
Eugenia (29) wil hockey inclusiever maken nadat ze zelf stopte: 'Voelde me welkom, maar niet thuis'
Voor veel mensen is het doen van een teamsport ook een gelegenheid om nieuwe vrienden te maken. Maar wat als er door je culturele achtergrond of economische status niemand is met wie je je verbonden voelt? Eugenia maakte dat mee op het hockeyveld.
"Ik voelde me wel altijd gewoon welkom en had niet het gevoel dat ik werd buitengesloten, maar het valt wel op als je de enige of een van de enigen bent", vertelt de 29-jarige Eugenia Obeng Asare. Ze heeft het over de jaren dat ze op hockey zat. Een sport die ze als tiener erg leuk vond, maar waarbij representatie van verschillende sociale, raciale en economische achtergronden miste.
Met veel plezier
"Wat ik leuk vond, is dat het een snelle en dynamische sport is", vertelt Eugenia over waarom hockey haar aantrok. "Je was continu in beweging, moest goed opletten, snel reageren en tegelijkertijd samenwerken met je team."
Het is dan niet dat iemand een opmerking maakte of dat ouders iets zeiden. Maar het is gewoon het feit dat je er constant tussenuit springt.Eugenia
"Maar", gaat ze verder, "ik kon mezelf niet herkennen in de groep." De verbinding die groepsporten kunnen brengen tussen team- en clubgenoten, was er voor haar niet echt. Als Nederlands-Ghanese was ze de enige met die achtergrond in haar team en een van de weinige met een niet-westerse achtergrond op de club. Mede door de cultuurverschillen vond ze niet altijd aansluiting bij de andere meiden.
Weer de enige
"Vanaf de basisschool bevond ik me eigenlijk altijd in een overwegend witte omgeving. En het is dan niet dat iemand een opmerking maakte of dat ouders iets zeiden. Maar het is gewoon het feit dat je er constant tussenuit springt."
En dus ook op de hockeyclub in Amstelveen. "Ik vond het jammer dat er gewoon zo weinig inclusiviteit was. Dus ja, dat was wel een van de redenen waarom ik na 3 jaar ben gestopt."
Black Lives Matter
Denken aan hockey, deed ze daarna niet echt meer. Totdat in 2020 de Afro-Amerikaanse George Floyd op gewelddadige wijze werd aangehouden door de politie. De arrestatie, die resulteerde in zijn dood, werd gefilmd en ging dankzij social media de hele wereld over. Het ontketende een wereldwijde golf van protesten tegen racisme en politiegeweld onder de Black Lives Matter-movement.
Niet alleen op straat en social media, maar ook binnenshuis werden er na de dood van Floyd gesprekken gevoerd over de behandeling - en soms uitsluiting - van zwarte mensen in de westerse maatschappij. Ook Eugenia voerde deze gesprekken met haar naasten. "Zoals met mijn bonuszusje Miled. Zij had een artikel over Black Lives Matter gelezen en vroeg toen mijn mening erover."
'Hoe inclusief is de sport?'
In het gesprek kwam ook Eugenia's tijd op de hockeyclub aan bod. Miled, die zelf wit is, wilde weten hoe dat voor haar zus was. "Ze vroeg zich toen af: hoe inclusief is de sport nou eigenlijk echt?"
Als uit hun gesprek blijkt dat er niet veel is veranderd sinds Eugenia haar hockeystick voorgoed weglegde, komen de twee al snel op een idee: ze willen, samen met nog twee andere vriendinnen, met hun eigen stichting 'Hockey voor Iedereen' de sport inclusiever maken. Wit, zwart, arm, rijk: de sport moet voor iedereen zijn, besloot het viertal. "De stichting is voor kinderen waarvoor een sport als hockey niet vanzelfsprekend is", licht ze toe.
Hockey voor Iedereen
"Vooral in die eerste jaren brachten we op een laagdrempelige manier de sport naar de kinderen uit multiculturele buurten." Dat deden ze toen bijvoorbeeld door op scholen langs te gaan, trainingen te organiseren of kinderen mee te nemen naar evenementen die om hockey draaien. "Als we dan naar een evenement gingen, hadden we een bus vol met kids van allemaal verschillende achtergronden."
"Tijdens die lesjes was echt te merken dat ze het leuk vonden. Je zag dan hoe blij en enthousiast ze waren. En als een kind de sport dan leuk vond, dan legden we contact met een club en kon een kind een proeftraining doen." De afgelopen 2 jaar zet de stichting zich vooral in door inzamelacties te organiseren, hockeyspullen te verzamelen en kinderen mee te nemen naar evenementen. "We hebben onlangs ook spullen naar Kenia verzonden", vertelt Eugenia.
'Dat is iets voor mijn kind'
Naast het plezier is het ook belangrijk dat de kinderen kennismaken met sporten en mensen die ze in het dagelijks leven minder snel tegen zouden komen, zegt Eugenia. Ze wil dat kinderen met een niet-westerse achtergrond of kinderen die uit wijken komen waar families het minder breed hebben, ook de kans krijgen om nieuwe dingen te proberen.
"Met voetbal zien we veel mensen van kleur op een hoog niveau. Het is een sport die we kennen, dus ik denk dat ouders dan ook eerder denken: Oké, dat is iets voor mijn kind." Maar een sport zoals paardrijden, golf of hockey, daar wordt minder vaak over nagedacht, zegt ze.
Voorbeeldfunctie
Eugenia ziet die denkwijze veel terugkomen in haar eigen gemeenschap in Amsterdam-Zuidoost. "Ik zit in mijn wijk ook in het bestuur van Amsterdam Dynamics, dat is een hockeyclub die nu een aantal jaar bestaat. Het is een kleine club, maar we doen ons best om meer kinderen aan te trekken."
Wat daarbij goed helpt, is haar eigen ervaring met de sport. "Veel kinderen denken nog: hockey? Ik ken niemand die dat heeft gedaan, dus dat is niets voor mij. Maar toen we vorige maand een evenement hadden met de club, was er een moeder die zei: 'Wat leuk dat jij ook hebt gehockeyd, nu heeft mijn dochter een voorbeeld. Ze heeft iemand waar ze tegenop kan kijken.'"
Braids en Afrobeats
Dat Eugenia mede dankzij haar eigen inzet - en die van die KNHB, die zich met de Hockey Foundation landelijk inzet voor diversiteit & inclusie - de hockeyvelden in Amsterdam steeds kleurrijker ziet worden, is volgens haar het bewijs dat hockey ook echt voor iedereen kan zijn.
Ze ziet nu op haar eigen club al duidelijk wat voor positieve effecten dat kan hebben. "Laatst hadden een paar meiden het voor trainen het over braids (lange vlechten die zwarte meisjes en vrouwen dragen, red.). Dat soort gesprekken zijn toch makkelijker te voeren wanneer je in een team zit met mensen die op je lijken. En tijdens evenementen wordt bijvoorbeeld Afrobeats gedraaid."
Nieuwe dingen leren
"En zo leren ze ook nieuwe dingen van elkaar", gaat ze verder. "Want zo komen kinderen van verschillende werelden met elkaar in contact. Dat kan mooie dingen met zich meebrengen."
Het maakt haar blij en doet ook even denken aan hoe haar hockeycarrière had kunnen zijn. "Als de diversiteit die er nu voorzichtig komt er ook al was toen ik jonger was, was ik waarschijnlijk blijven hockeyen."
Thuis voelen in de sport
Voor de toekomst hoopt ze dat iedere hockeyclub eruit gaat zien als die van haar in Amsterdam-Zuidoost. "Ik wil vooral dat meer kinderen zich in de sport kunnen gaan herkennen én zich er ook thuis gaan voelen. De sport was voor mij altijd al leuk en ik voelde me welkom, maar ik voelde me niet thuis."
Die twee dingen kunnen naast elkaar bestaan, zegt Eugenia. "En wat ik de hockeywereld gun is dat meer kinderen welkom zijn, zich in de sport kunnen herkennen én zich er ook echt thuis kunnen voelen."