Grote ophef vandaag over een IS-strijder die op valse papieren in Nederland zou verblijven. Het gaat om een 31-jarige Syriër die in september nog een bezoek bracht aan cultureel centrum de Balie in Amsterdam. Oud-chef van de Militaire Inlichtingen en veiligheidsdiensten (MIVD), Peter Cobelens vindt dat er nu actie ondernomen moet worden: “Als de feiten echt kloppen, dan moet hij meteen gearresteerd worden door de diensten.”

De Syriër werd in september herkend door de leden van groep Raqqa is Being Slaughtered Silently (RBSS), waar hij in publiek zat om een documentaire te bekijken.Toen de man door had dat herkend, maakte hij zich uit te voeten en verliet hij per fiets het Leidseplein. Dit was dus 2 maanden geleden.

Iemand volgen soms zinvoller

Peter Cobelens, oud-MIVD baas stelt dat de diensten hele goede redenen kunnen hebben gehad om de man niet meteen in de kraag te grijpen. “Als de diensten iemand op de korrel hebben, is het soms heel zinvol iemand te volgen om op die manier een groter netwerk op te rollen.”

Cobelens heeft weinig begrip voor alle verontwaardiging in politiek Den Haag hierover. “Deze man is bekend bij de diensten en kennelijk niet bang om zich in het openbaar te manifesteren. Als er aanleiding was hem meteen op te pakken was dat echt wel gebeurd.”

Nu in de kraag grijpen

Nu echter via de media naar buiten is gekomen dat deze man vrij rondloopt is er geen enkele reden meer volgens Cobelens om hem niet op te pakken. “Hij weet nu dat hij gevolgd door alle mediaberichten, dus als die allemaal kloppen dan moet hij nu meteen gearresteerd worden door de diensten.”

Eerder vandaag reageerde het CDA geschokt op feit dat deze IS-strijder gewoon in het publiek bij de Balie had gezeten. Kamerlid Madeleine van Toorenburg (CDA) wil van Minister Grapperhaus weten hoe dit kan. "Dit is zeer ernstig. De politie was immers geïnformeerd over de risico's van de bijeenkomst. Als de politie er was geweest had de man opgepakt kunnen worden. Dit is een ernstig gemiste kans."

De AIVD wil het verhaal niet bevestigen en niet op individuele gevallen ingaan.