
Stopt Noord-Brabant na advies met afschieten van alle wilde zwijnen? 'Ze horen erbij'
Net als de wolf is er nog een ander dier dat meer in Nederland voorkomt: het wilde zwijn. In Noord-Brabant zijn er een paar duizenden. Jagers schieten ze nu af, maar er ligt een advies dat tegen het provinciebestuur zegt: 'Leer er maar mee leven.'
In Noord-Brabant worstelt het provinciebestuur al een tijd met de vraag hoe ze om moeten gaan met de wilde zwijnen. Bij gemeenten komen steeds meer meldingen binnen van overlast door de dieren. Ze wroeten bij bewoners in de voortuin of in de plantsoenen. De overlast van de dieren in voortuinen is vervelend, maar zorgt niet tot grote schade.
Schade bij boeren
Dat is wel anders bij de schade die boeren zien bij hun aardappels, maïs en suikerbieten: die wordt geschat op twee ton. Daarnaast is er bij de veehouders grote angst voor het overbrengen van de Afrikaanse varkenspest.
Die lijkt namelijk op te rukken, in juni was er nog een geval in Duitsland. En tot slot zorgen de roedels wilde zwijnen voor gevaarlijke verkeerssituaties, omdat ze de provinciale wegen oversteken.
Wilde zwijnen mogen in Nederland in drie gebieden voorkomen: de Veluwe, Nationaal Park De Meinweg en natuurgebied Meerlebroek in Noord-Limburg. In deze gebieden wordt ook op ze gejaagd.
Daarbuiten geldt in alle Nederlandse provincies voor de zwijnen het zogenaamde nulstandbeleid. Dat betekent dat ze daarbuiten afgeschoten mogen worden, ook als ze geen schade aanrichten.
Van jagen naar beheer
Nu is er een nieuw advies opgesteld door een speciale 'zwijnencommissie'. De provincie moet volgens de commissie stoppen met het huidige beleid en overgaan tot beheer. Dus de zwijnen worden niet meer allemaal afgeschoten.
Eigenlijk moet het Brabantse provinciebestuur het advies nog overnemen, maar volgens betrokkenen is dat een kwestie van tijd. Daarmee zou Noord-Brabant de eerste provincie zijn die stopt met het huidige nulstandbeleid voor wilde zwijnen.
'Ze horen erbij'
In het advies schrijft de zwijnencommissie dat erkend moet worden dat wilde zwijnen een toegevoegde waarde hebben voor de biodiversiteit en de natuur in Noord-Brabant. "Ze horen erbij, net als als reeën, dassen, vossen en steenmarters", zegt de commissie.
De commissie benadrukt dat het wél moet gaan om weinig wilde zwijnen. Het advies gaat uit van 1 zwijn per 100 hectare. Als dat er meer worden, dan wordt overgegaan tot jagen.
Principieel winstpunt
Alle betrokkenen, van natuurbeheerders tot jagers, hebben al hun handtekening onder het advies gezet. Opvallend is dat zelfs de Dierenbescherming akkoord is gegaan met het advies. "De wilde zwijnen mogen er zijn in Noord-Brabant, dat is voor ons een principieel winstpunt", zegt Michiel de Wit van de Dierenbescherming.
"Verder zijn we ook blij dat in het advies wordt gesproken over de instandhoudingsplicht. Die verplichting is heel belangrijk voor ons", vertelt hij. "Wij kunnen hiermee leven: als Dierenbescherming hadden wij nog wel meer gewild. Maar Gedeputeerde Staten kan dit advies gewoon overnemen wat ons betreft."
Uniek advies
Hagar Roijackers van GroenLinks is namens het college van Gedeputeerde Staten verantwoordelijk voor het zwijnenvraagstuk. Zij zegt dat dit advies uniek is, omdat het van zo veel belanghebbenden komt. "Het advies moet zo snel mogelijk beslag gaan krijgen in Brabant", vertelt ze.
"Ik heb daar best nog een aantal dingen te doen. Ik wil met de gemeente in overleg, ik wil intern kijken wat we kunnen doen vanuit de natuurportemonnee en misschien kunnen we ook naar andere portemonnees kijken om alle advisering recht te doen", somt ze op. "En die afweging maken wij de komende maanden."