Stemmen als je 16 bent? Volgens de Raad voor het Openbaar Bestuur is dat een heel goed idee.

De Raad voor het Openbaar Bestuur adviseert de overheid vandaag om de kiesgerechtigde leeftijd te verlagen naar 16 jaar. De Raad verwacht daardoor een hogere opkomst bij de verkiezingen.

In Oostenrijk werkt het

In Oostenrijk mag je al stemmen vanaf je 16de. Volgens politicoloog Sarah de Lange werkt het daar heel goed. "De maatregel had invloed op het verwerven en ontwikkelen van politieke kennis en interesse, en op de groei van politiek zelfvertrouwen onder jongeren", zegt De Lange in het NRC. Volgens De Lange moeten jongeren dan wel extra lessen in burgerschap krijgen.

De Nationale Jeugdraad is ook al jaren voorstander van het verlagen van de kiesgerechtigde leeftijd. Bestuurslid Maxime Broekhuizen denkt dat de maatregel een mooi teken zou zijn dat de politiek jongeren ook serieus neemt. "Jonge mensen voelen andere verantwoordelijkheden dan ouderen. Kijk maar naar een initiatief zoals de klimaatmars." Volgens Broekhuizen zou de politiek gebaat zijn bij de langetermijnvisie van jongeren.

Eerst belasting betalen, dan pas stemmen

Arie Rijneveld, jongerenvoorzitter van de SGP, is het daar niet mee eens. "Op je 18de mag je trouwen, mag je een rechtszaak aanspannen, dan word je volwassen. Dat is een prima leeftijd om te stemmen", zegt Rijneveld.

De jongerenclub is al jaren tegenstander van het verlagen van de kiesgerechtigde leeftijd. "Wij vinden: je moet eerst die lasten en je verantwoordelijkheid maar eens nemen. Belasting gaan betalen, een betaalde baan vinden. Mensen van 16 jaar betalen nog geen belasting en nemen dus nog geen verantwoordelijkheid."

'Betrek jongeren meer bij de politiek'

Zowel Broekhuizen als Rijneveld zijn het erover eens dat er meer moet worden gedaan om jongeren bij de politiek te betrekken, ongeacht de hoogte van de kiesgerechtigde leeftijd.

"Als ik met jongeren in gesprek ga, blijkt dat ze vaak onzeker zijn of ze genoeg over de politiek weten. Maar al snel blijken ze thema's als het klimaat of de grenzen belangrijke onderwerpen te vinden", vertelt Broekhuizen.

Geen politieke meerderheid

In 1972 werd de kiesgerechtigde leeftijd verlaagd naar 18 jaar. Hans Wiegel, destijds een jong Kamerlid voor de VVD, zei toen: "De 21 jaar die het nu is, is geen eindpunt. De 18 jaar die het gaat worden is het voor mij ook niet. Ik zou me best kunnen voorstellen dat over enige tijd iedereen het erover eens is dat we best naar 16 terug zouden kunnen gaan."

Toch liep het allemaal niet zo vlot als Wiegel destijds vermoedde. Pogingen van Gerard Schouw (D66, in 2010) en Joram van Klaveren (VNL, 2016) stierven een stille dood. En 47 jaar na de uitspraken Wiegel is er nog steeds geen politieke meerderheid af voor de maatregel.