Mariniers kregen opdracht niemand in leven te laten bij beëindiging kaping De Punt. Dat stellen drie nieuwe getuigen die zich hebben gemeld in het proces over de treinkaping bij De Punt. Zij beweren, evenals de anonieme oud-marinier vorig jaar, dat de militairen die de trein destijds bestormden de opdracht kregen om de Molukse kapers niet gevangen te nemen maar dood te schieten. Heeft de Nederlandse regering hiervoor opdracht gegeven?

Volgens de drie oud-officieren kregen militairen die de gekaapte trein moesten bestormen de opdracht van de commandant die toen leiding gaf aan de bevrijdingsacties. Er mochten geen krijgsgevangenen gemaakt worden omdat het niet de bedoeling was dat de kapers voor de rechtbank zouden verschijnen.  

KIJK & LEES VERDER:

Advocaat nabestaande gedode kapers: ‘nieuw verhoor onder ede’

Liesbeth Zegveld, advocaat van de nabestaanden van twee van de gedode kapers, wil naar aanleiding van de nieuwe verklaringen vier commandanten van de bevrijdingsactie onder ede horen. Ook wil ze oud-generaal Henk van den Breemen en oud-minister van Justitie Dries van Agt als getuigen oproepen. Van Agt was destijds als minister van Justitie politiek verantwoordelijk voor de bevrijdingsactie. De opdracht dat de kapers het niet mochten overleven, zou van van hem zijn gekomen.

Dries van Agt: ‘Beschuldigingen treinkaping zijn te dwaas voor woorden’

Oud-minister van Justitie Dries van Agt vindt de aantijgingen aan zijn adres belachelijk: “Dat wij een ‘licence to kill‘ zouden hebben gegeven is te absurd voor woorden. De opdracht was juist andersom: zo weinig mogelijk slachtoffers maken. Als er gedood moest worden dan alleen uit zelfbehoud. Het is voor mij volkomen raadselachtig waar het verhaal vandaag komt. Het is te dwaas voor woorden.”

LEES DE VOLLEDIGE REACTIE VAN OUD-MINISTER VAN AGT:

Historicus Peter Bootsma doet al bijna twintig jaar onderzoek naar de treinkaping bij de Punt en twijfelt aan de verklaringen van de drie oud-officieren.  Ook oud-minister van Defensie Joris Voorhoeve acht het ondenkbaar dat een minister een dergelijk bevel als “schieten om te doden”  zou hebben uitgegeven.

KIJK & LEES VERDER: 

Tweedehands informatie

Ingo Piepers is de enige nieuwe bron die in de publiciteit treedt met zijn verklaring. Piepers was zelf niet bij de bevrijdingsactie van de treinkaping bij De Punt op 11 juni 1977. Hij begon in 1980 bij het Korps-Mariniers en verklaart het verhaal over de treinkaping gehoord te hebben van iemand anders. Toch is hij zeker van zijn verhaal. "Diegene die het mij verteld heeft was erbij en heeft met honderd procent stelligheid beweerd dat er een opdracht is verstrekt dat er geen krijgsgevangen mochten worden gemaakt," zegt hij op NPO Radio 1.

Geschiedvervalsing

Joris Voorhoeve was minister van Defensie ten tijde van de oorlog in voormalig Joegoslavië en politiek verantwoordelijk voor de inzet van militairen in Srebrenica. Hij waarschuwt voor geschiedvervalsing.

Voorhoeve stelt dat verhalen uit de tweede hand niet altijd de echte waarheid hoeven te bevatten. In de loop der tijd wordt waarheidsvinding volgens hem zelfs onmogelijk: “Herinneringen vervagen, waarnemers overlijden en de beoordeling van sommige mensen wordt achteraf anders door emoties. De werkelijkheid op het moment zelf is nooit volledig in al zijn details te herstellen dus men moet heel zorgvuldig zijn in het opnieuw beoordelen van dingen die ver in het verleden hebben plaatsgevonden.” Voorhoeve is bang voor geschiedvervalsing bij een zaak als De Punt.