Er is een tekort aan pijnstillers in Nederlandse ziekenhuizen. Deze middelen worden onder meer gebruikt tijdens operaties. 

De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers (NVZA) en de Nederlandse Vereniging van Anesthesiologen (NVA) uitten in EenVandaag hun zorgen over deze tekorten.

Medicijntekorten komen steeds vaker voor. Hoe komt dat eigenlijk en wat wordt eraan gedaan om de tekorten te bestrijden?

Omdat er alternatieven worden ingezet, duren operaties bijvoorbeeld langer en moeten patiënten langer uitslapen. Ook moeten operatieprotocollen en -routines aangepast worden.

De tekorten zijn ontstaan  door problemen bij een Italiaanse fabriek. Vanwege een ‘incident bij de milieu-monitoring’ is de productie daar stilgelegd. Omdat de medicijnen die in deze fabriek gemaakt worden in heel Europa worden gebruikt, is dit tekort merkbaar in veel landen.

Hierdoor zijn de alternatieven voor dit medicijn zeer in trek in heel Europa.

En die raken op hun beurt ook weer schaars. Het tekort is dus groter dan alleen het middel uit de Italiaanse fabriek.

Er is echter geen sprake van gevaar voor patiënten en ook kunnen operaties gewoon doorgaan. Toch vinden de anesthesiologen en de ziekenhuisapothekers dat voorkomen moet worden dat essentiële medicijnen opraken.

Boete

Minister Schippers wil voorkomen dat er tekorten ontstaan. Samen met de betrokken partijen is er een werkgroep opgericht om knelpunten weg te nemen. In een brief, die ze eind juni, aan de Kamer stuurde kondigt ze een aantal maatregelen aan om tekorten te voorkomen.

Een van die voorstellen is het verhogen van de boete voor fabrikanten. Als zij een tekort veroorzaken kunnen ze nu een boete krijgen van 45.000 euro. Minister Schippers wil dit verhogen naar maximaal 820.000 euro.

In EenVandaag spreken we met de NVZA en de NVA over de onrust die ontstaan is. Ook spreken we met Tweede Kamerlid van de SP Henk van Gerven.

Download