Al twee weken heeft Groninger Jan Holtman niets gegeten. Samen met Jannie Knot, die een week later inhaakte, is hij in hongerstaking. Zo willen de twee protesteren tegen de manier waarop de NAM en de overheid omgaan met de afwikkeling van de aardbevingsschade in de provincie. Wanneer Holtman het niet meer vol dreigt te houden, wil hij het stokje doorgeven aan een volgende hongerstaker.

Dat deed ons teruggaan naar wellicht de bekendste Nederlandse hongerstaking, in 2002. Volkert van der G., moordenaar van Pim Fortuyn, ging op 13 juli in hongerstaking vanwege de omstandigheden in zijn gevangeniscel. De verlichting in zijn cel bleef 24 uur per dag aanstaan en bovendien was er permanente videobewaking.

Volkert van der G. hield het 70 dagen vol

Van der G. zou zijn hongerstaking uiteindelijk 70 dagen volhouden. Dat is behoorlijk aan de lange kant, volgens universitair docent strafrecht Pauline Jacobs. "Zolang je wel blijft drinken is het in het begin nog redelijk te doen. Meestal wordt 40 dagen als een levensbedreigend punt gezien in de staking, waarna het lichaam echt zwak wordt." Jacobs promoveerde in 2012 op gevangenen in hongerstaking. Volgens haar kan het vaak een effectief middel blijken: "Je zorgt er in ieder geval voor dat de situatie op de spits wordt gedreven."

De hongerstaking van Van der G. leverde bovendien ook een politieke discussie op.  Een meerderheid in de Tweede Kamer vond dat wanneer de fysieke toestand van Van der G. te kritisch werd, hij met dwang gevoerd moest worden. Dat gaat volgens Jacobs in tegen de richtlijn zoals die al sinds 1985 geldt, waar de wil van de hongerstaker altijd prevaleert. "Wanneer de staker, als hij wilsbekwaam is, heeft aangegeven niet gevoerd te willen worden, dan mag dat niet gebeuren."

Kijk en lees ook