De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb wil dat er van regeringszijde officieel excuses worden gemaakt voor het slavernijverleden. Daarmee kan volgens Aboutaleb een punt worden gezet achter een donkere pagina in de Nederlandse geschiedenis. Het is niet voor het eerst dat een burgemeester in de bres springt voor een bevolkingsgroep. In 2012 was het burgemeester Victor Molkenboer van Leerdam die zich sterk maakte voor de Molukse gemeenschap in zijn gemeente.

Hij riep het kabinet op om excuses te maken voor de beroerde ontvangst en opvang van Molukse KNIL-militairen (Koninklijk Nederlands-Indische Leger) met hun gezinnen in de jaren vijftig. Molkenboer gaf als eerste het voorbeeld en bood op een herdenkingsbijeenkomst van de Molukse gemeenschap in Leerdam zijn excuses aan. '’Het zou de Nederlandse overheid sieren dit voorbeeld te volgen'’, zei hij destijds tegen journalisten. Maar dat deed het kabinet niet.

Aan excuses hangt een prijskaartje

Vaak is door verschillende regeringen spijt betuigd en sorry gezegd voor fouten die in het verleden zijn gemaakt. Denk aan de omgang met de joden na de oorlog, de val van de enclave Srebrenica en de behandeling van Molukse gezinnen. Excuses maken ligt blijkbaar een stuk moeilijker. Zou er voor het kabinet een prijskaartje aan het woord ‘excuses’ hangen? Molkenboer: “Het is een financiële kwestie. Als je excuses aanbiedt, dan volgt in de beleving van het kabinet dat er financieel ook iets tegenover moet staan”.

 Burgemeester Victor Molkenboer betreurt het dat het altijd over geld gaat. “Er is onvoldoende begrip voor de pijn die dit soort situaties bij mensen met zich mee brengt. Dat doen we gewoon slecht in Nederland! Terwijl we de reputatie zouden moeten hebben dat we er goed over kunnen praten. Dan zouden we een voorbeeld voor andere landen kunnen zijn”.  

Volgens het AD is het kabinet overigens niet van plan officiële excuses te maken voor het Nederlandse aandeel in slavenhandel en slavernij. De woorden van ‘diepe spijt en berouw’ die het vorige kabinet uitsprak, blijven gelden.