Was het moord, zelfmoord of echt een ongeval? De fatale val van jazztrompetist Chet Baker uit een Amsterdams hotelraam zal altijd een mysterie blijven. De speelflim 'My Foolish Heart' reconstrueert Bakers laatste dagen in zijn favoriete stad.

De film is volgens regisseur Rolf van Eijk zoveel mogelijk waarheidsgetrouw. Het script is grotendeels gebaseerd op herinneringen van de Amsterdamse trompettist Evert Hekkema, die in de film als huisgenoot Simon wordt gepresenteerd. Chet Baker woonde met zijn toenmalige vriendin Diane Vavra begin jaren tachtig langere tijd in bij Hekkema. “Toen ik als 15-jarige jongen trompet ging spelen, was Chet al een held voor mij. Ik genoot van Chets muzikaliteit. Soms was hij in bloedvorm, dan kreeg hij iedereen stil. Een enkele keer haalde hij het optreden helemaal niet vanwege alle stuff die hij had gebruikt“, blikt Hekkema terug.

Ook regisseur Rolf van Eijk was fan, maar ziet ook de duistere kanten: “Ik was gefascineerd door de grootsheid van zijn poëtische, romantische muziek. Hij werd geadoreerd door miljoenen mensen. Dat staat in schril contrast met zijn tragische klassieke artiestenleven, vol drugs en eenzaamheid. Aanbeden door vele fans, maar hij kon geen liefde toelaten en niet intiem worden met een vrouw. Hij stierf alleen.“

Van Eijk werd op een moeilijk moment in zijn leven persoonlijk geraakt door Bakers muziek. “Toen ik 24 was, ging mijn relatie uit met een vriendin die ik zes jaar had. Ik was boos en verdrietig. Door Chet’s kwetsbare, intieme muziek en fragiele stem kwam ik in me zelf. Mijn boosheid en ego werden verzacht, de wrok verdween en ik werd kwetsbaar. Ik kon mijn liefdesverdriet daardoor een plek geven. Het werkte reinigend.”

'Hij leefde helemaal in zijn eigen wereld'

Evert kreeg gaandeweg steeds meer last van Chets verslaving. “Na twee jaar en twee maanden was ik het zat. Zijn vriendin Diane had weinig doel in het leven. Af en toe pikte ze wat geld en verdween naar Amerika, naar haar moeder. Ik geloof dat ze ook een zoon had. Dan was Chet ontzettend alleen. Maar als ze samen waren, hadden ze ook vaak hoogoplopende ruzies.”

Nadat Chet door Hekkema op straat was gezet, overnachtte hij vaak boven De Kroeg. De huidige eigenaar Jur Scherpenzeel herinnert zich dat hij daar vaak speelde: “Of hij nu voor twintig man of voor een volle bak speelde, met goede muzikanten of niet, dat kon hem niet schelen.” Scherpenzeel laat zien hoe Chet erbij zat: ineengedoken op een stoel, benen over elkaar, trompet aan de mond of bungelend aan een vinger. “Ik heb hem nooit gesproken, hij was niet zo’n spreker. Hij leefde volgens mij helemaal in zijn eigen wereld.”

'Mensen zijn hier niet zo bekrompen als elders'

Amsterdam was een van Chets favoriete steden. “Mensen zijn hier niet zo bekrompen als elders” vond hij. De Zeedijk was in die tijd een vrijhaven voor junks en dealers. De verslaafde Baker had hier gemakkelijk toegang tot heroïne en cocaïne. Ook die bewuste avond moet hij gebruikt hebben: politieonderzoek wees uit dat hij onder invloed van drugs uit het raam is gevallen.

Volgens Hekkema zat Chet graag in vensterbanken. "Ze vonden hem met pin en ketting in de hand, hij heeft zich willen vastklampen." Anderen beweren dat het smalle hotelraam maar 20 centimeter open kon. Het was in dat geval dus zelfmoord. Weer een andere versie luidt dat Baker enorme schulden had bij dealers, en dat hij daarom zou zijn vermoord.

‘Hij stond bekend als onbetrouwbare junkie’

Chet zou op donderdagavond 12 mei 1988 spelen met tenorsaxofonist Archie Shepp in Laren. Cees Schrama , presentator van het beroemde jazz- radioprogramma Sesjun wacht in spanning op Baker, omdat er opnamen gemaakt zouden worden.

"Hij stond bekend als een onbetrouwbare junkie. Maar hij speelde zes keer voor Sesjun en al die avonden kwam hij op tijd en speelde werkelijk grandioos. Je kon een speld horen vallen. Hij miste alleen dat concert in 1988. Later bleek dat hij die nacht was overleden na een val uit het raam van zijn hotelkamer.”

In de loop der jaren had Schrama de trompettist wel een beetje leren kennen: "Ik heb hem natuurlijk niet alleen die zes keer voor de TROS meegemaakt, maar ook bij andere concerten. Want mijn eerste concert was in 1955. Met Dick Twardzik op piano; het beroemde concert in het Kurhaus in Scheveningen. Dat was mijn eerste concert waarbij ik tranen in mijn ogen kreeg, toen ik zag dat Dick Twardzik en Chet Baker na het spelen van een ballade elkaar in de armen vielen. Verpletterend.”

Tijdens het Nederlands Film Festival gaat My Foolish Heart op 29 september in première. De film is vanaf 1 november in de bioscoop te zien.