De bestrijding van de eikenprocessierups is volgens tuinder Niels Zuurbier totaal ineffectief. Het kost volgens hem 'bakken met geld' en gaat veel te langzaam. Zijn oplossing: gebruik chemische bestrijdingsmiddelen, dat werkt veel beter.

"De overheid spant het paard achter de wagen", zegt Niels Zuurbier, tuinder in Heerhugowaard en voorzitter van de vakgroep vollegrondsgroenten LTO Nederland. Hij is boos over de lakse manier waarop de bestrijding van de eikenprocessierups wordt aangepakt en pleit voor een rigoureuze aanpak.

Lees ook

Chemische bestrijding

De eikenprocessierups wordt nu nog bestreden door bedrijfjes die door de overheid en particulieren worden ingehuurd om de rupsen op te zuigen. Maar dat is kostbaar en traag, vindt Zuurbier. "De rups is een plaag. En een plaag dien je te bestrijden."

Wat Zuurbier betreft is er maar één manier om die bestrijding ter hand te nemen: door chemische bestrijding, door de inzet van gif. "Door een gewasbeschermingsmiddel", zegt hij zelf. Alleen met een rigoureuze aanpak kan wat de tuinder betreft de strijd tegen het harige diertje slagen.

Maarten pleit voor de inzet van een gewasbeschermingsmiddel in de strijd tegen de eikenprocessierups.

Haartjes op gewassen

En hij is het niet alleen oneens met de huidige aanpak met stofzuigers, ook het advies van het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) veegt hij van tafel. Het KAD adviseert gewassen niet te oogsten als ze grenzen aan stroken bos waar de beestjes zitten.

De haartjes met de venijnige weerhaakjes van de rups kunnen door de wind op gewassen en daarmee in de voedselketen komen. Wat het KAD betreft moet er een marge van 20 meter worden gehanteerd tussen velden met gewassen en bomen waar de rups in huist.

Lees ook

Onschadelijk gemaakt door beregening

Zuurbier brengt daar tegenin dat door de droogte de meeste boeren hun land nu beregenen. Volgens hem is een bijkomend voordeel hiervan dat door beregening eventuele haartjes van de sla of spinazie worden gewassen en daardoor onschadelijk worden gemaakt.

Het KAD denkt daar anders over. De honderdduizenden rupsen hebben ieder liefst 700.000 microscopisch kleine brandhaartjes, stuk voor stuk voorzien van een rottig weerhaakje. Als het eenmaal ergens op terecht komt, zoals groente op het land, laat dat haakje zich niet zomaar verwijderen. De kans is dus volgens het KAD aanwezig dat gewassen met haakjes bij ons op het bord terecht komen.

Bekijk hier de tv-reportage over dit onderwerp.