Euthanasie wordt ingezet bij mensen die uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Maar de methode die in Nederland wordt gebruikt is onnodig pijnlijk en foutgevoelig. Volgens deskundigen kan dit voorkomen worden.

De Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst (KNMG) zet artsen en instellingen onder druk om de richtlijn euthanasie te volgen. Maar die richtlijn is gecompliceerd en kan onnodig pijn veroorzaken bij patiënten.

info

Zo moet het volgens de richtlijn

In Nederland bestaat de procedure uit verschillende stappen, omdat dit de enige manier is om met zekerheid te garanderen dat de patiënt conform zijn wens overlijdt. De richtlijn is erop gericht om iemand op een rustige manier te laten wegglijden naar de dood. Mensen hoeven niet bang te zijn dat hun naaste pijn lijdt. Er kan soms een korte pijnsensatie optreden bij het inspuiten van de thiopental, dat valt ondanks een verdovend middel niet geheel uit te sluiten. De arts onderneemt de volgende stappen:

  1. De arts dient de patiënt een verdovend middel, lidocaïne, toe om eventuele pijn bij het inspuiten van het slaapmiddel zoveel mogelijk te voorkomen.
  2. De patiënt wordt in een diep coma gebracht door middel van een slaapmiddel (coma-inductor) in het infuus. Dit slaapmiddel is thiopental of propofol. De patiënt krijgt bewust een overdosis, zodat de patiënt niets meer ervaart.
  3. De arts controleert nauwkeurig of de patiënt echt in een diep coma is geraakt, zodat deze zeker niets meer ervaart. Dat doet de arts door de patiënt aan te spreken, de pols en ademhaling te controleren en de zogenaamde wimperreflex uit te voeren.
  4. Het slaapmiddel kan voldoende zijn om de dood te laten intreden, maar dat is niet met zekerheid te garanderen. Daarom dient de arts na de controle van het coma een spierverslapper (spierrelaxans) toe. Deze zorgt ervoor dat de ademhaling stopt, waardoor even later ook het hart stopt met kloppen en de dood intreedt.

'Richtlijn bij het oud papier'

"De richtlijn van de KNMG is een onding en moet bij het oud papier", zegt internist Jan van der Meulen. "De KNMG propageert een methode die ervoor zorgt dat mensen hun laatste dag op aarde onnodig pijn hebben, die juist door de euthanasie zelf wordt veroorzaakt."

Van der Meulen, die tot deze maand ook SCEN-arts was en in die functie euthanasiegevallen van collega artsen beoordeelde, begrijpt niet dat Nederland vasthoudt aan deze methode. "In België is een veel eenvoudiger methode gangbaar, die geen pijn veroorzaakt en ook niet zo gemakkelijk mis kan gaan."

Patiënt is bij bewustzijn gestikt

Vorig jaar is in minimaal één geval de volgorde van de middelen verwisseld, meldt de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie. De betreffende patiënt kreeg eerst een verlammend middel en daarna pas een slaapmiddel. Als gevolg daarvan is de patiënt gestikt, en op dat moment volledig bij bewustzijn.

"Een verschrikkelijke dood die voorkomen had kunnen worden", aldus voormalig SCEN-arts Van der Meulen. 85 procent van alle gevallen van euthanasie wordt door een huisarts uitgevoerd. Meestal hebben huisartsen er weinig ervaring mee.

Lees ook

Nederlandse aanpak niet 'idiot proof'

Ook in België wordt met onbegrip naar de Nederlandse richtlijn gekeken. Wim Distelmans, hoogleraar palliatieve geneeskunde, oncoloog en voorzitter van de Federale Controle- en Evaluatiecommissie Euthanasie (FCEE) in België zegt: "Er is geen enkel wetenschappelijk bewijs dat de Nederlandse methode een goede methode is."

Bovendien vindt ook Distelmans dat de Nederlandse aanpak 'niet idiot proof' is en er te makkelijk fouten gemaakt kunnen worden. Volgens de Nederlandse richtlijn worden achtereenvolgend drie middelen gegeven: een pijnstiller, een slaapmiddel en een verlammend middel. In de richtlijn zelf wordt bij alle drie de middelen gewaarschuwd dat ze pijn kunnen veroorzaken, zowel door de middelen zelf als door de manier waarop ze worden toegediend.

Ziekenhuis weigerde richtlijn tot nu toe

Jarenlang weigerde het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis in Amsterdam (AVL) de richtlijn te volgen. Het ziekenhuis hield er een eigen methode op na die eenvoudiger was, dezelfde aanpak die ook in België wordt toegepast. Maar die weigering om de richtlijn te volgen stuitte de afgelopen jaren op weerstand van de KNMG.

Jacob Kohnstamm, voorzitter van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE), bevestigt dat er de afgelopen twee jaar meerdere keren door de KNMG druk op hem is uitgeoefend om de handelwijze van het AVL medisch onzorgvuldig te verklaren. "Wij worden door Jan en alleman onder druk gezet, maar we trekken ons daar niks van aan."

Lees ook

Eerder fouten in een methode met drie middelen

Vorige week is het AVL alsnog overstag gegaan. Ook daar houdt men zich nu aan de richtlijn. Het ziekenhuis zegt daarover: "Dat heeft te maken met de toegenomen mobiliteit van artsen: ze werken in meerdere ziekenhuizen of wisselen sneller van ziekenhuis. Dan is het vanuit zorgvuldigheid gewenst dat er een euthanasie protocol in Nederland gehanteerd wordt."

Voor Kohnstamm was het niet nodig geweest. Hij wil zich niet uitspreken over de vraag of de methode van de KNMG beter of slechter is dan die van het AVL of in België. "Het ligt voor de hand te denken dat je eerder fouten maakt in een methode met drie middelen dan in een methode met maar een middel."

De Nederlandse richtlijn euthanasie en hulp bij zelfdoding stamt uit 2012 en wordt op dit moment herzien. De herziene versie wordt verwacht in de zomer van 2019.