Op veel plekken in Nederland ging het deze week mis met afstand houden, maar niet in de Rotterdamse parken. Daar zaten bezoekers keurig binnen de getekende witte cirkels op het gras. "Leren afstand houden is vergelijkbaar met leren autorijden."

Door de witte lijnen in het gras is het voor bezoekers duidelijk waar zij op gepaste afstand van andere bezoekers kunnen gaan zitten. Op deze manier een helpende hand toereiken bij het afstand houden vindt gedragspsycholoog Chantal van der Leest een goed idee. "Ik begrijp dat het een uitdaging is om je aan de coronamaatregelen te houden."

Gedragsaanpassing kost tijd

"Mensen willen zich wel aan de afstand houden, maar daar voortdurend aan denken kost heel veel energie." Buiten moet je namelijk al aan veel andere dingen denken. "Je wil bijvoorbeeld ook niet door rood lopen, en je bent in het park nog met allerlei andere dingen bezig. Nadenken over de 1,5 meter komt daar dan nog bij."

Een gedragsaanpassing gaat volgens Van der Leest niet over een nacht ijs. "Het zit nog helemaal niet in ons systeem. Als we dit al 5 jaar zouden doen zou het moeiteloos lukken", zegt Van der Leest. "Het kost langer de tijd om eraan te wennen."

Chantal van der Leest
Bron: Chantal van der Leest
Chantal van der Leest is gedragspsycholoog.

Visuele gids helpt

Iets wat hierbij kan helpen, zijn 'nudges': technieken om het gedrag van mensen op een subtiele manier te beïnvloeden. Een voorbeeld hiervan zijn de in de Rotterdamse parken ingezette cirkels. "Het is voor ons best wel lastig om in te schatten wat 1,5 meter is, en op het moment dat je zo'n visuele gids als de cirkels hebt hoef je er opeens helemaal niet meer over na te denken."

"Je hebt een automatisch en een rationeel systeem. Door de cirkels gaat het afstand houden helemaal op het automatische systeem", legt Van der Leest uit. "Dat kost ons weinig energie. Je hoeft je niet af te vragen of het klopt en of je het wel goed doet. Je hoeft alleen tussen de lijntjes te blijven, dat vinden we heerlijk."

Lees ook

Nieuw gedrag aanleren

Van der Leest vergelijkt het aanleren van een intensieve verandering, zoals het aanhouden van 1,5 meter afstand, met het leren besturen van een auto. "Als je dat gaat leren, moet je alles eerst nog heel erg bewust doen: kijken, sturen, schakelen, spiegelen. En op een gegeven moment gaat dat dan automatisch."

"Maar als je dan hulp krijgt, zoals in dit geval de cirkels in het gras van de Rotterdamse parken, is dat als een zelfrijdende auto: je hoeft nergens meer over na te denken, alleen nog maar in te stappen", zegt de gedragspsycholoog.

Geen smoesjes

Van der Leest denkt dat hier ook de opmerkingen vandaan komen van mensen die zeggen dat ze geen zin hebben om afstand te houden. "Je kunt je afvragen of die opvatting 'achteraf-gepraat' is", zegt ze. "Mensen betrappen jou op gedrag, en dat voelt heel vervelend want we hebben allemaal het idee over onszelf dat we goed zijn. Als iemand dan zegt dat jij iets stoms doet, moet je dat dus opeens onder ogen zien."

"In plaats daarvan kun je ook een reden verzinnen waarom je je gedroeg zoals je je gedroeg. Dus dan zeg je: 'Ja, ik vind het niet zo belangrijk, daarom hield ik me er niet aan'", vertelt Van der Leest. "En dat hoefde nu in de parken van Rotterdam dus niet, doordat mensen zich door de cirkels wél aan de regels hielden. Dan hoef je achteraf ook geen reden meer te zoeken."

Lees ook