
Waarom is het belangrijk dat astronauten met eigen ogen de maan zien? 'Mensen zijn opmerkzaam'
Ze zijn bijna terug op aarde: de 4 astronauten van de Artemis II-missie. Met eigen ogen bekeken ze de achterkant van de maan, die we normaal nooit zien. Maar waarom sturen we eigenlijk geen robots of satellieten, om de foto's op aarde te bekijken?
"Ik zie een krater die op een sneeuwpop lijkt", zo beschreef de Amerikaanse astronaut Victor Glover maandagavond de achterkant van de maan. "Oh my gosh, dat is een mooi beeld. Zulke observaties kunnen alleen mensen bijdragen", werd vanuit het NASA-controlecentrum geantwoord. Maar hoe belangrijk is het nou echt dat mensen met eigen ogen het maanoppervlak bekijken? Want we maken er ook talloze foto's van met satellieten.
Toegevoegde waarde
De observaties van de 4 astronauten kunnen leiden tot verder onderzoek, benadrukt astronaut André Kuipers, die zelf in totaal 204 dagen in de ruimte was. "Wie weet kunnen ze op aarde bij NASA informatie halen uit zo'n opmerking over een krater die op een sneeuwpop lijkt. Is daar bijvoorbeeld een plek die meer licht reflecteert?"
Volgens de Nederlander, die twee keer naar de ruimte ging, is de menselijke blik echt van toegevoegde waarde. "We zijn opmerkzaam. We kunnen met andere hoeken naar hetzelfde kijken, dat lukt je niet met een foto." Mensen zien het volgens hem gewoon op een andere manier. "Dat is echt een duidelijke extra bijdrage."
'De context maakt veel uit'
Cognitief neuropsycholoog Stefan van der Stigchel van de Universiteit Utrecht is het daarmee eens, net als vele andere wetenschappers. Hij is gespecialiseerd in hoe 'aandacht' werkt in onze hersenen. "De context waarin je iets bekijkt, maakt heel veel uit", legt hij uit. Dat de 4 astronauten zelf met hun eigen ogen naar het maanoppervlak kijken, voegt dan ook echt iets toe.
"Ons brein kijkt naar de wereld, interpreteert die informatie op basis van verwachtingen, op basis van eerdere ervaringen, maar ook op basis van de context dus die op dat moment daar is", gaat hij verder. "Dus 'daar zijn' creëert een unieke context die niet na te bootsen is met een foto."
Voetbalcommentator
Van der Stigchel vergelijkt het met een voetbalcommentator die per se bij de wedstrijd aanwezig wil zijn, om zo extra goed commentaar te kunnen geven. "Je kan wel zeggen dat ze het ook vanaf een beeldscherm kunnen omschrijven."
"Maar ook de hele reis er naartoe, met de supporters, wat je meemaakt", somt hij op. "Dat zorgt er toch voor dat je veel beter commentaar kan geven."
'Je kijkt anders naar een video'
Sterker nog: dat is ook terug te zien op hersenscans, vertelt visueel neurowetenschapper Richard van Wezel van de Radboud Universiteit. "Als je een handeling in het echt ziet, zie je heel andere activiteit in de hersenen, dan als je naar een video kijkt van exact dezelfde handeling."
Toch is het volgens neurobioloog Pieter Roelfsema van het Nederlands Herseninstituut wel goed dat de Artemis-astronauten het maanoppervlak op foto's hebben vastgelegd. "Want als je iemand een paar minuten later zou vragen of ze kunnen beschrijven wat ze gezien hebben, dan is dat al veel minder nauwkeurig dan wanneer je het oorspronkelijke plaatje hebt. Onze mogelijkheden om precies te beschrijven wat we gezien hebben of te reconstrueren zijn heel erg beperkt."
Live commentaar
Hoewel menselijke waarnemingen dus misschien minder betrouwbaar zijn, zijn ze wel degelijk uniek. Dat kan juist aanleiding geven voor extra onderzoek. Zeker omdat de astronauten 'live' de activiteit op de maan aanschouwen. Kuipers: "De astronauten kunnen direct met de wetenschappers op de grond overleggen. Een soort rechtstreeks commentaar."
"Ze kunnen ook inspelen op dingen die 'per ongeluk' gebeuren, bijvoorbeeld iets wat op dat moment op de maan inslaat. Bovendien kunnen mensen echt een 3D-beeld schetsen." Kortom: foto's zijn misschien scherper en nauwkeuriger, maar juist de combinatie met 4 paar mensenogen maakt het onderzoek completer.