Gezocht: briljante ideeën voor het platteland. Nu veel boeren geen opvolger meer kunnen vinden voor hun bedrijf staat het voortbestaan van veel Nederlandse boerderijen op het spel. De leefbaarheid op het platteland is al langer een zorg. Want waar steden floreren, zo moeilijk heeft ons platteland het.

Bewoners en bedrijven trekken juist weg uit de buitengebieden. De leegstand gaat vaak hand in hand met criminele activiteiten: een verlaten schuur is zo omgetoverd tot drugslab. 

Om deze negatieve spiraal te doorbreken wordt er nu gevraagd om positieve ideeën voor de toekomst van het platteland. Met een prijsvraag wil het College van Rijksadviseurs boeren uitdagen om nieuwe plannen voor het platteland te bedenken. Het college is een onafhankelijke adviesraad dat zich buigt over ruimtelijke kwaliteit. In totaal krijgen zestien teams de kans om met een budget van 25.000 euro deze ideeën uit te werken. 

Floris Alkemade is Rijksbouwmeester en ziet de leegloop met lede ogen aan. “Daarmee verliezen we niet alleen boerenbedrijven maar ook ondernemers die het land goed kennen, die het land onderhouden. We moeten onderzoeken hoe we het platteland een andere betekenis kunnen geven.” 

Een boerderij als spa of jeneverdistilleerderij

Een metamorfose dus voor het platteland. Toch zijn er ook nu al flink wat voorbeelden van boeren die het over een andere boeg gooien. In Twente vind je er zelfs twee op nog geen half uur bij elkaar vandaan: de spaboerderij van de familie Steggink en de jeneverdistilleerderij van de familie Benus. 

Lisanne Benus maakt nu jenevers en likeuren in een oude boerderij: “Ik heb van mijn vaders hobby mijn werk gemaakt. Wij zijn op het idee gekomen om onze eigen geteelde granen te verwerken tot alcohol en daar maken we weer eindproducten van.” De jenevers en likeuren van Lisanne zijn inmiddels een begrip in de regio en de oude boerderij heeft een tweede leven gekregen. “Het kost wat meer, maar als je het budget hebt is het mooi als je het pand kunt hergebruiken.”

Verbouwen is duur, boeren zijn bezig met overleven

Maar de meeste boeren hebben niet het geld zo’n kostbare verbouwing te bekostigen. Floris Alkemade: “De meeste boeren zijn bezig met overleven. Ze hebben denkruimte nodig, ook moeten ze buiten de regelgeving mogen kijken.”

Frans Steggink: “Het liefst loop ik nog tussen mijn koeien, maar de spa wordt steeds belangrijker. Er blijft steeds minder over van mijn boerenbedrijf.” Het was voor de families Steggink en Benus geen makkelijke stap, maar ze hebben er geen spijt van. “Hoe langer iets leegstaat, hoe verder het verpaupert” zegt Lisanne. 

Wat er met de duizenden boerderijen moet gebeuren die nog leeg komen te staan komende jaren is onduidelijk. Maar met doorzettingsvermogen is er dus iets moois van te maken.