Onderzoeksjournalist Thomas van Linge gebruikt OSINT om beelden te controlerenBron: EenVandaag
Onderzoeksjournalist Thomas van Linge gebruikt OSINT om beelden te controleren
Oorlog Midden-Oosten

Hoe doe je verslag van een oorlogsgebied waar geen journalisten zijn, zoals Iran? 'Waarheid sterft als eerste'

In Iran zijn bijna geen internationale journalisten, het internet is afgesloten en beelden uit het gebied zijn niet zelden gemanipuleerd door AI. Hoe doe je verslag van een oorlog in een gebied waar zo weinig informatie vandaan komt? "Alles controleren."

In het Midden-Oosten woedt de oorlog een week na de Israëlische en Amerikaanse aanvallen op Iran door. Zeker tien landen en verschillende milities zijn in een paar dagen tijd betrokken geraakt bij het conflict. Maar verslag doen van wat er gaande is, is een uitdaging, merken journalisten.

Propagandabelangen heel groot

Het land waar de oorlog een week geleden begon, Iran, is namelijk vrijwel niet toegankelijk voor internationale journalisten. Het aantal internationale journalisten in Iran is op één hand te tellen, vertelt Thomas Bruning aan EenVandaag. Bruning is algemeen secretaris van journalistenvakbond NVJ.

"In een oorlog sterft de waarheid als eerst, luidt het journalistieke spreekwoord. De propagandabelangen van beide partijen zijn in zo'n conflict heel groot. Het is heel moeilijk om daar doorheen te breken", legt Bruning uit. Dat zie je ook in de oorlog in Oekraïne, waar journalisten wel verslag kunnen doen van het front maar het alsnog moeilijk is om beide kanten van het verhaal op een volwaardige manier over te brengen.

Onveiligheid in Iran

Juist daarom is het belangrijk om toegang tot het oorlogsgebied te hebben, vertelt Bruning. "Je wil het zelf kunnen zien, zelf kunnen oordelen, zelf een inschatting kunnen maken van wat er gebeurt." Maar in Iran is dat nog veel moeilijker. "Aan de ene kant heb je de factor onveiligheid: je moet ontzettend goed kijken waar vanuit je als journalist nog op een redelijk veilige manier verslag kan doen."

Je wil het zelf kunnen zien, zelf kunnen oordelen, zelf een inschatting kunnen maken van wat er gebeurt.
algemeen secretaris van journalistenvakbond NVJ Thomas Bruning

"En aan de andere kant heb je nog steeds een regime dat daar actief is en dat de verslaggeving van alle kanten probeert de kop in te drukken", gaat hij verder. "Ze hebben in het verleden laten zien dat ze er niet voor terugdeinzen om internationale journalisten op te pakken."

'Heel goed controleren'

Het schaarse beeld dat afgelopen week naar buiten kwam uit Iran, was niet zelden gemanipuleerd door kunstmatige intelligentie. "Het belangrijkste wat je kan doen is de beelden die je krijgt heel goed controleren", vertelt Bruning.

"Het publiek mag er vanuit gaan dat wat je aan nieuws brengt gecontroleerd is en geen onderdeel is van een 'propagandamachine'. Of in sommige gevallen zelfs helemaal niet relevant is en door willekeurige leden van het publiek als een soort sensatie wordt ingestuurd en niks met het conflict te maken heeft."

OSINT

Een van de technieken die door journalisten wordt gebruikt om de beelden te verifiëren is OSINT, dat staat voor Open Source Intellingence. Het is het analyseren en factchecken van publiek beschikbare informatie - door bijvoorbeeld websites, nieuwsartikelen en satellietbeelden te bekijken - en op basis daarvan te oordelen of een video klopt of niet.

Onderzoeksjournalist Thomas van Linge is gespecialiseerd in OSINT, maar legt uit dat ook voor hem de situatie in Iran moeilijker is dan in andere landen: "In tegenstelling tot plekken waar het internet het nog grotendeels doet, zoals Dubai of Tel Aviv. Als daar een prominente plek wordt geraakt, dan komt er heel veel informatie en beeldmateriaal binnen. Dat maakt het makkelijker om zo'n incident te verifiëren."

Wel of niet geraakt?

Dat informatie uit Iran maar mondjesmaat naar buiten komt en hoe ingewikkeld dat is, blijkt wel uit de discussie die afgelopen week op verschillende (sociale) media woedde over of een meisjesschool in Iran wel of niet zou zijn geraakt tijdens de Amerikaanse en Israëlische aanvallen vorige week zaterdag.

Bij het bombardement zouden ruim honderd burgers zijn omgekomen, onder wie veel jonge kinderen. Maar al snel gaan op social media verschillende claims rond dat het nepbeelden zouden zijn of dat Iran zelf de school heeft gebombardeerd.

Discussie over meisjesschool

In het tv-programma WNL Op Zondag beweerde schrijver Leon de Winter zelfs dat de beelden van een aanslag in Kabul in 2021 zouden zijn.

In de loop van de week konden verschillende internationale media al verifiëren dat het nieuws over de meisjesschool klopte. En ook de NOS en NRC brachten vrijdag naar buiten dat bij 'Operation Epic Fury' een meisjesschool is geraakt en ruim honderd burgers om het leven kwamen.

Tot tien tellen

De meisjesschool is een goed voorbeeld van hoe ingewikkeld het in dit conflict is om snel te kunnen vaststellen wat er is gebeurd, zegt Bruning.

"Je moet je steeds heel sterk bewust zijn van het vertrouwen dat je toch geniet bij het publiek en dat je moet behouden. Maar om die rol ook echt waar te maken moet je soms tot tien tellen tot je iets brengt. En als je iets eerder brengt, heel duidelijk aangeven: 'Dit is wat we nu weten, op basis van de informatie die we nu hebben.'"

Er is weinig toegang tot Iran en er zijn veel nepbeelden in omloop. Dat maakt het voor journalisten moeilijk om informatie te checken.
Advertentie via Ster.nl