij zorgde er onlangs toch voor dat zijn voorganger opgepakt werd, uit politieke overwegingen.

"Het ICC is een speelbal geworden", zegt Knoops. De ene keer wel en de andere keer niet verdachten uitleveren kan volgens de advocaat de geloofwaardigheid en de gelijkheid van het strafhof aantasten. "Zonder medewerking van de landen is het strafhof een tandeloze tijger."

Vragen? Stel ze!

Heb je nog vragen of wil je reageren? Stuur ons dan hier een berichtje in onze chat. Elke donderdag vertellen we in de Doe mee-nieuwsbrief wat we met alle reacties doen. Wil je die in je mail? Meld je dan hier aan.

Ook interessant