
Kiezers van D66 en CDA willen dat nieuw kabinet klimaat weer hoger op de agenda zet, VVD-stemmers verdeeld
Het kabinet-Schoof deed te weinig tegen klimaatverandering, vindt de helft (48 procent). Kiezers van D66 en CDA hopen dat 'hun' nieuwe kabinet daar verandering in brengt, maar zijn bang dat de VVD als coalitiepartner die ambities zal afremmen.
Dat blijkt uit onderzoek van EenVandaag onder ruim 24.000 leden van het Opiniepanel. Hoewel klimaat bij de afgelopen verkiezingen minder prioriteit kreeg dan voorheen, willen de meeste kiezers (55 procent) toch dat het nu te vormen kabinet (veel) aandacht geeft aan dit thema.
'Inhaalslag maken'
D66, CDA en VVD zitten op dit moment aan de formatietafel. Vooral kiezers van die eerste twee partijen willen dat er een actiever klimaatbeleid komt. Na de afgelopen 2 jaar is er 'een flinke inhaalslag' nodig als Nederland nog aan de klimaatdoelen wil kunnen voldoen, zeggen zij. Ze hebben er vertrouwen in dat in ieder geval hun eigen partijen daarin een stap vooruit zullen doen.
CDA en D66 willen wel en hebben goede plannen, maar de stugge VVD denkt alleen aan geld en blokkeert vooruitgangeen D66-stemmer over het nieuwe kabinet dat in de maak is
Toch stemt de formatie hen tot nu toe weinig hoopvol: het onderwerp kwam 'nauwelijks voorbij', de voor velen gehoopte partner GroenLinks-PvdA viel af en kiezers zijn bang dat er in een rechtse(re) coalitie minder mogelijk is. "CDA en D66 willen wel en hebben goede plannen, maar de stugge VVD denkt alleen aan geld en blokkeert vooruitgang", vindt een D66-stemmer.
VVD-kiezers verdeeld
Toch is de VVD-achterban in het onderzoek niet uitgesproken tegen klimaatmaatregelen. Van hen hoopt 47 procent ook op meer aandacht voor klimaat, waar ze in deze samenstelling van partijen meer kansen voor zien. "Het vorige kabinet heeft niets bereikt met een lobbyclub als BBB. Hopelijk kunnen D66, CDA en de VVD weer een eerlijk verhaal vertellen", aldus een VVD'er.
Tegelijkertijd heeft voor een ongeveer even grote groep (49 procent), klimaatverandering weinig tot geen prioriteit. Zij zijn bang dat nieuwe maatregelen 'schadelijk zijn voor de economie', of vinden dat het geld beter aan andere zaken besteed kan worden, zoals Defensie.
Wie betaalt klimaatdoelen?
Onder alle kiezers steunt ongeveer de helft de klimaatdoelen van 2030 (54 procent) en 2050 (48 procent). Wel vinden mensen vooral dat de rekening daarvoor voornamelijk bij de overheid (60 procent) en bedrijven (62 procent) moet komen te liggen.
Als burgers daar zelf ook aan bij moeten dragen, bijvoorbeeld in de vorm van klimaatbelasting, is daar minder begrip voor (36 procent). Voorstanders vinden dat het 'in het algemeen belang is' dat iedereen meebetaalt, maar een grotere groep vindt dat onbegrijpelijk wanneer vervuilende bedrijven juist worden ontzien. "Het wordt ingewikkeld als de autobestuurder betaalt en Tata Steel subsidie krijgt", vindt een deelnemer.
Te weinig ondersteuning
Hoewel veel deelnemers in het onderzoek aangeven best meer rekening met het klimaat te willen houden, vindt een meerderheid (61 procent) dat de overheid daar onvoldoende bij helpt. Zo geven jongere deelnemers bijvoorbeeld aan dat ze veel geld kwijt zijn aan het OV, of in een huurwoning geen mogelijkheid hebben om voordelig te kunnen verduurzamen.
De generaties daarboven beklagen zich op hun beurt vaker over 'wankelend beleid'. Zij stapten bijvoorbeeld over op zonnepanelen of een elektrische auto met het idee dat dat voordelig uit zou pakken, maar zagen bepaalde regelingen afgebouwd worden.
Minder klimaatbewust
Daar komt bij dat mensen in het afgelopen half jaar aangeven zelf minder klimaatbewust te leven. Hoewel een meerderheid zijn eigen levensstijl nog wel klimaatbewust vindt (61 procent), was dat aandeel in de afgelopen 10 jaar nog niet eerder zo laag.
Een nieuw jaar biedt voor sommigen ook nieuwe kansen. 6 procent neemt zich voor om volgend jaar duurzamer te gaan leven, en ziet daarin ook mogelijkheden om geld te besparen. Bijvoorbeeld door bewuster aankopen te doen, zuiniger om te gaan met energie of minder te vliegen. "Alles wat duurzamer kan en betaalbaar is, is op de langere termijn goedkoper en beter voor de wereld", besluit een deelnemer.