Moeders en kinderen dakloos in grote steden: 'Heel veel angst en schaamte om hierover te praten'

Honderden kinderen en moeders dakloos in grote steden, maar voor velen blijft echte hulp uit: 'Risico op uitbuiting en geweld'

Van bank naar bank of slapen in een kelder of garage: honderden kinderen moeten in Nederland op straat opgroeien, omdat er nauwelijks hulp voor hun dakloze moeders is. Volgens de Amsterdamse Kinderombudsman is een landelijke aanpak nodig.

"Het matras heb ik nu rechtop staan. Als ik later vanavond ga liggen dan haal ik deze tassen weg en zet ze op de gang waar ook mijn twee koffers met kleren staan", klinkt de stem van Muriel* op het filmpje dat ze zelf opnam. De camera glijdt intussen langs de grijze, stenen wanden van de berging zonder ramen waar ze met haar kind verblijft. "Ik haal de tassen weg en dan pas kan het matras helemaal plat en kunnen we gaan liggen."

Chavez-regeling

Muriel kwam ruim een jaar geleden vanuit Suriname naar Nederland met haar minderjarige kind dat een Nederlands paspoort heeft. Omdat haar kind Nederlands is, mag Muriel hier verblijven en werken. Hoewel ze in Suriname directeur van een basisschool was en een internationaal geaccrediteerd diploma heeft, lukt het nog niet om een baan te vinden.

Zoals Muriel zijn er tientallen vrouwen, moeders van minderjarige Nederlandse kinderen die er alleen voor komen te staan. Volgens de zogeheten Chavez-regeling mogen deze moeders in Nederland wonen en werken omdat ze een kind hebben dat Nederlands is en hier naar school gaat. Sommige van hen belanden vervolgens samen met hun kinderen in dakloosheid. Ze gaan van plek naar plek, wonen tijdelijk bij kennissen of bij vreemden en dit vaak tegen betaling.

Woning in berging

Zo vertelt Deborah* dat ze op deze manier ook terecht is gekomen in een berging met haar baby van 7 maanden. Eerder woonde ze bij een 'huisbaas' die, zo vertelt ze, 'een relatie wilde'. "Hij vond het irritant dat er een vrouw in huis was waar hij geen gebruik van kon maken." Hij zette haar het huis uit, met haar baby. Nu woont ze in de berging waar ze 550 euro per maand voor betaalt.

Hij vond het irritant dat er een vrouw in huis was waar hij geen gebruik van kon maken.
moeder Deborah over haar voormalige huisbaas

Hoewel het verhaal van iedere moeder weer een beetje anders is, geldt voor de vrouwen die EenVandaag spreekt dat ze uit Suriname komen, een Nederlands kind hebben en daarom hier mogen verblijven. Wanneer het mis gaat en de moeders met hun kinderen niet meer bij familie of kennissen kunnen blijven, lopen ze vast.

Te zelfredzaam

Zo lang ze geen eigen woning hebben of geen 'regiobinding' hebben met de stad, ook al gaan de kinderen er wel naar school, kunnen deze moeders ook niet terecht in de opvang. Maar ook omdat ze 'zelfredzaam' zouden zijn. Ze zijn niet verslaafd, hebben geen ernstige psychische problemen en worden dus geacht het zelf te redden.

Volgens Kinderombudsman Annemarie Tuzgöl is de situatie van de moeders schadelijk voor de opgroeiende kinderen en zou voor hen veel meer oog moeten zijn. "Wat als kinderen van bank naar bank moeten hoppen of van kamer naar kamer, of bij onveilige netwerken in moeten wonen? Want dat horen we ook. Dat kinderen soms wel ergens onderdak hebben, maar dat ze dan overdag bijvoorbeeld niet binnen mogen komen. En dan heb je ook een risico op uitbuiting en geweld. Dat is allemaal heel schadelijk voor kinderen."

Spreidingswet voor dakloze gezinnen

Tuzgöl pleit onder meer voor een vast team van hulpverleners dat moeder en kind helpt bij de verschillende problemen die spelen. En ze vindt dat de moeders met hun kinderen opvang verdienen. "Dit speelt niet alleen in Amsterdam. Het is een landelijk probleem, dus je moet het ook landelijk opknappen. Met een soort spreidingswet voor dakloze gezinnen."

Ze bedoelt daarmee dat gemeentes in gelijke mate bij moeten dragen aan de opvang van dakloze gezinnen. Uit een telling van oktober 2025 blijkt dat er in Nederland 4.062 kinderen voldoen aan de criteria voor dakloosheid en daarnaast zijn 7.415 kinderen jonger dan 18 jaar betrokken bij een situatie van een dak- of thuisloze ouder. Dan is het kind zelf niet dak- of thuisloos, maar een of beide ouders wel.

00:00
/
00:00
In gesprek met Kinderombudsman Annemarie Tuzgöl

'Wanneer krijg ik een eigen kamer?'

Grace*, moeder van twee kinderen - waarvan eentje minderjarig -, vertelt: "Op dit moment woon ik met mijn kind in een onafhankelijke opvang, daar heb ik tijdelijk een plek. Dus ik ben in onzekerheid. Vandaag of morgen kan ik eruit gezet worden."

Voor ze de hulp kreeg, ging ze van adres tot adres met haar kind en sliepen ze samen een nacht buiten. Haar dochter lijkt van buiten af gezien in orde maar begrijpt niet wat er gebeurt. "Ze vraagt wanneer ze haar eigen kamer gaat hebben. Of wanneer we weer een eigen huis hebben. Ze is er moe van om steeds te horen dat ze te veel lawaai maakt", vertelt Grace.

Angst en schaamte

Intussen gaan de kinderen gewoon naar school waar ze niet altijd op de hoogte zijn van de woonsituatie. "Sommige leerkrachten weten helemaal niet hoe de thuissituatie is van kinderen, omdat er toch heel veel angst en schaamte is om hierover te praten. Maar als leerkrachten het wel weten, dan zien ze dat kinderen soms heel stil en teruggetrokken zijn, of juist heel druk", vertelt Annemarie Tuzgöl.

Anja Matyjaszczuk van hulporganisatie Different Colors trok onlangs aan de bel over het lot van deze moeders en hun schoolgaande kinderen. Bij Different Colors hebben er volgens Anja nu 62 moeders aangeklopt voor hulp en ondersteuning. Intussen voert Different Colors overleg met de gemeente over het huisvesten van de moeders, vooralsnog zonder resultaat.

*Omdat de moeders onherkenbaar willen blijven hebben wij hen een fictieve naam gegeven, hun echte namen zijn bekend bij de redactie.

Advertentie via Ster.nl